Het archeologisch onderzoek op het Fochplein te Leuven werd uitgevoerd in het kader van de heraanleg van het plein en de bouw van een ondergrondse fietsenstalling. De opgraving vond plaats tussen oktober 2010 en maart 2011, waarbij een team van dertien archeologen gedurende 85 werkdagen een oppervlakte van circa 2050 vierkante meter onderzocht. Ongeveer de helft van dit gebied werd tot zes meter onder het maaiveld afgegraven. Voorafgaand aan de opgraving werd een bureaustudie en een archeologisch vooronderzoek met proefputten uitgevoerd, waarbij reeds laatmiddeleeuwse structuren werden vastgesteld.
De opgravingsstrategie was pragmatisch opgezet vanwege de complexe stedelijke omstandigheden, waaronder gelijktijdige civiele werken, natte omstandigheden en veiligheidsaspecten. Eerst werden alle bewaarde kelders blootgelegd en na registratie werden de vloeren uitgebroken om oudere bouwfasen en vloerniveaus te documenteren. Achtererven werden, afhankelijk van de situatie, machinaal of manueel verdiept, waarbij uiteindelijk vanwege de hoge dichtheid aan sporen vooral manueel werd gewerkt. Machinaal werden kelders leeggehaald tot op vloerniveau, waarna opschoning en detailregistratie volgden met schop, truweel en borstel. Structuren en sporen werden zowel digitaal als manueel op schaal 1/20 ingetekend, met nauwkeurige aanduiding van bouwnaden en andere details. De stratigrafische relaties werden vastgelegd met behulp van de Harris-matrix en de werkput werd ingedeeld in twintig zones voor systematische registratie.
Alle muren, vloeren en sporen werden beschreven, gefotografeerd en ingetekend. Kuilen werden gecoupeerd, gefotografeerd en ingetekend, en waar mogelijk werden profielen aangelegd en geregistreerd. Voor natuurwetenschappelijke analyses werden stalen genomen voor pollen-, paleo-botanisch en archeozoölogisch onderzoek. Zeefstalen werden gezeefd op verschillende maaswijdten, en in totaal werden stalen genomen uit 74 lagen en sporen. Voor de ceramiek werd het Deventer-systeem gebruikt voor vormclassificatie, aangevuld met typochronologische en bakselanalyses. Vondsten werden per context ingezameld en geanalyseerd op datering, typologie en tafonomie. Specialistische analyses werden uitgevoerd op glas, metaal, bouwmaterialen, leer, textiel en andere vondstcategorieën. Scherven van aardewerk en glas werden waar mogelijk geprepareerd tot volledige profielen of fragmenten, en metalen werden geconserveerd om corrosie te stoppen. Natuurwetenschappelijke analyses, zoals pollenonderzoek, macrorestenonderzoek en archeozoölogie, gaven inzicht in voeding, landbouw, fauna en flora. Radiokoolstofdateringen werden niet toegepast, omdat voldoende dateerbaar materiaal aanwezig was.
Auteurs: Jansen, Isabelle
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Bron: Smeets, M. & Vander Ginst, V. 2012: Het archeologisch onderzoek op het Fochplein te Leuven, Archeo-rapport 94, Kessel-Lo.
Type: literatuur
Datum:
Toelichting: C.K.:Smeets:2012ac