Persoon

Sir Blomfield, Reginald

ID: 363   URI: https://id.erfgoed.net/personen/363

Beschrijving

Sir Reginald BLOMFIELD (1856 – 1942): Blomfield had in Engeland reeds meerdere landhuizen en clubhuizen op zijn naam staan. Hij was een belangrijke auteur inzake Renaissance architectuur. Hij werd als ‘principal architect’ van de I.W.G.C. verantwoordelijk voor 118 begraafplaatsen, waarvan Lijssenthoek Military Cemetery (Poperinge) wellicht één van de meest indrukwekkende is. In Ieper tekende hij o.m. de plannen van de Menenpoort en de St-George’s Memorial Church. Hij ligt eveneens aan de basis van het ‘Cross of Sacrifice’, dat op iedere Britse militaire begraafplaats terug te vinden is. In vergelijking met de andere hoofdarchitecten hanteerde Blomfield wellicht het meest een historisch getint classicisme.

Principes van de ‘Imperial War Graves Commission’. Reeds vroeg in de oorlog werd beslist dat de Britse doden niet mochten gerepatrieerd worden, onder meer omwille van hygiënische en financiële redenen. Bovendien werd het standpunt ingenomen dat alle doden, ongeacht rang of stand, gelijk behandeld moesten worden. Hiermee wou men voorkomen dat enkel vermogende families hun familieleden konden laten overbrengen naar het thuisfront. Dit verbod lokte tijdens en na de oorlog hevige protesten uit bij de Britse publieke opinie. Protesten die de nieuwbakken instelling maar met moeite wist te trotseren. Er zijn verhalen bekend van familieleden die clandestien poogden hun geliefden zelf te ontgraven en over te brengen. En hier en daar zijn nog unieke uitzonderingen op deze regel bewaard gebleven, zoals op het kerkhof van Zillebeke, waar enkele private Britse graftekens staan.

Het gelijk behandelen van de doden zou in de na-oorlogse aanleg van de begraafplaatsen en de oprichting van gedenktekens voor vermisten opgevolgd worden. De vier belangrijkste pijlers van de ‘War Graves Commission’ zijn:

- iedere dode moet individueel herdacht worden op een grafsteen of op een monument

- de grafstenen en monumenten moeten permanent en duurzaam zijn

- de grafstenen zijn uniform qua ontwerp

- er mag geen onderscheid gemaakt worden naar rang of stand.

De Britse graven werden na de oorlog in de mate van het mogelijke ongemoeid gelaten. Begraafplaatsen van minimum 40 graven werden in principe ter plekke behouden. Door de oorlogsomstandigheden is de aanleg van dergelijke ‘oorspronkelijke begraafplaatsen’ vaak niet gestructureerd verlopen, waardoor ze een onregelmatige aanleg hebben. Soms werden meerdere kleinere begraafplaatsen omgevormd tot één grote begraafplaats. Toch moesten heel wat lijken na de oorlog ontgraven worden, omdat ze geïsoleerd of op te kleine begraafplaatsen lagen. Deze werden ‘geconcentreerd’ op bestaande begraafplaatsen of op nieuw aangelegde verzamelbegraafplaatsen. De Belgische staat kocht de gronden aan waarop de Britse begraafplaatsen werden aangelegd en schonk ze ‘voor eeuwig’ aan het Britse volk. Hieraan herinneren de zogenaamde drietalige ‘landplaten’, die op alle Britse begraafplaatsen terug te vinden zijn. De architecten Het feit dat geliefden niet mochten worden gerepatrieerd, wou men compenseren met een kwalitatief hoogstaande aanleg en onderhoud van de begraafplaatsen. Vandaar dat heel veel aandacht werd besteed aan de architectuur van de begraafplaatsen.

Eerst drie, later vier ‘principal architects’ werden aangezocht om de aanleg van Britse militaire begraafplaatsen op het vasteland vorm te geven. Het gaat om de befaamde Edwin Lutyens, Reginald Blomfield, Herbert Baker en als laatste Charles Holden. Deze 4 hoofdarchitecten waren vooral werkzaam in België en Frankrijk en waren eindverantwoordelijke voor de aanleg van de begraafplaatsen, die hen toegewezen waren. Hiertoe werden ze bijgestaan door diverse ‘assistent architects’, waarvan W.H. Cowlishaw, G.H. Goldsmith, N.A. Rew, A.J.S. Hutton, J.R. Truelove en W.C. Von Berg in Vlaanderen actief waren. In andere landen waren ook andere architecten actief. Deze uitvoerende architecten zorgden heel vaak voor de feitelijke ontwerpen, die ze vervolgens door de aangestelde hoofdarchitect lieten goedkeuren. De nobelprijswinnaar voor literatuur Rudyard Kipling was verantwoordelijk voor de opschriften die op diverse architecturale elementen van de begraafplaatsen terug te vinden zijn.

Tekst Hannelore Decoodt, Beschermingsdossier DW002414.


Erfgoedobjecten

Ontwerper van

Aeroplane Cemetery

Zonnebeekseweg zonder nummer (Ieper)
Een Brits vliegtuig stortte in 1915 neer nabij het huidige 'Cross of Sacrifice', waardoor de begraafplaats zijn huidige naam verwierf. Na de wapenstilstand werd de begraafplaats aangevuld met circa 960 graven uit de omliggende slagvelden en kleinere begraafplaatsen.


Anglicaanse bidplaats en school

Elverdingestraat 1-3, 1A, Vandenpeereboomplein 43A (Ieper)
Anglicaanse bidplaats zogenaamd "Saint-Georges Memorial Church" en voormalig schooltje zogenaamd "Eton Memorial School", naar ontwerp van architect Sir Reginald Blomfield (Londen).


Artillery Wood Cemetery

Poezelstraat zonder nummer (Ieper)
Gelegen langs de Poezelstraat, tegenover huisnummer 3, op circa één kilometer ten oosten van Boezinge-dorp. De begraafplaats ligt ten oosten van het kanaal Ieper-IJzer, ten noorden van de voormalige spoorlijn Ieper-Langemark en het Bretoens calvariekruis bij het 'Verzet'.


Bard Cottage Cemetery

Diksmuidseweg zonder nummer (Ieper)
Gelegen langs de N369 (Diksmuidseweg), naast de inrit naar huisnummer 225, op grondgebied Boezinge, op circa 50m ten westen van het kanaal Ieper-IJzer, op circa 600m ten noorden van Essex Farm Cemetery en op circa 800m ten zuiden van Talana Farm Cemetery. De omgeving is vlak.


Bedford House Cemetery

Rijselseweg zonder nummer (Ieper)
Het Britse militaire Bedford House Cemetery is gelegen op anderhalve mijl ten zuiden van Ieper, ten zuidoosten van de historische hoeve Zuid Bellegoed, dat tijdens de Eerste Wereldoorlog tijdelijk gebruikt werd als veldhospitaal.


Bleuet Farm Cemetery

Boezingestraat zonder nummer (Ieper)
In juni 1917 werd gestart met de begraafplaats. Na de oorlog werden nog 2 graven uit de omliggende slagvelden toegevoegd, terwijl een Frans graf werd verwijderd.


Brandhoek Military Cemetery

Grote Branderstraat zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats Brandhoek Military Cemetery (op het gehucht Brandhoek) is gestart in mei 1915 naast een medische post. De begravingen werden hier stopgezet in juli 1917, wegens plaatsgebrek. Volgens het huidige register liggen er nu 671 doden graven. De begraafplaats werd ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Brandhoek New Military Cemetery

Zevekotestraat zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats Brandhoek Military Cemetery is gestart in mei 1915 naast een medische post. De begravingen werden hier stopgezet in juli 1917, wegens plaatsgebrek. Toen werd Brandhoek New Military Cemetery geopend, Brandhoek New Military Cemetery zou gebruikt worden in juli en augustus 1917.


Brandhoek New Military Cemetery No 3

Zevekotestraat zonder nummer (Ieper)
Gelegen langs de Zevekotestraat, tegenover huisnummer 30, op circa 100m ten zuiden van de N38, op circa 2km ten westen van de kerk van Vlamertinge. Aan de overkant van de straat ligt Brandhoek New Military Cemetery, iets meer naar het oosten toe, langs de Grote Branderstraat, ligt Brandhoek Military Cemetery.


Britse militaire begraafplaats Cement House Cemetery

Boezingestraat zonder nummer (Langemark-Poelkapelle)
De nabijgelegen boerderij werd door Britse eenheden 'Cement House' genoemd. Duitse eenheden hadden er een stevige betonnen constructie opgetrokken. De verovering van deze boerderij in augustus 1917 (tijdens de Derde Slag bij Ieper) gebeurde ten koste van heel wat mensenlevens.


Britse militaire begraafplaats Dochy Farm New British Cemetery

Zonnebekestraat zonder nummer (Langemark-Poelkapelle)
De begraafplaats, gelegen op een tijdens de oorlog fel begeerde heuvelrug, is genoemd naar een nabijgelegen boerderij. 'Dochy Farm' werd door Duitse eenheden uitgebouwd tot een versterking.


Britse militaire begraafplaats Dozinghem Military Cemetery

Leeuwerikstraat zonder nummer (Vleteren)
Het ontwerp van de begraafplaats is van de hand van R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Britse militaire begraafplaats Gwalia Cemetery

Elverdingseweg zonder nummer (Poperinge)
De hoeve bij de begraafplaats werd tijdens de Eerste Wereldoorlog door Britse militairen 'Gwalia Farm' genoemd, naar een plaatsje in Wales. Vanaf 29 juni 1917 nam de ‘143th Field Ambulance’ haar intrek in de hoeve. Er werd een speciale spoorlijn aangelegd om de toevoer van gewonden en materiaal te vergemakkelijken. De begraafplaats zou gebruikt worden vanaf begin juli 1917 tot in september 1918. Volgens het huidige register liggen er 470 doden uit de Eerste Wereldoorlog begraven.


Britse militaire begraafplaats Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery

Nachtegaalstraat zonder nummer (Poperinge)
Britse begraafplaats in 1917 ontstaan bij ‘casualty clearing stations’ (C.C.S. of veldhospitaal). De naam ‘Bandaghem’ is het gevolg van de creativiteit van enkele militairen, als een samenvoeging van ‘to bandage’ (verbinden) met een Vlaams klinkend achtervoegsel.


Britse militaire begraafplaats Lijssenthoek Military Cemetery

Boescheepseweg zonder nummer (Poperinge)
Lijssenthoek Military Cemetery is een Britse begraafplaats ontstaan bij ‘Remi Farm’. De hoeve van Remi Quaghebeur lag aan de spoorlijn Hazebrouck-Poperinge. Tegen de Wapenstilstand was Lijssenthoek Military Cemetery uitgegroeid tot de grootste Commonwealthbegraafplaats in België. Volgens het huidige register liggen er in totaal 10.785 doden uit de Eerste Wereldoorlog.


Britse militaire begraafplaats Mendinghem Military Cemetery

Roesbruggestraat zonder nummer (Poperinge)
De eerste begrafenis op Mendinghem Military Cemetery gebeurde in augustus 1916. De begraafplaats is ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en W.C. Von Berg (uitvoerend architect).


Britse militaire begraafplaats Nine Elms British Cemetery

Helleketelweg zonder nummer (Poperinge)
Deze plaats, ‘Nine Elms’, werd genoemd naar een laan in Londen. De begraafplaats werd voor het eerst gebruikt tijdens de Derde Slag bij Ieper, vanaf 16 september 1917.


Britse militaire begraafplaats Old Military Cemetery

Deken De Bolaan zonder nummer (Poperinge)
De Old Military Cemetery werd nog tijdens de Eerste Slag bij Ieper in oktober 1914 in gebruik genomen, in functie van een vlakbij ingerichte medische voorziening.


Britse militaire begraafplaats Poperinghe New Military Cemetery

Deken De Bolaan zonder nummer (Poperinge)
De Old Military Cemetery werd gebruikt tijdens de Eerste en Tweede Slag bij Ieper en werd begin mei 1915 gesloten. De New Military Cemetery werd vanaf juli 1915 ook door de Britten gebruikt.


Britse militaire begraafplaats Reninghelst New Military Cemetery

Baljuwstraat zonder nummer (Poperinge)
Het kerkhof en zijn ‘Extension’ werden gebruikt van maart tot november 1915. Toen werd het 'New Military Cemetery' geopend. De begraafplaats werd geleidelijk aan naar het zuidwesten uitgebreid. Na de oorlog werd ze heraangelegd door R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Britse militaire begraafplaats Saint Julien Dressing Station Cemetery

Felix Nadarstraat zonder nummer (Langemark-Poelkapelle)
Vanaf september 1917, toen Sint-Juliaan in geallieerde handen gevallen was tijdens de Derde Slag bij Ieper, richtten Britse eenheden in het dorp een 'dressing station' (medische post) in. Noodzakelijkerwijze diende er ook een begraafplaats aangelegd te worden. Deze bleef in gebruik tot in maart 1918.


Canada Farm Cemetery

Elzendammestraat zonder nummer (Ieper)
Canada Farm Cemetery werd gestart met de Mijnenslag (7 juni 1917). Volgens het huidige register liggen er 898 Britten en 9 Canadezen begraven. De begraafplaats is ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en A.J.S. Hutton (uitvoerend architect).


Divisional Collecting Post Cemetery and Extension

Hogeziekenweg zonder nummer (Ieper)
Divisional Collecting Post Cemetery and Extension bestaat in feite uit twee begraafplaatsen, die pas in 2001 bijeengevoegd werden. Divisional Collecting Post Cemetery is de oorspronkelijke begraafplaats. Deze begraafplaats werd gestart in augustus 1917.


Duhallow A.D.S. Cemetery

Diksmuidseweg zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats werd gestart op 31 juli 1917. Na de wapenstilstand werden 633 doden overgebracht naar 'Duhallow A.D.S. Cemetery'.


Essex Farm Cemetery

Diksmuidseweg zonder nummer (Ieper)
Essex Farm Cemetery ligt langs de Diksmuidseweg (N369) naast huisnummer 148, ten noorden van de Noorderring en ten westen van de Ieperlee en het kanaal Ieper-IJzer. De begraafplaats maakt deel uit van de zogenaamde Kanaalsite John McCrae.


Ferme-Olivier Cemetery

Steentjemolenstraat zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats werd vanaf 9 juni 1915 in gebruik genomen en werd ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Hagle Dump Cemetery

Sint-Pieterstraat zonder nummer (Ieper)
De aanleg van de begraafplaats nabij een rustkamp en een depot dat 'Hagle Dump' genoemd werd, begon in april 1918.


Hop Store Cemetery

Poperingseweg zonder nummer (Ieper)
Het hoppemagazijn ten westen van het dorp lag binnen de ‘veilige zone’ en fungeerde tijdens de oorlog als medische post. De begraafplaats ontstond er in mei 1915. De begraafplaats werd ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en A.J.S. Hutton (uitvoerend architect).


La Brique Military Cemetery No 1

Pilkemseweg zonder nummer (Ieper)
La Brique verwijst naar het gehucht Brieke, dat genoemd was naar een oude steenbakkerij. La Brique Military Cemetery No 1 werd gestart in mei 1915. Volgens het huidige register liggen er hier 91 doden uit het Verenigd Koninkrijk begraven. De begraafplaats werd ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en G.H. Goldsmith (uitvoerend architect).


La Brique Military Cemetery No 2

Pilkemseweg zonder nummer (Ieper)
‘La Brique’ verwijst naar het gehucht Brieke, dat genoemd was naar een oude steenbakkerij, die hier stond vóór de Eerste Wereldoorlog uitbrak. La Brique Military Cemetery No 2 werd gestart in februari 1915. Na de wapenstilstand werden nog graven uit de omliggende slagvelden toegevoegd.


Menensepoort

Menenstraat zonder nummer (Ieper)
Menensepoort 24 juli 1927: plechtige inhuldiging in aanwezigheid van Koning Albert van het Brits gedenkteken van de Menensepoort, het meest beroemde van de Missing Memorials, door veldmaarschalk Lord Plumer.


Menin Road South Military Cemetery

Meenseweg zonder nummer (Ieper)
Er gebeurden op de begraafplaats voor het eerst bijzettingen in januari 1916. Na de wapenstilstand werden 203 graven toegevoegd van uit de omliggende slagvelden.


New Irish Farm Cemetery

Briekestraat zonder nummer (Ieper)
Deze begraafplaats werd geopend in augustus 1917. Na de wapenstilstand werd de begraafplaats uitgebreid met circa 4560 graven afkomstig uit de omliggende slagvelden en kleinere begraafplaatsen.


Oxford Road Cemetery

Wieltje zonder nummer (Ieper)
Oxford Road Cemetery is genoemd naar een weg die ten zuidwesten van het gehucht Wieltje liep richting Potyze. Deze begraafplaats werd in gebruik genomen vanaf 1917. Na de wapenstilstand werden nog graven toegevoegd door de concentratie van graven verspreid over de omliggende slagvelden ten oosten en zuidoosten van Ieper.


Potijze Burial Ground Cemetery

Potijzestraat zonder nummer (Ieper)
Potijze Burial Ground Cemetery werd gebruikt tussen april 1915 en oktober 1918. Volgens het huidige register liggen er 586 militairen begraven. De begraafplaats is ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Potijze Chateau Lawn & Grounds Cemeteries

Zonnebeekseweg zonder nummer (Ieper)
Potijze Chateau Lawn Cemetery werd gebruikt tussen mei en december 1915 en tussen juli 1917 en oktober 1918. Hier liggen nu volgens het huidige register 229 doden begraven.


Potijze Chateau Wood Cemetery

Zonnebeekseweg zonder nummer (Ieper)
Potijze Chateau Wood Cemetery (het bos waarin de begraafplaats lag, is verdwenen) werd gebruikt vanaf april 1915. Potijze Chateau Wood Cemetery werd ontworpen door R. Blomfield (hoofdarchitect) en N.A. Rew (uitvoerend architect).


Ramparts Cemetery, Lille Gate

Rijselstraat zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats heeft een grotendeels gebogen grondplan, met een oppervlakte van circa 1870 vierkante meter en een afhellend terrein. Ze is ontworpen door Reginald Blomfield, met medewerking van G.H. Goldsmith.


Solferino Farm Cemetery

Kapellestraat zonder nummer (Ieper)
De naam 'Solferino Farm' werd aan de boerderij tegenover de begraafplaats gegeven door Franse troepen. De aanleg van de begraafplaats werd pas in oktober 1917 gestart. Er liggen eveneens 5 doden uit de Tweede Wereldoorlog begraven.


Talana Farm Cemetery

Diksmuidseweg zonder nummer (Ieper)
'Talana Farm' behoorde tot een groep boerderijen die door het Brits leger een naam kregen die verwees naar de Zuid-Afrikaanse oorlog. De begraafplaats werd in april 1915 gestart.


Vlamertinghe Military Cemetery

Hospitaalstraat zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats werd gestart door Franse troepen in 1914. Op de begraafplaats liggen volgens het huidige register 1182 militairen begraven.


Vlamertinghe New Military Cemetery

Bellestraat zonder nummer (Ieper)
Deze begraafplaats werd gestart in juni 1917, toen een uitbreiding van Vlamertinghe Military Cemetery wegens plaatsgebrek niet meer mogelijk was. Het ontwerp van de begraafplaats is van de hand van R. Blomfield (hoofdarchitect) en J.R. Truelove (uitvoerend architect). Volgens het huidige register liggen er 1820 doden.


White House Cemetery

Brugseweg zonder nummer (Ieper)
Gelegen langs de Brugseweg, tegenover huisnummer 156, op grondgebied Sint-Jan en voor een klein deel aan de zuidwestelijke kant op grondgebied Ieper, op circa 500m ten zuidwesten van Sint-Jan in licht heuvelachtig en voornamelijk bebouwd gebied.


Ypres Reservoir Cemetery

Plumerlaan zonder nummer (Ieper)
De begraafplaats werd gestart in oktober 1915. Zo’n 1500 doden uit kleinere begraafplaatsen en de omliggende slagvelden werden na de wapenstilstand naar hier overgebracht.


Ypres Town Cemetery Extension

Zonnebeekseweg 6 (Ieper)
"Ypres Town Cemetery Extension" is een langwerpige, rechthoekige begraafplaats met een oppervlakte van circa 2725 vierkante meter, ontworpen door Reginald Blomfield, met medewerking van W.C. Von Berg.