De aanvankelijk éénbeukige kerk met westtoren, oosttransept en koor uit de 17de eeuw, brandde in 1914 af en werd in de jaren 1920 en volgende heropgebouwd mits toevoeging van twee zijbeuken. Zandstenen constructie met leien daken.
Vierkante toren met vier verdiepingen en een torenhelm, gedateerd op de deurimposten Anno/ 1653; grote rondboogvormige galmgaten en gelijkaardige vensters op de tweede verdieping. Westportaal in een eenvoudige rondboogomlijsting met imposten en sluitsteen. Begane grond overkluisd met een kruisribgewelf. Aanleunende ronde traptoren ten zuiden en kleine bijbouw ten noorden.
De nu blinde middenbeuk werd voorzien van twee zijbeuken van twee traveeën, verlicht door middel van rondboogvensters.
Vlakke overzoldering en volledig bepleisterd interieur. Lagere dwarsbeuk met kruisriboverwelving.
De rechte koortravee met vlakke sluiting zou ouder kunnen zijn; twee kruisribgewelven op geprofileerde kraagstenen (mogelijk 18de-eeuws). Oostgevel voorzien van een geprofileerde gotische spitsboognis (18de eeuw) beschermd door een recentere luifel en versierd met een Onze-Lieve-Vrouwebeeld.
Noord- en zuidsacristieën tegen het koor.
Mobilair. Arduinen grafstenen aan de koorzijde.
Bron: DE MAEGD C. & VAN AERSCHOT S. 1975: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Vlaams-Brabant, Halle-Vilvoorde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 2n, Gent.
Auteurs: De Maegd, Christiane; Van Aerschot, Suzanne
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Je kan deze tekst citeren als: DE MAEGD C. & VAN AERSCHOT S. 1975: Parochiekerk Onze-Lieve-Vrouw [online], https://id.erfgoed.net/teksten/39272 (geraadpleegd op ).