Voorwaarts … Mars! Beschermd militair erfgoed in Vlaanderen

dinsdag 14 juni 2016

Koepoort

Het team beschermingsdatabank marcheert recht op haar doel af en zal binnenkort vriend en vijand verrassen met een splinternieuwe beschermingsdatabank. In de aanloop naar deze lancering lichten we graag een tipje van de sluier en tonen we de diversiteit van het beschermd onroerend erfgoed in Vlaanderen.

Je kon reeds je kennis bijschaven over beschermde grenzen, transporterfgoed en klein erfgoed, vandaag is militair erfgoed aan de beurt.

Bij de term 'militair erfgoed' gaan de gedachten spontaan naar de modderige loopgraven in Vlaamse velden of de betonnen bunkers van de Atlantikwall. Hoewel deze conflicten een duidelijke stempel op onze gewesten hebben nagelaten, is ons oorlogserfgoed veel ruimer dan relicten uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog en bovendien verrassend divers.

Versterkingen en forten

Dagelijks gaan we dit erfgoed voorbij, zonder te beseffen dat onze omgeving (on)rechtstreeks door conflicten en oorlogsvoering werd bepaald. De volgende keer dat je in de file staat op de stadsring bijvoorbeeld, sta er dan even bij stil dat die ringweg in zekere zin een oorlogsrelict is. Ringwegen werden in de 19de eeuw vaak aangelegd op de plaats van de oude stadsvesten. In het licht van een vernieuwde economische mentaliteit stelde men de steden letterlijk en figuurlijk open. Stadsmuren, -poorten en -vesten verdwenen onder de sloophamer en maakten plaats voor nieuwe wijken, straten en parken. Zo werd het Citadelpark van Gent in 1875 aangelegd door H. Van Hulle op de locatie van de tussen 1819 en 1831 gebouwde citadel, die intussen zijn militair nut had verloren. In bepaalde gevallen bleven relicten van de stadswallen bewaard. Doorheen Vlaanderen zijn er tal van torens, muurfragmenten, kazematten en stadsvesten bewaard én beschermd als monument, landschap of stadsgezicht. Denk maar aan de Broeltorens in Kortrijk , de Naamsevest te Leuven, de Koepoort van Ninove, de aarden wal in Stokkem, etc. In Tongeren vind je zelfs nog een Romeinse omwalling terug.

Hoge Wal

Ook op het platteland zijn militaire constructies terug te vinden. Hoewel de meeste landhuizen en kastelen voornamelijk een residentiële functie hebben, zijn vele geëvolueerd vanuit een militaire versterking zoals bijvoorbeeld een "donjon". Deze versterkte woontorens, al dan niet gelegen op een kunstmatige heuvel of "motte" evolueerden vaak tot heuse kastelen, maar her en der bleef zo’n alleenstaande toren of een motte bewaard. Een erg actueel voorbeeld is de recent gerestaureerde Maagdentoren in Zichem. Maar er zijn ook minder bekende voorbeelden zoals de donjon van Brustem of motte De Hoge Wal in Evergem.

Doorheen de geschiedenis bouwde men kastelen en forten als versterking tegen invallen van buitenaf. Onze gewesten waren eeuwenlang het slagveld van Europa en kenden verschillende vreemde overheersers. Spanjaarden, Oostenrijkers, Fransen, Nederlanders en Duitsers, allen lieten zij relicten na van hun militaire aanwezigheid. Het Fort van Nieuwendamme (1584) moest tijdens de godsdienstoorlogen uitvallen van de Watergeuzen vanuit Oostende weerstaan. Terwijl Fort Napoleon in Oostende (1810-1814) dan weer kaderde in de plannen van Napoleon voor een invasie van Engeland. De Brialmontvesting, een imposante fortengordel gerealiseerd tussen 1860 en 1865, moest Antwerpen versterken.

Oorlogsgedenktekens, herdenkings- en begraafplaatsen

Waar oorlog is, zijn slachtoffers. Naar militaire begraafplaatsen hoef je in Vlaanderen -helaas- niet ver te zoeken. Vooral in de Westhoek vind je tal van grote en kleine begraafplaatsen waar militairen van over de hele wereld hun laatste rustplaats hebben gevonden. Op de Britse militaire begraafplaats Poelcapelle British Cemetery liggen bijna 7500 Britse gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog, waaronder John Condon. Op zijn grafsteen staat "age 14", waarmee hij de jongste dode uit het Verenigd Koninkrijk is. Vlakbij, in Langemark, vind je het Deutscher Soldatenfriedhof, waar de doden van de tegenpartij rusten. De Duitse militaire begraafplaats werd tijdens de bezetting in 1943 beschermd als landschap, een beslissing die nadien prompt weer werd ingetrokken op 11 december 1945. Gelukkig is men intussen op deze beslissing teruggekomen: in 2002 werd de begraafplaats opnieuw beschermd, als monument.

Meerbeke oorlogsgedenkteken

De geschiedenis van een oorlog wordt geschreven door de winnaars, die hun overwinning kracht willen bijzetten met passende symbolen. Talloze oorlogsgedenktekens herinneren aan verschillende conflicten en combineren een overwinningsretoriek met het herdenken van gesneuvelden, burgerslachtoffers en gedeporteerden. Sommige monumenten benadrukken de overwinningsgedachte, waarbij lauwerkransen, helmen en voorstellingen van een gevleugelde vrouw (de overwinningsgodin Nikè) geliefkoosde symbolen zijn. Het monument voor de gesneuvelden van Neeroeteren en Rekem zijn hier voorbeelden van. Andere beeldhouwwerken evoceren het menselijk lijden en leggen de nadruk op het herdenken van militaire en burgerlijke slachtoffers, zoals bijvoorbeeld in Sint-Pieters-Leeuw of Meerbeke.

De overgrote meerderheid van dit soort gedenktekens zijn gerelateerd aan beide Wereldoorlogen, maar er zijn ook zeldzame herdenkingsmonumenten van andere militaire conflicten. In Essen staat bijvoorbeeld een merkwaardig gietijzeren monument met pomp dat in 1836-'44 opgericht werd voor de vijf Belgische vrijwilligers die er sneuvelden tijdens de Belgische Revolutie van 1830.

Verzet Limburg

Gefusilleerden en verzetsstrijders nemen een speciale plaats in onder de oorlogsslachtoffers die worden geëerd met hun eigen herdenkingsplaatsen. In het Beluik der Gefusilleerden te Brugge, waar dertien verzetsstrijders uit de Eerste Wereldoorlog de dood vonden, zijn de kogelgaten nog zichtbaar in de muur. Ook in Gent werd een 'Terechtstellingsplaats der voor den Kop Geschotenen' omgevormd tot herdenkingsplaats. Eén van de grootste herdenkingsplaatsen voor gefusilleerden in Vlaanderen bevindt zich in het 302 hectare grote Gemeentebos, deel uitmakend van het militaire oefenterrein van het Kamp van Beverlo. Hier werd begin 1942 door de Duitsers in het geheim een executie- en begraafplaats voor gefusilleerden aangelegd, zodanig dat deze plaats in de volksmond "het geheim kerkhof" werd genoemd.

Vrijheidsbomen

Een vrijheidsboom of vredesboom is een boom die symbool staat voor vrijheid en democratie. Het aanplanten van zulke bomen was reeds ten tijde van de Franse Revolutie een populair gebruik, dat eveneens werd toegepast in de nasleep van de Belgische Revolutie in 1830. In Beervelde en Dentergem staan bijvoorbeeld nog originele vrijheidsbomen uit 1830, die uiterst zeldzaam zijn geworden. Vergelijkbaar zijn de talloze vredesbomen die werden aangeplant na de Wereldoorlogen. Voorbeelden hiervan vind je overal doorheen Vlaanderen terug, zoals bijvoorbeeld in Sint-Laureins of Machelen. Op het dorpsplein van Bassevelde komen zelfs beide types vrijheidsbomen samen voor.

de Leie

Varend erfgoed

Je zou het niet meteen verwachten, maar Vlaanderen heeft ook varend militair erfgoed. De drie vedetten van de Rijnvloot zijn geen BV’s of frisse pinten, maar patrouilleschepen van het Belgische leger die zijn ingezet voor het bewaken van de Rijn in de jaren 1950. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg België, op eigen vraag, een gebied ter bewaking toegewezen. Dit betekende het begin van een lange Belgische militaire aanwezigheid in West-Duitsland. De schepen waren vanwege hun geringe diepgang enkel geschikt om ingezet te worden op rivieren en binnenwateren.

Tijdelijke infrastructuur

Ook burgerlijke architectuur kwam tot stand door oorlog en conflict. Door het nijpende tekort aan woningen in de zogenaamde Verwoeste Gewesten bouwde men kort na de Eerste Wereldoorlog heel wat gestandaardiseerde noodwoningen als tijdelijke oplossing, gesubsidieerd door de overheid via het Koning Albertfonds. In Handzame en Sint-Jan staan nog intacte voorbeelden van respectievelijk een betonnen en houten constructie. Het zijn bijzondere relicten die getuigen van de moeilijke wederopbouwperiode. De School van de Koningin te Wulveringem is een andere getuige van noodinfrastructuur. In deze tijdelijke school, ingeplant in het uiterste westen van het land, kregen kinderen onderwijs tijdens de Eerste Wereldoorlog. Omdat Koningin Elisabeth initiatiefnemer was van het project, werd de school naar haar vernoemd.

noordwoning

Volgens Friedrich Nietzsche (1844-1900) is de oorlog de winterslaap voor de cultuur. Hoewel hij natuurlijk in zekere zin gelijk had, is uit bovenstaande voorbeelden gebleken dat oorlog desalniettemin heel wat onroerend erfgoed heeft voortgebracht. Dit erfgoed beperkt zich lang niet tot militaire constructies, maar bestaat uit burgerlijke architectuur, funeraire constructies, gedenktekens, bomen en nog zo veel meer.

De voorbeelden die hier werden aangehaald zijn slechts een greep uit het beschermd onroerend erfgoed dat Vlaanderen rijk is. Vóór de lancering van de nieuwe beschermingsdatabank heb je van ons nog één laatste nieuwsbericht tegoed met als thema 'een dagje aan zee', de ideale lectuur voor een -hopelijk- mooie zomerdag.

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.