Parochiekerk Sint-Bavo

Tekst van Parochiekerk Sint-Bavo (https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/36078)

In een knik, ten westen van de straat ingeplante, nog deels romaanse, gotische en neogotische kerk met nog behouden ommuurd kerkhof. Georiënteerde kerk waardoor het koor uitziet op de straat.

Historiek

Oudste vermelding opklimmend tot 1019-1030 met vermelding van de "villa Badengem" met kerk en afhankelijkheden in een brief van de abt van Sint-Baafsabdij aan de gravin van Vlaanderen. In 1096 patronaatsrecht door de bisschop van Kamerijk afgestaan aan de Sint-Pietersabdij te Dikkelvenne die overgebracht werd naar Geraardsbergen. Vanaf 1147 afhankelijk van de abdij van Anchin (Frankrijk).

Eerste zeer kleine romaanse kerk (10,5 x 7,10 meter) uit eind 10de - begin 11de eeuw, bestaande uit één beuk met drie rondboogvenstertjes en deur in noordgevel en een koortje (6 x 3 meter). Eerste uitbreiding in de 13de eeuw met verlenging van het schip naar het westen toe (6 m) met nieuwe westgevel in gotische stijl en mogelijk ook vergroting van het koortje, voorzien van een mooie bevloering, teruggevonden in 1912.

In de 14de eeuw vervangen van het koor door een ruimer gotisch koor in Balegemse steen, voorzien van een groot venster met tracering. Toevoeging van een toren boven het oostelijk deel van de beuk na de vergroting van de kerk, nog in de 14de of 15de eeuw en vermoedelijk pas in de 16de eeuw toegevoegde toegevoegde transeptarmen waardoor de kerk een kruisvorm kreeg. Vernieling tijdens de beeldenstorm, voornamelijk van het interieur. Herstellingen vanaf het begin van de 17de eeuw: onder meer van de toren die toen zijn huidig uitzicht kreeg. Verrijking van de kerk in de 18de eeuw met plaatsing van een stucplafond (1780), lambriseringen en meubilair.

Restauratie van de kerk en bouw van een sacristie door architect Edmond de Perre Montigny in 1875. Nieuwe vergrotingswerken in het eerste kwart van de 20ste eeuw naar ontwerp van architect Hendrik Geirnaert, goedgekeurd in 1911. Hierbij werden de zuidelijke beukmuur, het zuidelijk transept en de sacristie gesloopt en een nieuwe beuk, transept en koor toegevoegd in neogotische stijl. De noordgevel werd gerestaureerd en voorzien van "romaanse" vensters. Het oude koor kreeg opnieuw spitsboogvensters en het grote spitsboogvenster in de oostmuur werd vermoedelijk den terug geopend en voorzien van traceerwerk. Het interieur van de oude kerk werd ontpleisterd en volledig ontmanteld: stucplafond, lambriseringen en portiekaltaren verdwenen. De vloer werd uitgebroken waarbij grondvesten van de romaanse kerk ontdekt werden. Voltooiing van de werken in 1912 en vermelding van een brand in 1914. Restauratie van de westgevel door architect Adrien Bressers circa 1942. Tenslotte grondige restauratie van de kerk onder leiding van architect J. Ysabie voltooid in 1988.

Beschrijving

Huidige, vrij ingewikkelde plattegrond van een dubbele, samen twee beuken. De oude noordelijke kerk omvat een beuk van vier traveeën met aansluitende kruisingstoren, een transept met doopkapel in de oksel en een rechthoekig koor. De even lange zuidelijke kerk heeft een transeptarm met traptorentje in de oksel en een rechthoekig koor met presbyterium en smallere, driezijdige sluiting.

Oorspronkelijke romaanse kerk volledig opgetrokken uit Doornikse kalksteen in onregelmatig verband (opus incertum), 14de-eeuws koor en 16de-eeuws transept van grote blokken Ledesteen en toren en ten zuiden een neogotische beuk, transept en koor van baksteen.

Westgevel met twee puntgevels: links, 13de-eeuwse gotische gevel met spitsboogdeur en gedateerde deurmakelaar "1745"; eenvoudig spitsboogvenster op de inspringende bovenverdieping; rechts, neogotische puntgevel met rechthoekig uitgebouwd portaal onder zadeldakje met spitsboogdeur en groot spitsboogvenster met gotisch traceerwerk en schietgat in de geveltop.

Noordgevel met drie hooggeplaatste rondboogvensters, zichtbare bouwnaad tussen tweede en derde venster. Zuidgevel met twee grote spitsboogvensters zoals in de westgevel en aflijnende muizentandfries.

Noordtransept met drieledig spitsboogvenster onder zandstenen waterlijstje op omlopende cordonlijst. Rechthoekige doopkapel met rondboogvenstertje in de oksel, gereconstrueerd in Doornikse steen bij de restauratie van 1912. Zuidtransept met spitsboogvenster met gotische tracering.

Boven de linker beuk, achthoekige kruisingstoren met bredere oost- en westzijde, op rechthoekige plattegrond met driehoekige verklimmingen, doorbroken door spitsboogvormige galmgaten onder hoge, ingesnoerde naaldspits (leien).

Rechthoekig noordelijk koor in de oostelijke puntgevel geopend door een groot drieledig spitsboogvenster met vierlobtracering in de venstertop; zijgevels met smalle spitsboogvenstertjes met schuine dagkanten, teruggeplaatst bij de restauratie. Zuidelijk koor van één rechte travee met drieledig spitsboogvenster met vierlobtracering en driezijdige sluiting met telkens een tweeledig spitsboogvenster.

Nieuwe sacristie in de noordelijke hoek van transept en koor, doch los van koor gebouwd, onder afzonderlijk zadeldak. Oostgevel verlicht door twee bolkozijnen op de begane grond en twee rechthoekige venstertjes in de geveltop, van elkaar gescheiden door de schouw.

Interieur

Twee beuken gescheiden door een spitsboogarcade rustend op een ronde zuil met lijstkapiteel. Oude linker beuk met houten plafond met schuine zijkanten geleed door gordelbogen en balken (oude balken bewaard onder nieuw omhulsel); spitsboogvormige doorgang naar de toren met erboven twee rondboognisjes onder waterlijst. Nieuwe zijbeuk met houten spitsbooggewelf, door één moerbalk verdeeld in twee traveeën. Transept met in het noorden een houten spitstongewelf met twee gordelbogen op consooltjes, in het zuiden met houten kruisribgewelf. Kruising met zware spitsboogarcade op gedrukte zandstenen halfzuilen op achthoekige basis en met kapiteel met tandversiering, (rondboog naar zuidelijk transept). Houten zoldering met zware moerbalken boven de torenvoet.

Noordkoor met houten rondboogtongewelf, zuidmuur met rondboognis in zandstenen omlijsting, het "sacrarium" en gedrukte spitsboogdoorbreking naar het zuidkoor met houten spitstongewelf en aansluitend waaiervormig gewelf in de apsis.

Mobilair

Schilderijen: "Sint-Bavo die afstand doet van zijn goederen", van het vroegere portiekaltaar van Sint-Bavo door F. De Keghel van 1827 (kopie naar Rubens); "Bewening", van het vroegere portiekaltaar van Onze-Lieve-Vrouw, 16de eeuw (kopie naar Hugo Van der Goes) (in restauratie); "Heilige Drievuldigheid", Vlaamse school (school van H. van Cleef) van het vroegere hoogaltaar, 17de eeuw.

Beeldhouwwerk: Heilige Hubertus met inert in gepolychromeerde steen door J. Martens (Gent) van 1784; Heilige Bavo, gepolychromeerd hout, 19de eeuw.

Meubilair: neogotisch hoogaltaar gewijd aan de Heilige Bavo met koperen tabernakel door J. Dehin (Luik), van 1912; neogotisch zijaltaar in noordtransept, gewijd aan de Heilige Cornelius, van 1912; neogotisch altaar van Onze-Lieve-Vrouw van 1917; eiken biechtstoel, gedateerd 1774; 18de-eeuwse preekstoel; orgel door H.F. De Volder, van 1817; kruisweg door A. De Beule (Zele), van 1902 in gepolychromeerde steen.

  • Archief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, 1396.
  • DEMEY A., Eenbeukige romaanse kerken in Oost-Vlaanderen, in Kultureel Jaarboek voor de Provincie Oost-Vlaanderen, Bijdragen Nieuwe Reeks 5, Gent, 1977, p. 11-20.
  • DE POTTER F. & BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, reeks 1, deel 1, Gent, 1864-1870.
  • LANGEROCK P., Oude bouwwerken in Vlaanderen, Gent, 1887, Plaat XI.
  • PIENS D., Baaigem, s.l., s.d., p. 72-80.

Bron: BOGAERT C. & VERBEECK M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Gent, Kantons Destelbergen - Oosterzele, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 12n2, Brussel - Turnhout.
Auteurs:  Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen; Verbeeck, Mieke
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Je kan deze tekst citeren als: BOGAERT C., LANCLUS K. & VERBEECK M. 1989: Parochiekerk Sint-Bavo [online], https://id.erfgoed.net/teksten/36078 (geraadpleegd op ).