In volle glorie: het stadsgezicht Zurenborg

woensdag 8 april 2015

In 2013 werd een herwaarderingsplan opgemaakt voor het grote stadsgezicht dat het Berchemse deel van Zurenborg omvat. De gegevens uit dit plan werden verwerkt in de inventaris van het bouwkundig erfgoed van het agentschap Onroerend Erfgoed. Sindsdien kunnen we dit waardevolle bouwkundige erfgoed zowel beheersmatig als op deze website in zijn volle glorie waarderen.

Stadsgezicht Zurenborg

Carolus Magnus op de Cogels-Osylei

Sinds 10 januari 1980 is de buurt rond de Cogels-Osylei beschermd als stadsgezicht vanwege de artistieke en architectuurhistorische waarde. Concreet gaat het om het Berchemse deel van de wijk Zurenborg. De Cogels-Osylei, de Velodroomstraat, de Transvaalstraat, de Generaal Van Merlenstraat, de Generaal Capiaumontstraat, de Waterloostraat, het Tramplein en een deel van de Leemputstraat, Pretoriastraat, Gulden Vliesstraat en Uitbreidingsstraat zijn er in opgenomen.

De afbakening van het stadsgezicht omvat ongeveer 540 panden. Op 11 april 1984 werden binnen dit beschermde stadsgezicht 170 panden individueel beschermd als monument.

Het bouwkundig erfgoed in het stadsgezicht geeft een overzicht van de stedelijke, burgerlijke architectuur van het einde van de 19de en het eerste kwart van de 20ste eeuw. We zien er veel traditionele, bij de burgerlijke smaak aanleunende bouwkunst, zoals neoclassicisme, beaux-artsstijl, eclecticisme en zelfs een paar ontwerpen in neorococo. Maar Zurenborg vormt ook een openluchtmuseum voor de art nouveau in Antwerpen, waarbij de Cogels-Osylei de pronkzaal is.

Deze hoogwaardige architectuur, in combinatie met de unieke ontstaansgeschiedenis van de wijk, de geplande stratenaanleg en de voortuinstroken, maken van Zurenborg een uniek ensemble binnen het architecturaal patrimonium van Vlaanderen.

Herwaarderingsplan

De stad Antwerpen nam het initiatief om voor het volledige stadsgezicht van Zurenborg een herwaarderingsplan op te maken. Het project werd in 2013 afgewerkt.

Een herwaarderingsplan is een op toekomstige ontwikkelingen gericht beleidsinstrument dat handelingen in het beschermd stads- of dorpsgezicht begeleidt. Het heeft als doel de beschermde historische karakteristieken te behouden of te versterken en een raamwerk te creëren waarbinnen zowel private eigenaars als openbare besturen initiatieven kunnen nemen om de Zurenborgwijk haar oorspronkelijke uitstraling terug te geven. Concreet wil het een halt toeroepen aan het verdwijnen van architecturale details, hekwerk, houtwerk en beplanting, een algemene teneur die een gestage achteruitgang betekent van het globale beeld van de wijk.

Bekrachtiging besluit WOII

Registratie van waardevol bouwkundig erfgoed

Binnen de afbakening van het stadsgezicht bevinden zich ongeveer 540 huizen. Allemaal werden ze geëvalueerd op hun erfgoedwaarde. De fotografische registratie van het aanwezige bouwkundig erfgoed, aangevuld met onderzoek van de historische bouwaanvragen, vormden de basis om de selectie te maken voor het herwaarderingsplan.

De selectie werd ruim opgevat, met de bedoeling zoveel mogelijk impact op de toekomstige ontwikkeling van de wijk te hebben. Ruim 70 procent van de woningen maakt deel uit van het herwaarderingsplan en kan aanspraak maken op een erfgoedpremie.

De panden die niet in overeenstemming zijn met de artistieke en architectuurhistorische waarden vermeld in het beschermingsbesluit van het stadsgezicht, werden niet geselecteerd en kunnen dus geen premie krijgen. Het gaat om panden die geen bijdrage vormen aan het stadsgezicht. Dat kunnen beeldverstorende panden zijn, huizen met atypische materialen, een afwijkende gevelindeling, of een dermate verregaande verbouwing dat ze niet meer in hun authenticiteit herkenbaar zijn.

Deze niet-geselecteerde huizen bevinden zich vooral aan de randen van het stadsgezicht, waar veel meer verbouwingen het originele straatbeeld vernielden, namelijk de Pretoriastraat, de Leemputstraat, de Guldenvliesstraat en de Uitbreidingstraat. De niet geselecteerde huizen kunnen geen premie krijgen, maar blijven wel onverminderd deel uitmaken van het beschermd stadsgezicht en zijn daarom per definitie gebonden aan de rechtsgevolgen van de opname in het stadsgezicht. Het herwaarderingsplan verandert niets aan het beschermingsbesluit.

Verwerking in de Inventaris van het bouwkundig erfgoed

Het was voor het agentschap Onroerend Erfgoed een opportuniteit om de gegevens uit het herwaarderingsplan van de stad integraal te verwerken in de Inventaris van het bouwkundig erfgoed.

In december 2014 werd gestart met de verwerking in de databank, een project dat begin april 2015 kan gepresenteerd worden. De gegevens werden niet zomaar overgenomen. Voor alle geïnventariseerde panden werden de bouwhistorische gegevens uit het herwaarderingsplan aangevuld met bijkomend onderzoek in het stadsarchief, waarbij behalve de huidige dossiernummers verwijzend naar de inventaris van het stadsarchief, ook de opdrachtgevers van de woningen werden toegevoegd aan de gegevens.

Het systematisch herbekijken van de bouwdossiers om die informatie op te zoeken, leverde ook nog een aantal bijkomende resultaten op voor een reeks panden waarvoor eerst geen bouwdossier werd gevonden. Tenslotte vat een beschrijvende tekst van de panden de verzamelde informatie bondig samen.

Alle gegevens zijn voor iedereen toegankelijk op de inventariswebsite van het agentschap Onroerend Erfgoed. De verwerking van de gegevens in de inventaris maakt het mogelijk om te synthetiseren, zowel cijfermatig als inhoudelijk.

De cijfers

Van de 540 huizen die binnen de afbakening van stadsgezicht liggen, werden er een kleine 400 of 70% geselecteerd voor het herwaarderingsplan en opgenomen in de inventaris bouwkundig erfgoed. Ze kregen niet allemaal een aparte fiche. Een groot deel van de bebouwing in Zurenborg is reeksbouw: talrijke panden werden samen ontworpen, als één ensemble. De mooiste, meest monumentale voorbeelden daarvan zien we op de Cogels-Osylei.

In totaal zitten nu 243 fiches in de inventaris die het waardevolle bouwkundige erfgoed in het stadsgezicht van Zurenborg illustreren. 78 daarvan zaten al in onze inventaris. Het waren fiches die opgemaakt werden door onze collega Greet Plomteux tijdens de inventarisatie in de jaren 1980, en gepubliceerd werden in 1992 in boekdeel 3nd van de reeks Bouwen door de Eeuwen Heen in Vlaanderen. Op negen uitzonderingen na, beschrijven deze fiches de 170 panden die binnen het stadsgezicht ook werden beschermd als monument. De absolute toppers, met andere woorden.

De ruim 160 nieuwe fiches, aangemaakt op basis van het beheersplan, geven het niet als monument beschermde bouwkundig erfgoed weer.

Naamlooze Maatschappij voor het Bouwen van Burgershuizen

Bij het verwerken van de gegevens in de inventaris, werden systematisch de originele eigenaars van de huizen opgezocht. Zij gaven de opdracht voor de bouw van de woning, en kozen daarvoor een welbepaalde architect. De namen van de architecten die Zurenborg vorm gaven, zijn al goed bekend in de literatuur. De specifieke ontstaansgeschiedenis van de wijk maakte ons echter zeer nieuwsgierig naar de bouwheren of opdrachtgevers.

Het viel meteen op: de belangrijkste opdrachtgever was absoluut de Naamlooze Maatschappij voor het Bouwen van Burgershuizen. We registreerden de maatschappij bij 62 fiches binnen het stadsgezicht, goed voor samen een 160-tal huizen of 40% van het geïnventariseerde bouwkundig erfgoed in het stadsgezicht.

De vennootschap werd in 1886 opgericht om Zurenborg te ontwikkelen tot woonwijk voor de hogere middenklasse. Het doel was om in eigen beheer modelwoningen te bouwen, ofwel voor onmiddellijke doorverkoop, ofwel bestemd voor de verhuur.

Herfst, Winter, Zomer en Lente

Niet toevallig koos de maatschappij telkens voor de invulling van de meest zichtbare percelen in de wijk: op de hoeken, bij rotondes of pleintjes, grote percelen centraal in de straat. Op die manier hoopte ze potentiële privé-investeerders te lokken, goed wetende dat straten waar al kwalitatieve bebouwing aanwezig is, aantrekkelijker zijn voor investeringen. Ook was het duidelijk de bedoeling voorbeelden te geven van de rijk uitgewerkte, eclectische bouwstijlen die de voorkeur van de maatschappij genoten.

Binnen het stadsgezicht zijn de investeringen van de maatschappij geconcentreerd in de Generaal Van Merlenstraat, de Transvaalstraat, de Waterloostraat en natuurlijk de Cogels-Osylei. Die centrale as door de wijk bouwde de maatschappij uit tot het pronkstuk van Zurenborg. 56 woningen van de in totaal 88 huizen in de Cogels-Osylei zijn gerealiseerd door de maatschappij zelf. Op die manier zijn ze er in geslaagd om de Cogels-Osylei uit te bouwen tot de prestigieuze kroon op hun grote project dat de volledige wijk Zurenborg omvat.

Private bouw

De maatschappij selecteerde populaire architecten en bouwmeesters voor haar projecten. Grote namen zoals Jos Bascourt, Bilmeyer & Van Riel, Cols & Defever, Jules Hofman, Frans Smet-Verhas en Frans Van Dijk kregen er de kans een grandioze, visueel aantrekkelijke wijk uit te bouwen, maar daarenboven ook hun eigen carrières een flinke boost te geven.

Want ook de particuliere bouwheren in Zurenborg deden vaak beroep op die architecten die door de maatschappij werden gepromoot. Productieve architecten op de particuliere markt die we niet terugvinden voor opdrachten van de maatschappij zijn de zeer opvallende Jacques De Weerdt, gevolgd door een aantal architecten die allen een drietal woningen in Zurenborg tekenden, zoals Ch. De Roeck, John Van Beurden of Adolphe Van Coppernolle.

Quinten Matsijs

Deze architecten zorgden stuk voor stuk voor luxueus uitgevoerde, rijk versierde, ruime burgerhuizen. Waar men in de jaren 1880 en begin de jaren 1890 koos voor eclectische ontwerpen met in hoofdzaak elementen uit de neo-Vlaamserenaissance-stijl, schoof de voorkeur rond de eeuwwisseling en in het begin van de 20ste eeuw duidelijk richting cottagestijl en art nouveau.

Dit is in overeenstemming met de algemene architectuurevolutie in het Antwerpse, zij het dat het neoclassicisme in het Berchemse deel van Zurenborg opvallend ondervertegenwoordigd is in vergelijking met het overwicht van deze stijl in andere wijken. Deze klassieke, vrij strenge en sobere bouwstijl werd duidelijk niet gepromoot door de maatschappij, ten voordele van de door eigentijdse architectuurcritici meer gepromote opvallende bouwstijlen. Een alternatief voor het neoclassicisme dat we in Zurenborg wel goed vertegenwoordigd zien, is de op de Franse bouwstijlen geïnspireerde, van rijke materialen voorziene beaux-artsstijl, zij het in een eenvoudige, niet altijd zuivere vorm.

20ste eeuw

Vermeldenswaard zijn drie bouwmaatschappijen die kort voor de Eerste Wereldoorlog een hiaat opvulden in de woningbouw in Zurenborg, namelijk De Voorzorg, de Berchemse Bouwhandel en Voorspoed. In tegenstelling tot de Naamlooze Maatschappij voor het bouwen van Burgershuizen, richtten deze bouwmaatschappijen zich niet op prestigieuze, duur afgewerkte burgerhuizen voor de hoge burgerij, maar eerder op eenvoudig vormgegeven, budgetvriendelijke woningen, waaronder ook meergezinswoningen.

Art deco van Soebert

Zurenborg was aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog zo goed als voltooid. Weinig onbebouwde percelen bleven over. Omdat de wijk weinig te lijden had onder de oorlog, is er slechts een klein percentage interbellum-architectuur te vinden, goed voor een dertigtal geselecteerde woningen. Bijna de helft daarvan borduurt verder op de architectuurstijlen van de Belle Epoque, met gevels in eclecticisme, beaux-artsstijl of neoclassicisme. Vooruitstrevende interbellum-ontwerpen in art deco zien we van Robert Soebert. Kaplansky tekende één van de drie huizen in modernistische stijl die de wijk rijk is.

Hoewel voor Zurenborg een ander algemeen idee leeft, dateert slechts één derde van de woningen in het stadsgezicht uit de 19de eeuw. Het Berchemse gedeelte van de wijk werd dus grotendeels vormgegeven in de eerste twee decennia van de 20ste eeuw. De woningen die bij dit project geïnventariseerd werden en ontsloten via de inventariswebsite, vormen dus een uitgelezen staalkaart van de stedelijke architectuur in Antwerpen aan het begin van de 20ste eeuw.

Daarmee vormde de vertaling van het beheersplan van Zurenborg een perfecte opmaat voor de verdere herinventarisatie van Antwerpen, waarbij het accent zal gelegd worden op de 20ste-eeuwse architectuur.

Meer weten?

De volledige lijst van de inventarisrelicten gelegen binnen de afbakening van het stadsgezicht Zurenborg, kun je via deze link bekijken. Je kunt ook zelf straat per straat gegevens opvragen via het zoekformulier.

Alles op kaart bekijken via het geoportaal kan verhelderend zijn.

Vragen of opmerkingen over de gegevens die u vindt op de inventariswebsite komen bij de juiste collega’s terecht via het contactformulier.

Wil je graag de originele documenten van het herwaarderingsplan Zurenborg downloaden, dan kan dat op een aparte webpagina van de stad Antwerpen.

Voor inhoudelijke vragen over het beheersplan kun je terecht bij onze collega’s van de afdeling beheer via antwerpen@onroerenderfgoed.be

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.