Toevalsvondstonderzoek, bestaande uit archeologische opvolging van de werken, handmatige landschappelijke boringen en mechanische landschappelijke boringen. Een archeologische opgraving werd uiteindelijk niet uitgevoerd maar er werd gekozen voor maximaal behoud in situ.
Natuurwetenschappelijk onderzoek omvatte radiokoolstofdatering, dendrochronologisch en houtonderzoek, onderzoek van plantaardige macroresten en molluskenonderzoek.
Daarnaast werden referentiestalen genomen voor mogelijk toekomstig fysico-chemisch, sedimentologisch, palynologisch (pollen) en diatomeeënonderzoek.
Auteurs: Pieters, Marnix; Demerre, Ine
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Bron: PIETERS M., BAETEMAN C., COUSSERIER K., DEBRUYNE S., DE DECKER S., HANECA K., MAHIEU E., MEYLEMANS E., PLETS R. & VAN LAECKE J. 2026: Het mysterie van de ‘Boot van Oostende’ gedeeltelijk ontrafeld (West-Vlaanderen). Eindverslag van een toevalsvondst, Onderzoeksrapporten agentschap Onroerend Erfgoed 388, Agentschap Onroerend Erfgoed, Brussel.
Type: eindverslag (archeologieportaal)
Datum: