Tuinen en parken uit Bierbeek, Boutersem, Glabbeek en Oud-Heverlee vervoegen de inventaris

vrijdag 12 mei 2017

Groot Park van Lovenjoel

De inventarisatie van Bierbeek, Boutersem, Glabbeek en Oud-Heverlee, vier gemeenten ten zuiden en oosten van Leuven, leverde een gevarieerde selectie van 49 fiches over tuinen en parken met erfgoedwaarde op.

Molenvijverparken

Rond een aantal watermolens werden tot in het interbellum - vaak op initiatief van de welstellende molenaar - zogenaamde "molenvijverparken" aangelegd. De tuin bij het Vijverhof in Korbeek-Lo (Bierbeek) werd aangelegd omstreeks 1800 in vroeg-landschappelijke stijl. Rond de voormalige molenvijver van het Berkenhof te Bierbeek werd rond 1910 een kleine landschappelijke tuin ingericht. De vijver van het Papiermoleken in Korbeek-Lo (Bierbeek) werd in 1920 opgesmukt met een eilandje en betonnen boogbrug, de tuin kreeg tezelfdertijd een aanleg in landschappelijke stijl.

Het Groot Park in Lovenjoel (Bierbeek) behoort tot de meer spectaculaire voorbeelden van rond molenvijvers gegroeide parken. Hier liet burggraaf Karel de Spoelberch rond 1750 een buitenverblijf met kasteelallures optrekken. In 1836-1837 werd de omgeving heraangelegd in landschappelijke stijl. Langs de dalbodem van de Molenbeek werd een 600 meter lange oost-west gerichte zichtas gecreëerd, gericht op de kerktoren van Lovenjoel. De dendrologische belangstelling van de Spoelberchs zorgde er voor dat in de loop van de 19de eeuw talrijke zeldzame soorten en variëteiten in het park werden aangeplant. In 1926 werden in een sinds 1850 aangeplant bosperceel paviljoenen van de psychiatrische instelling Salve Mater opgetrokken.

De broeders van Liefde bouwden ongeveer tegelijkertijd op de Krekelenberg het Sint-Kamillusgesticht. Elk paviljoen van dit psychiatrisch centrum is via een terras verbonden met een eigen omhaagde tuin. De goed bewaarde deeltuinen bezitten afwisselend een geometrische of landschappelijke aanleg. De stoffering van de plantvakken en bloembedden wijst op inspiratie vanuit de 'Nouveau Jardin pittoresque'-beweging.

Molenvijverparkje

Kasteelparken

Het watermolencomplex van Boutersem, gelegen aan de samenvloeiing van de Velpe en de Kleine Vondelbeek, had reeds in het begin van de 19de eeuw niet enkel een utilitair karakter. De aanduiding van een aantal percelen als "lustgrond" wijst er op dat het goed toen ook als buitenverblijf dienst deed. In 1890 werd, onder impuls van een nieuwe eigenaar, niet alleen het oude buitenverblijf vervangen door het Nieuw Kasteel, maar werd ook de aanleg uitgebreid en herwerkt in laat-landschappelijke stijl. Het park bezit diverse oude en zeldzame bomen waarvan de aanwezigheid mogelijk verklaard kan worden door contacten met de Tiense diplomaat Léon Van den Bossche, oprichter van de Hortus Thenensis.

Het domein Hottat van circa 45 hectare, waarvan één derde ingericht als park met een uitgebreide verzameling oude en zeldzame bomen, behoort tot de interessantste landgoederen uit de streek. De 18de-eeuwse aanleg met een tuin in geometrische stijl bij het omgrachte kasteel, evolueerde naar een embryonale landschappelijke aanleg in het begin van de 19de eeuw. Hierbij werd de slotgracht gedempt op het zuidelijke deel na, dat verbreed werd en voorzien van golvende oevers. Een nieuwe eigenaar breidt het landgoed verder uit en laat in 1856, ter ere van de 25ste verjaardag van de troonsbestijging van koning Leopold I, op het hoogste punt een neogotische follie optrekken van waarop de bezoeker een zicht op het Meerdaalwoud heeft.

Andere vermeldenswaardige kasteelparken zijn onder meer het park van het kasteel van Kerkom (Boutersem). Dit park uit 1830-1840 werd in 1880 sterk uitgebreid en tijdens de Eerste Wereldoorlog heraangelegd naar ontwerp van tuinarchitect Jean Galoppin (1864-1941). Het domein van Kwabeek, rond 1900 heraangelegd in laat-landschappelijke stijl, bewaart nog een ijs- en een groentekelder. In het park van Bunsbeek bleef, naast een 19de-eeuwse loofgang van haagbeuk (Carpinus betulus), ook de aanleg uit het interbellum in neoformele stijl rondom de woning bewaard.

Villatuinen

Tot de selectie behoren ook een aantal villatuinen, waaronder de tuin van villa "Le Chênau" uit Oud-Heverlee. Deze tuin bij een meermaals verbouwde villa uit circa 1895, kreeg in de late jaren 1930 een neoformele facelift met de aanleg van een geometrische parterretuin voorzien van een waterbekken, balustrades, vazen, een sterrebosje en in vorm gesnoeide taxusmassieven.

Villatuin Le Chêneau

Meer lezen?

Alle gegevens over historische tuinen en parken die het agentschap Onroerend Erfgoed in de gemeenten Bierbeek, Boutersem, Glabbeek en Oud-Heverlee verzamelde, zijn te raadplegen op de inventariswebsite. Je kunt de volledige lijst relicten bekijken via deze link.
Zoeken op adres is ook mogelijk, waarbij je zowel een deelgemeente of een straatnaam aan kunt klikken.

Met vragen, suggesties of opmerkingen over dit project, kunt u bij ons terecht via het contactformulier of via inventaris@onroerenderfgoed.be

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.