P.v.b.a. Elektron (opvolger van het oliebedrijf De Cavel & Rogiers). Achter een kleine binnenkoer bevinden zich drie aanleunende hangars, van links naar rechts daterend van 1924-25, 1927 en 1934. Bakstenen voorgevels met drie brede topgevels, geleed door iets boven het dak uitstekende lisenen met baksteenversiering. Ruime inrijpoorten en vensters met roedeverdeling. Het centrale deel werd overkapt door middel van een, uit een oudere constructie gerecupereerd gevorderd Polonceauspant (met I-balkjes als steunstukken). Het rechter deel werd in een metalen skeletconstructie opgebouwd met verticale Grey-kolommen (gevelvlakken opgevuld met baksteenmetselwerk) waarop een uit hoekijzers samengesteld metalen spant.
Achter deze hangars bevindt zich het productiegebouw (1934) van vijf bouwlagen onder plat dak, opgetrokken in een met bouten geassembleerde zelfdragende metalen skeletbouw, met muurvlakken uit baksteenmetselwerk. De verticale dragende Grey-kolommen zijn met ankerbouten bevestigd op betonnen funderingsblokken, en worden onderling horizontaal door Grey-balken verbonden; tussenvloeren uitgevoerd in betongewelfjes tussen I-balken.
Deze vooruitstrevende metaalbouw uit 1934 werd ontworpen door architect Minnaar, terwijl het geraamte berekend en uitgevoerd werd door Metalunion, Gentbrugge.
Bron: BOGAERT C., LANCLUS K. & VERBEECK M. met medewerking van LINTERS A. 1979: Inventaris van het cultuurbezit in Belgiƫ, Architectuur, Stad Gent, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 4nb Zuid-West, Brussel - Gent.
Auteurs: Linters, Adriaan; Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen; Verbeeck, Mieke
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Je kan deze tekst citeren als: LINTERS A., BOGAERT C., LANCLUS K. & VERBEECK M. 1979: P.v.b.a. Elektron [online], https://id.erfgoed.net/teksten/20807 (geraadpleegd op ).