Het vooronderzoek omvatte drie gefaseerde stappen. Een landschappelijk bodemonderzoek werd uitgevoerd met 9 manuele boringen (edelmanboor, diameter 7 cm) op een verspringend driehoeksgrid van 17 x 30 m (ca. 9 boringen/ha) tot een diepte van 1,20 tot 2,0 m -mv. Het verkennend archeologisch booronderzoek dat volgde werd uitgevoerd met 68 manuele edelmanboringen (diameter 12 cm) geplaatst volgens een dicht driehoeksgrid van 10 x 12 m tot een diepte van max. 1,80 m -mv. Het sediment werd nat gezeefd over een mazenwijdte van 2 mm.
Vervolgens werd een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd, m.b.v. 8 machinale proefsleuven met een totale onderzochte oppervlakte van 1.439 m2 (dekkingsgraad van 14,3% van het plangebied van 9.980 m2). Sleuven van 2 m breed werden laagsgewijs afgegraven met een 21-tons rupskraan voorzien van een gladde graafbak. Een vlak werd aangelegd onder de teelaarde/Bhs-horizont tussen 40 en 90 cm -mv (7,8 tot 8,7 m +TAW).
Auteurs: Vergauwe, Ruben; Derweduwen, Natascha
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Bron: VERGAUWE R., DERWEDUWEN N., LANDUYDT, P.-P. & CALIS J. 2026: Nota Veldstraat 31-37 te Sijsele (Damme) Deel I: Verslag van resultaten, Landschappelijk bodemonderzoek –2026D151, Verkennend archeologisch booronderzoek–Proefsleuvenonderzoek, Eke.
Type: nota (archeologieportaal)
Datum: