Historische tuinen en parken uit het Hageland staan online

dinsdag 17 mei 2016

Piramide

Van het kasteelpark van Wespelaar tot het volkspark rond de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek, de inventaris van het Hageland leverde 96 inventarisfiches van tuinen en parken op. Een kleine bloemlezing…

Van boek naar internet

In 2007 werd in de reeks M&L cahiers de inventaris Historische tuinen en parken van Hageland - Noordoosten van Vlaams-Brabant gepubliceerd. De inhoud: een uitgebreide beschrijving van 96 tuinen en parken uit de gemeenten Aarschot, Begijnendijk, Bekkevoort, Boortmeerbeek, Diest, Haacht, Keerbergen, Rotselaar, Scherpenheuvel-Zichem en Tremelo. Alle teksten en foto’s uit deze publicatie zijn voor iedereen beschikbaar op de inventariswebsite van het agentschap Onroerend Erfgoed.

Een toeristische trekpleister

Dat het noordoosten van de provincie Vlaams-Brabant voor meer dan de helft uit arme bodems bestaat weerspiegelt zich sterk in de geringe hoeveelheid kasteeldomeinen. Er zijn enkele uitzonderingen, en dat zijn zeker niet de minste.

Het kasteelpark van Wespelaar is een ontwerp van Ghislain Henry voor de Leuvense brouwersfamilie Artois. Met zijn aanleg vanaf 1797 behoort het tot de vroegste ‘Engelse’ tuinen van België. Typerend voor deze vroeg-landschappelijke aanleg zijn de overmatig kronkelende waterpartijen en padentracés.

De talrijke beelden en 'fabriekjes' die het park stoffeerden, maakten het tot één van de vroegste toeristische attracties van het land. Eerst per trekschuit en later per trein kwamen bezoekers zich vergapen aan onder meer een piramide, een Floratempel, een grot, een Chinese kiosk, boogbruggen, een Elysium en een obelisk. Nog geen tien jaar na het begin van de aanleg had het park al een dusdanige reputatie opgebouwd, dat keizerin Joséphine in hoogsteigen persoon op bezoek kwam.

Het kasteelpark van Schiplaken

Schiplaken

Het kasteel van Schiplaken evolueerde van een middeleeuwse kasteelmotte tot een 17de-eeuwse barokke waterburcht met parterretuin, oranjerie en sterrenbos. Rond 1820 werd het kasteel herbouwd tot een classicistisch landhuis en omringd door een romantisch 'rivierlandschap' uitlopend in bos.

Dit verbreden en opstuwen van een beek en gedeelte van de ringgracht tot een heuse 'rivier' was een populair gegeven in de vroege landschappelijke tuinen. Van de beplanting uit deze periode is nog een groot aantal bomen met stamomtrekken tot bijna 5 meter overgebleven, vooral platanen en bruine beuken. Rond 1900 werd het landschapspark uitgebreid. Uit deze periode komen verspreid over het domein exemplaren voor van minder courante soorten zoals oosterse plataan, pluimes, Japanse honingboom en Kaukasische vleugelnoot.

De twaalf apostelen

Op een heuveltje in het domein van Rivieren staat een dicht bij elkaar geplante groep bruine beuken, gekend als de twaalf apostelen. Deze stijlfiguur is typisch voor de streek: je vindt ze bij het kasteel van Kersbeek in Kortenaken en in de pastorietuin van het begijnhof van Diest.

Warandepark

Warande

Middenin de stad Diest ligt op een heuvel van Diestiaan ijzerzandsteen een motte met sporen van de 14de-eeuwse burcht. Rondom het neoclassicistische herenhuis dat er aan de zuidwestrand in 1847-1848 werd gebouwd, legde men in 1880 een park in landschappelijke stijl aan. Het lindenprieel op de motte vormt de blikvanger van het Warandepark. Sinds 1939 is het in gebruik als openbaar park.

Villatuinen

Ongeveer één derde van de selectie voor deze inventaris bestaat uit bescheiden villatuinen uit de belle epoque. De meeste zijn verkleinde versies van de laatlandschappelijke tuin. Zo ook de tuin van de villa Persoons uit Tildonk, aangelegd volgens een beproefd recept: een langgerekt gazon begrensd door een rondweg en een in vorm en kleur gevarieerde hoogstammige beplanting.

De modernistische villa Tuerlinckx uit 1931 heeft een uitwaaierend gazon omgeven door hoogstammen en struiken zoals goudbonte Ierse taxus en Pontische rododendron. Het gebruik van breukstenen muurtjes en flagstones voor de toegangsweg naar de villa wijst veeleer op de modellen die de 'Nouveau jardin pittoresque'-beweging promootte.

A room with a view

Zeven villatuinen, alle gebouwd op de steile hellingen van de Diestiaanheuvels, hebben een aanlegconcept waarbij de hoofdrol voor het fraaie panorama is weggelegd. Zowel de structuur van de tuin of het park als de ligging en architectuur van de gebouwen (inplanting, grote balkons) zijn zo ontworpen dat men maximaal van het uitzicht geniet.

Een goed voorbeeld van dit extravert aanlegconcept is de tuin van het kasteel van Assent, een landgoed van 1,8 hectare bij een circa 1900 gebouwde eclectische villa. Een beboomde oprijlaan loopt via het parkje op het steilste gedeelte van de helling naar de villa op de top. Van daar heeft men een mooi uitzicht over de veertig meter lager gelegen vallei van de Begijnebeek en het dorp Assent.

Op de Galgenberg, de voormalige terechtstellingsplaats van de schepenbank van Kaggevinne, werd tussen 1848 en 1910 een landgoed van 2 hectare aangelegd. Voor het extraverte aanlegconcept volgende men de principes van het ‘borrowed landscape’. Op het hoogste punt bevindt zich een unieke 'folly' in de vorm van een afgeknotte kegel van los gestapelde ijzerzandstenen. Het uitzicht moet ooit schitterend geweest zijn: de vallei van de Begijnebeek in het zuidoosten, het golvende, diep versneden zandleemplateau in het noordwesten, met de basiliek van Scherpenheuvel aan de einder.

Een tuin en park gewijd aan Maria

Mariapark

In deze regio liggen twee belangrijke religieuze thematuinen. Het Mariapark naast de abdij van Averbode kreeg vorm tussen 1935 en 1960 als bedevaartsoord voor Onze-Lieve-Vrouw. Op een bebost perceel voeren kronkelende paadjes langs een Lourdesgrot en zeven staties die de 'zeven smarten’ uitbeelden tegen een achtergrond van ‘antieke’ bouwstijlen. Het rotswerk is van de hand van A. Janssens en O. Tondeleir.

Het plantsoen rond de als Mariaal bedevaartsoord geconcipieerde basiliek van Scherpenheuvel werd niet toevallig heraangelegd en herbeplant rond 1860. De aanleg van openbare plantsoenen en stadsparken kende in deze periode een hoge vlucht. De 'hortus' omsloten door een giet- en smeedijzeren hek en uitgerust met een pittoresk paviljoen in pseudovakwerk, werd rond 1900 uitgebreid naar de voormalige tuin van de oratorianen. Tezelfdertijd werd naar ontwerp van architect Piet Langerock een religieuze promenade op de oude vestingwal aangelegd: de 'Rozenkransweg'.

Meer lezen?

Alle gegevens die het agentschap Onroerend Erfgoed in het Hageland verzamelde, zijn te raadplegen op de inventariswebsite. Je kunt de volledige lijst relicten bekijken via deze link.

Zoeken op adres is ook mogelijk, waarbij je zowel een deelgemeente of een straatnaam aan kunt klikken. Met vragen, suggesties of opmerkingen over dit project, kunt u bij ons terecht via het contactformulier of via inventaris@onroerenderfgoed.be

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.