Een landschappelijk bodemonderzoek aan de hand van boringen werd uitgevoerd alsook een proefsleuvenonderzoek.
Vijftien sleuven werden aangelegd door middel van een kraan van 21 ton, op rupsbanden met een gladde kraanbak van 1,8 m breed. De teelaarde werd laagsgewijs verdiept tot op het eerste archeologische niveau. Bij het verdiepen van de teelaarde werd elke laag afgespeurd op eventuele vondsten.
Auteurs: Van Steenlandt, Margo; De Puydt, Marjolijn
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Bron: VAN STEENLANDT M. & DE PUYDT M. 2026: Nota landschappelijk bodem- en proefsleuvenonderzoek Fase 1 Aarschot, Senatorlaan 12: Verslag van Resultaten, INDAR, Beerse
Type: nota (archeologieportaal)
Datum: