Teksten van Graaf van Egmontstraat

Graaf van Egmontstraat (herinventarisatie) (2012)

De Graaf van Egmontstraat is gelegen op het Zuid tussen de Scheldestraat en de Leopold de Waelplaats. De straat is afgezoomd met bomen, vanaf de Vlaamsekaai heb je via deze straat een mooi zicht op het Museum voor Schone Kunsten. De straat maakt deel uit van het oorspronkelijke verkavelingsplan van het Zuid van 1875. Typisch aan dit plan is het strakke geometrische patroon van rechte straten met een aantal pleinen waarop de straten straalsgewijs uitgeven. De Graaf Van Egmontstraat maakt deel uit van de stervormige stratenbundel omheen de Leopold de Waelplaats. De straat is genoemd naar Graaf van Egmont, die tijdens de 16de eeuw een belangrijke rol speelde tijdens de Honderdjarige Oorlog. Samen met Graaf van Hoorne werd hij onthoofd in Brussel door de hertog van Alva. De Graaf van Hoornestraat komt eveneens uit op de Leopold de Waelplaats, in de tegenoverliggende hoek. De oorspronkelijke naam van de straat was "Egemontstraat"; de toevoeging "Graaf" is van 1919.

De straat kent een heterogene bebouwing met zowel neoclassicistische, bepleisterde en witgeschilderde lijstgevels als woningen met een kleurrijke, eclectische gevel. Grotere gebouwen in de straat zijn de kinderkribbe Sint-Helena op nummer 18 en het magazijn op nummer 41.

De basisbebouwing bestaat uit woon- en winkelhuizen van het enkelhuistype te dateren uit vierde kwart 19de of eerste kwart 20ste eeuw, waarvan sommige als ensemble werden gebouwd, wat typerend is voor het Zuid. De nummers 26 tot 32 vormen een vrij homogene rij neoclassicistische burgerhuizen van rond 1900, die evenwel door aanpassingen hun gaafheid verloren. Nummer 8 is één van de oudste neoclassicistische panden in de straat, en werd rond 1881 ontworpen door G. Matthyssens als centrale woning van een samenstel van drie burgerhuizen. Een gelijkaardig voorbeeld op nummer 14, een ontwerp van Ferdinand Hompus van 1880 voor Grégoire Le Comte De Mey. De neoclassicistische woningen die in de eerste jaren van de 20ste eeuw werden gebouwd, kregen doorgaans een iets meer gedecoreerde gevel. Voorbeelden zijn nummer 54, gebouwd rond 1902 in opdracht van Julius Van Caeyzeele en nummer 20, in 1903 ontworpen door A. Meyers voor juffrouw A. Schröder.

Tussen de neoclassicistische witgeschilderde lijstgevels, zijn ook woningen te vinden met een veelkleurige, eclectisch getinte gevel. Gekleurde of geglazuurde baksteen als parement is typisch voor het begin van de 20ste eeuw. De woning op nummer 40 werd in 1902 door Fl. Verbraeken ontworpen en getuigt van de invloed van de art nouveau in de omlijsting van de muuropeningen, in de topstukken van de zijpilasters en in het asymmetrische schrijnwerk van de winkelpui en voordeur dat jammer genoeg vervangen is. Het eclectische ensemble van winkelhuizen op nummers 19-23 had eveneens fraaie winkelpuien. De rij werd in 1904 ontworpen door Ahlstrand, die zelf ook woonde in de straat op nummer 35. Nummer 56, oorspronkelijk een winkel ontworpen door Jan De Vroey in 1902 voor Van Thillo, heeft een eclectisch geel gevelparement. Op nummers 55 en 57 twee winkelhuizen met witte parementsteen en tegeltableaus, gebouwd rond 1903 en met vier bouwlagen hoger dan de omgevende bebouwing in de straat.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 1881 # 851 (8), 1880 # 524 (14), 1903 # 659 (20), 1904 # 1209 (19-23), 1902 # 611 (40), 1902 # 1789 (54), 1903 # 1313 (55-57), 1902 # 2273 (56).

Bron: -
Auteurs:  Hooft, Elise
Datum: 2012


Je kan deze pagina citeren als: Hooft, Elise: Graaf van Egmontstraat [online], https://id.erfgoed.net/teksten/139472 (geraadpleegd op 15-06-2021)


Graaf van Egmontstraat (1979)

Gelegen in het Zuidkwartier, tussen Leopold De Waelplaats en Kronenburgstraat. De naam Egemontstraat dateert van 1876; de toevoeging "Graaf" is van 1919. Lamoraal, graaf van Egmont en prins van Gaver (1522-68) was gouverneur van Vlaanderen en Artois. Samen met Oranje en Hoorn had hij zich in de staatsraad uitgesproken tegen de politiek van geloofsdwang gevoerd door Filips II; hij werd door Alva aangehouden en samen met Hoorn in Brussel onthoofd.

Woon- en winkelhuizen van het enkelhuistype te dateren uit vierde kwart 19de of eerste kwart 20ste eeuw; deels vernieuwd. Aan de onpare zijde verstoord door enkele grootschalige bedrijfsgebouwen, aan de pare zijde beheerst door bakstenen gebouw nr. 18.

De nummers 37, 55-57, 16, 36-40 en 56-58 met geglazuurd bakstenen parement en speklagen van witte natuursteen, voornamelijk aan de pare zijde verlevendigd met balkons en opengewerkte borstweringen, kapitelen, gesculpteerde blinde boogvelden en siermozaïeken; nr. 40 volgens bouwaanvraag ontworpen door architect F. Verbraeken in 1902.

De nummers 23-33, 47-53 en 42-54: aaneengesloten gehelen van bepleisterde gevels van drie traveeën en drie bouwlagen, geritmeerd door kordons, schijnvoegen en spiegels en een middentravee met erker of balkon; rechthoekige of segmentboogvensters in geriemde of vlakke omlijsting. Zeer fraai zijn de nummers 31 en 33.

Winkelpuien nabij de straathoeken: bewaard doch met gewijzigde functie aan de onpare straatzijde, vernieuwd doch met bewaarde functie aan de pare.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwossiers D2, 1902, Modern Archief 20.373, dossier 611.

Bron: De Munck-Manderyck M., Deconinck-Steyaert R. & Plomteux G. met medewerking van Linters A. 1979: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Bouwen door de eeuwen heen 3NB, Brussel - Gent.
Auteurs:  Manderyck, Madeleine, Plomteux, Greet, Steyaert, Rita
Datum: 1979


Je kan deze pagina citeren als: Manderyck, Madeleine; Plomteux, Greet; Steyaert, Rita: Graaf van Egmontstraat [online], https://id.erfgoed.net/teksten/113045 (geraadpleegd op 15-06-2021)