Vallei van de Molenbeek tussen Herzele en Mere (Landschapsatlas 2001)

Tekst van Vallei van de Molenbeek tussen Herzele en Mere (https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/135230)

Fysische geografie

Geologie en bodem

De vallei van de Molenbeek tussen Herzele en Mere, met zijn vele molens op de waterloop, heeft een heuvelig karakter doordat de vallei zich in de onderliggende tertiaire afzettingen heeft ingesneden. Rond de beek komen oeverwallen voor. Deze gronden zijn wat zandiger. De omliggende komgronden hebben een hoger kleigehalte en zijn ter hoogte van de Blauwbossen en Gotegemmeersen zelfs wat veniger. Waar zandige lagen de minder permeabele kleilagen snijden ontstaat bronwerking. Dit komt op verschillende plaatsen in het gebied voor, gewoonlijk op hoger gelegen delen.

Cultuurhistorie

Tussen Ressegem en Aaigem komt een bronniveau voor. De bronbosjes dragen hier de namen ‘De Wijngaard’ en ‘Wijmenier’. Tussen deze bosjes en de vallei van de Molenbeek komt een open akkerland voor. Op de Molenbeek komen verschillende molens voor. Zo is er te Aaigem de Ratmolen. Deze goed bewaarde middenslagmolen met sluis en ijzeren scheprad werd in het begin van de 20ste eeuw nog met een dieselmotor versterkt; deze is al terug verdwenen. Naast de molen staat het witgeschilderde molenaarshuis. De oudere kern dateert uit de 18de eeuw. De Engelsmolen is een bovenslagmolen met ijzeren scheprad, gelegen op de Molenbeek, in een boomrijke omgeving. De muurankers in de voorgevel geven het jaar 1774 aan. Op het einde van de 19de eeuw werd de molen verhoogd en uitgebreid. Aan de Gotemstraat in Mere ligt nog een in werking zijnde bovenslagmolen met ijzeren bovenscheprad en sluis. Hij is aan de rand van Mere, aan het Blauwbos gelegen. Deze molen werd voor het eerst in 1387 vermeld, en 1808 worden molen en molenaarshuis herbouwd, in 1898 plaatst men een stoommachine, in 1900 werd een geklonken ijzeren bovenslagrad geplaatst. Aan de Wilgendriesstraat staat nog een molen op de Molenbeek. Deze bovenslagmolen met ijzeren scheprad en sluis werd reeds in 1571 vermeld. De huidige molen dateert uit de 19e eeuw, en heeft een oudere kern. Het molenaarshuis ligt in het verlengde van de molen en dateert uit eind 19de-begin de 20ste eeuw.

In de vallei is het weilandkarakter goed bewaard. Rond de weilanden komt perceelsrandbegroeiing voor bestaande uit hagen, houtkanten, bomenrijen. Ook bospercelen dragen bij bij het gesloten karakter van het landschap. Op de minder steile valleihellingen komen open delen voor. Ook de variatie van open en gesloten ruimten in de Blauwbossen draagt bij tot visueel erg aantrekkelijk karakter van deze asymmetrische vallei. De oostelijke, steilere en de westelijke, minder steile valleiwand verhogen de esthetische waarde van de vallei. De bodemgebruikspatronen, waarvan de grote structuurelementen minstens al van de vroege middeleeuwen bestonden, hebben een cultuurhistorische waarde. Er is een aanzet van het 'open kouter'-landschap, bijvoorbeeld ter hoogte van Vlarinck bij Hazelbeek, traditioneel een akkerlandgebied met relatief kleine kouters, kenmerkend voor het westelijk Denderbekken. Een groter deel van het gebied wordt ingenomen door de in oorsprong gemeenschappelijke graasgronden en (nu verlaten) hooilanden die vooral nattere gronden en/of steilere hellingen beslaan. Bij de latere privatisering van deze gronden werd de dichtheid aan houtkanten, hagen en bomenrijen groter. De historische continuïteit van bepaalde delen van de Blauwbossen gaat minstens terug tot de 18e eeuw. Mogelijk gaat er alluviaal gelegen bos vervening vooraf.

Cultuurhistorisch belangwekkend zijn de relicten van het vroegere traditionele bodemgebruik: restanten van hooilanden en van middelhoutbos, een kapgriend (wijmier) enz. Lineaire landschapselementen zoals houtkanten, hagen en knotbomenrijen, zijn typerend voor het vroegere agrarische landschap en getuigen nog van het specifieke houtgebruik buiten bosverband.

Het kasteel van Herzele, ‘du Parc Locmaria’ is in neo-Lodewijk XIII stijl gebouwd. Het ligt in een omringend park en is via een lange eikendreef met het dorp verbonden. Het kasteel werd op het einde van de 19de eeuw gebouwd in opdracht van baron van de Woestijne. Achter het kasteel staan enkele verwaarloosde dienstgebouwen uit de 19de eeuw. Voor de kasteeldreef staan drie pittoreske huizen uit het begin van de 19de eeuw. Ten noorden van het kasteel, langs de Ressegemstraat ligt het Eikbos, een strookvormig bos. Ten noorden daarvan ligt de kasteelgracht, een waterloop die langs beide zijden door een talud begrensd is.

In de vallei van de Molenbeek komen op het grondgebied van Herzele opvallend veel hagen voor. De vallei met haar bocage is hier relatief breed. De kerk van Aaigem is een eenvoudige hallekerk uit de 18de eeuw met een gotische toren. De merkwaardige vroeggotische toren dateert van circa 1300. De Dries is een rechthoekig pleintje met bomen en een kapelletje, waarrond enkele hoeven gelegen zijn. De hoeves die errond staan, dateren uit de 19de eeuw. In de Molenstraat te Herzele, op de Molenberg, staat een houten gerestaureerde windmolen, Molen te Rullegem genaamd. Deze open staakmolen dateert uit begin de 16e eeuw. Op grondgebied van Haaltert komen enkele historische hoeves voor. ‘Hof ten Haas’ of ‘Hof Stoys’ is een hoeve die reeds in de 15de eeuw meld werd en was naar verluidt een voormalige abdijhoeve. De huidige hoeve dateert uit de 19de en 20ste eeuw.


Bron: Ankerplaats 'Vallei van de Molenbeek tussen Herzele en Mere'. Landschapsatlas, A40074, Agentschap Onroerend Erfgoed, Brussel.
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Je kan deze tekst citeren als: S.N. 2001: Vallei van de Molenbeek tussen Herzele en Mere (Landschapsatlas 2001) [online], https://id.erfgoed.net/teksten/162818 (geraadpleegd op ).