Diamant en andere erfgoedparels in de stationsbuurt van Antwerpen

donderdag 8 mei 2014

Club Claridge

In samenspraak met de Dienst Monumentenzorg van de Stad Antwerpen werd de buurt rond het Centraal Station als prioritair naar voor geschoven binnen het herinventarisatieproject van de Stad Antwerpen. De druk van nieuwbouw is hier enorm.

Aanvullen en begrijpen

De herinventarisatie-oogst was niet groot. Slechts een veertigtal panden vulden de lijst van 48 al geïnventariseerde panden aan. Het stadsweefsel is hier verbrokkeld door grootschalige afbraak. We zagen grote braakliggende terreinen en nieuwbouwprojecten die volledige bouwblokken van de kaart veegden. De alomtegenwoordige parkeergarages en nieuwe etalages verstoren het historische straatbeeld.

Het belang bij de herinventarisatie van deze wijk lag in de nieuwe interpretaties die aan de inventarisrelicten konden toegekend worden door onderzoek van de bouwaanvragen.

Onze voorgangers in het inventarisatieproject hadden niet de luxe van de digitaal ontsloten historische bouwdossiers in het stadsarchief. Systematische consultaties van archieven was toen nog onhaalbaar, waardoor af en toe foute conclusies werden getrokken of conclusies net ontbraken.

Een duidelijk voorbeeld is de goederenloods van de spoorwegen die in 1913 in de Vestingstraat gebouwd werd. De link met de spoorwegen werd, door het missen van archiefgegevens, en ondanks de symboliek in de gevel, eerder niet gelegd. Nochtans ligt de erfgoedwaarde van dit pand net in deze thematisch-typologische hoek; de nabijheid van het Centraal Station is geen toeval.

Diamant

Het meest tot de verbeelding sprekende thema in deze buurt is de diamant. Sinds de 19de eeuw is de Antwerpse diamanthandel hier geconcentreerd.

Het monumentale uithangbord van deze sector is natuurlijk de als monument beschermde Beurs voor de diamanthandel in de Pelikaanstraat.

Naar de andere architecturale getuigen van de diamanthandel moet je beter zoeken. Fortunia bijvoorbeeld, was tot voor kort schromelijk miskend in onze inventaris als "Imposant hoekpand van zeven verdiepingen op hoek met Vestingstraat (1929, J. de Lange), met winkels op begane grond." Het bouwdossier leerde ons dat het een beursgebouw is dat de "Internationale Diamanthandelaarsvereeniging Fortunia" rond 1910 liet optrekken naar een ontwerp van architect Max Winders. Functie, datum, ontwerper en evaluatie van dit pand werden dus bijgesteld.

Wel van Jos de Lange is het kantoorgebouw tegenover Fortunia, waarmee de oeuvrelijst van deze architect met een atypisch gebouw werd aangevuld.

Een vergelijkbare sobere kantoorarchitectuur zien we bij de drie bewaarde diamantslijperijen die we door archiefonderzoek konden herkennen. Getypeerd door hun sobere gevels, kun je deze gebouwen van buitenaf enkel van kantoor- of flatgebouwen onderscheiden door de grote ramen en de vele opschriften van slijpers en diamantairs die hier nog steeds werken.

Diamant is historisch verweven met de Joodse gemeenschap in Antwerpen. De ooit met een aanslag belaagde en ondertussen zwaar bewaakte synagoge in de Hoveniersstraat is een evidentie. Andere synagogen zijn gevestigd achter de neutrale gevels van neoclassicistische herenhuizen.

Vroeg neoclassicisme

Dat een neoclassicistische gevel niet uitzonderlijk is in deze buurt, bewijzen de cijfers: 71 van de 86 geïnventariseerde panden zijn voorbeelden van deze stijl.

Daarin volgt de wijk de rest van het 19de-eeuwse stadsdeel. De standaard 19de-eeuwse stadswoning is een rijhuis van drie traveeën en drie bouwlagen met een witgepleisterde lijstgevel en eenvoudige neoclassicistische ornamentiek. Meestal dateren die huizen van rond 1890. Verrassend in de stationswijk is dat hier oudere woningen, uit het derde kwart van de 19de eeuw de sloophamer overleefden. Hun verzorgde soberheid verraadt hun ouderdom. Een paar meer versierde voorbeelden kunnen als voorzichtige interpretaties van de second empire gezien worden.

Te laat

Voor een neoclassicistisch hoekpand uit 1871 waren we net te laat. Het had er nochtans bij gemogen, omdat het een goed voorbeeld is van het oeuvre van Edmond Leclef, of omdat neoclassicisme nu eenmaal de essentie is van de 19de-eeuwse stad. Toen we eind april 2013 het stadspark naderden, was maar de helft van het huis meer over.

Cinema

Voor de cinema’s kwamen we helemaal te laat. Tot na de Tweede Wereldoorlog vormde de stationsbuurt nochtans het hart van het Antwerpse uitgaansleven. Druk bezochte bioscopen en luxueus aangeklede danspaleizen domineerden de straten. De verloederde aanblik van de buurt heeft deze bloeifase uit het collectieve geheugen gewist. Van de cinema’s blijven enkel de gevels of wat foto’s over.

De meeste feestzalen ondergingen hetzelfde lot. Laat ons hopen dat Club Claridge gekocht wordt door een erfgoedliefhebber. Dit pand, met het waarschijnlijk nog bewaarde glamoureuze interieur, is een zwaar onderschatte topper in het Antwerps erfgoedlandschap. Architect Van Coppernolle is een nobele onbekende. Van zijn op art deco geïnspireerde oeuvre is deze feestzaal, pure art deco in al zijn details, het meesterwerk.

Even tot de verbeelding sprekend, is het theesalonnetje in neomoorse stijl met een verbluffend koepelplafond, achterin een woning in de Statiestraat. De sinds maanden openstaande bovenvensters lijken jammer genoeg voorbodes van een definitieve verhuis naar het archief.

Blik terug

Via deze link krijg je de volledige lijst van de geïnventariseerde panden in de stationswijk, tussen stadspark, spoorweg, Gemeentestraat en leien. Ze geven een beeld van hoe het vroeger was in deze ondertussen zwaar gehavende wijk.

Je kunt ook honderd jaar terug gaan in de tijd en vanuit de Pelikaanstraat een ritje maken door de stad.

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.