Antwerpse Tentoonstellingswijk helemaal geherinventariseerd

donderdag 12 januari 2017

Serigierstraat detail

In twee fases werd het bouwkundig erfgoed in de bekende Antwerpse Tentoonstellingswijk geherinventariseerd door onderzoeksbureau GUMA NV onder leiding van Steven Van den Borne. Sinds december 2016 is de tweede fase klaar. Alle resultaten zijn beschikbaar op de inventariswebsite van het agentschap Onroerend Erfgoed.

De Stad Antwerpen nam het initiatief om het internationaal vermaarde bouwkundig erfgoed in de Tentoonstellingswijk integraal te laten herinventariseren. In een eerste fase vulden 54 nieuwe fiches de hiaten op vlak van modernistische interbellumarchitectuur aan. De net afgewerkte tweede fase zette in op een grondige update van de oude inventarisfiches, op naoorlogse gebouwen in de wijk en op de conventionele architectuur die in deze modernistische wijk ook zijn plaats heeft gevonden. De onderzoekers maakten er daarenboven een erezaak van om zoveel mogelijk interieurs te documenteren.

Update

Architectenwoning Gustaaf Jacobs

Toen begin 2016 de nieuwe inventarisfiches van de Tentoonstellingswijk online verschenen, werd het pas echt duidelijk dat de oude inventarisfiches van de wijk dringend een update nodig hadden. GUMA zocht voor die fiches alle relevante archiefstukken en literatuur bijeen. De nieuwe teksten zijn uitermate gedetailleerd en behandelen de panden van voorontwerp tot detail.

Deze panden, al geselecteerd en naar waarde geschat tijdens het inventarisproject van de jaren 1980, registreren de highlights van de Tentoonstellingswijk. Ze beschrijven die architecturale toppers waaraan de wijk haar roem ontleent. Het kruim werd beschermd als monument: de school in de Pestalozzistraat natuurlijk, net als vier iconische, als monument beschermde woningen van toparchitecten in de wijk: Geo Brosens, Eduard Van Steenbergen, Leon Stynen en Huib Hoste.

Ondanks een reeks ontwerpen van topniveau, is het gros van de realisaties eerder gematigd modernistisch. Uit de grondige evaluatie van de indeling van de geselecteerde woningen op basis van de plattegronden in de bouwdossiers, blijkt dat de meeste modernistische architectuur in de Tentoonstellingswijk eigenlijk eerder conventioneel van opvatting is. De traditionele plattegronden staan soms in schril contrast met de eigentijdse gevelaanpak. Vernieuwende interieurconcepten zijn zelfs in deze wijk zeldzaam. De avant-garde-interieurs krijgen dan ook steeds uitgebreid aandacht in de fiches. Een goed voorbeeld is de eigen woning van Gustaaf Jacobs.

Naoorlogse architectuur

Burgerhuis De Schampheleire-Vereecken

Een belangrijk streven bij de herinventarisatie van de Tentoonstellingswijk was het belichten van de kwalitatieve naoorlogse architectuur. Die was minder talrijk aanwezig dan gedacht, en leverde acht nieuwe fiches op.

Behalve de twee duidelijk herkenbare werken van Marc Appel en Jan Welslau, zijn er twee realisaties van Eduard Van Steenbergen bij, allemaal topvoorbeelden van het naoorlogse modernisme. Ook de minder bekende Robert Marevoet werkte in die traditie verder, in de geest van zijn leermeesters Paul Smekens en Léon Stynen.

De Deurnese architect Etienne Oppeel en Dolf Mouwen uit Borgerhout speelden met hun meer traditionalistische halfvrijstaande woningen in op de stedelijke richtlijnen voor Serigiersstraat en de Ryckmansstraat, waar voortuinen en schild- en pseudo-mansardedaken waren voorgeschreven. Hiermee wordt afgeweken van de overwegend aaneengesloten bebouwing onder platte bedaking in gematigd modernistische stijl die karakteristiek is voor de Tentoonstellingswijk.

Het appartementsgebouw dat Marc Remaut in 1959 realiseerde voor het Architectenbureau Style Building, onderscheidt zich kwalitatief van de conventionele, veeleer banale appartementsgebouwen die gangbaar zijn in de jaren 1950.

De halfronde stedelijke kleuterschool ten slotte, vormt een prachtig voorbeeld van de moderniteit die na de oorlog ook in de scholenbouw doorsijpelde.

Conventionele stijl

Tegenover het modernistische idioom staat de opvallende aanwezigheid van burgerhuizen in meer conventionele, traditionele stijlen. Deze trend uit zich duidelijk in de Vlaamsekunstlaan, met een reeks woningen die qua volume, vormgeving en materiaalgebruik voortbouwen op de architectuur van de stadsvilla’s en herenhuizen in conventionele art deco op de Jan van Rijswijcklaan.

In de pastorie van de Kristus-Koningkerk vond Jos Smolderen een compromis tussen de moderniteit en een aantal opmerkelijke, traditionele en art-deco-elementen zoals het opvallende hoge schilddak met dakkapellen en de fors uitgewerkte erkervolumes. Het is hoogst verwonderlijk dat deze samen met de kerk ontworpen pastorie niet bij de eerste inventarisatie van de wijk werd geselecteerd. Met de herinventarisatie is dit euvel gelukkig rechtgezet.

pastorie

Interieurs

De pastorie is meteen ook een voorbeeld van de woningen waarvan de belangrijkste elementen van het interieur werden geregistreerd. Binnen het opzet van de inventarisatie van het agentschap Onroerend Erfgoed, in principe afgaand op de evaluatie van de gevels, zijn waardevolle interieurs onderbelicht. Op vraag van de stad werd bij de herinventarisatie van de Tentoonstellingswijk zoveel mogelijk aandacht besteed aan dit aspect van het bouwkundig erfgoed. Van 28 panden zijn de interieurs bezocht, gedocumenteerd en beschreven. Om privacyredenen moeten we de lezer het fraaie fotomateriaal onthouden, dat echter essentieel kan zijn bij de begeleiding van eventuele wijzigingen van de betrokken panden in de toekomst.

Meer weten?

De hele set bouwkundig erfgoed in de Tentoonstellingswijk vind je op de inventariswebsite. Voor vragen en opmerkingen staan we klaar via het mailadres inventaris@onroerenderfgoed.be.

Ondertussen werkt het agentschap Onroerend Erfgoed in samenwerking met de Stad Antwerpen verder aan de herinventarisatie van bouwkundig erfgoed in Antwerpen. Onderzoekers inventariseren momenteel in de 19de-eeuwse wijken van Antwerpen, in Deurne en in Merksem. Via de nieuwsberichten kun je de vorderingen volgen.

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.