Geografisch thema

Rijksweg (Wielsbeke)

ID: 12434   URI: https://id.erfgoed.net/themas/12434

Beschrijving

Drukke verkeersader die Oostrozebeke verbindt met Wielsbeke, Sint-Baafs-Vijve en de Leiebrug van Sint-Eloois-Vijve. Sinds kort gedeeltelijk ontlast van zwaar verkeer door de aanleg van de Expresweg N382. L-vormig verloop, noordwest-zuidoost lopend vanaf de grens met Oostrozebeke tot de bocht aan het voormalige Wielsbeekse dorpsplein, vandaar naar het noordoosten lopend tot aan de grens met Sint-Baafs-Vijve. Steenweg aangelegd in de periode 1852-1856, deels over bestaande wegen, deels over een nieuw tracé lopend, parallel met de kronkelende bestaande wegen, zoals aangeduid op het landboek van 1720: "strate van Roosbeke naer de Breestraete", "strate van Cocqueldries naer de kercke" en "strate van S(in)t Baefs naer Wielsbeke". Tussen de Breestraat en de Kokeldries wordt een volledig nieuw gedeelte aangelegd, andere stukken worden rechtgetrokken. Het stuk latere "Leiestraat" staat in 1765 bekend als "pontwegh van Vyfve S(in)t Eloys naer de prochie Mullebeke traverserende Wielsbeke".
Op de Atlas der Buurtwegen (1843) wordt het straatdeel tussen het dorpsplein en Sint-Baafs-Vijve de "Vive St. Baefs straet" genoemd, het stuk vanaf het dorpsplein tot ter hoogte van het kasteel de "Kasteel dreef". Bij de aanleg van de steenweg wordt het straatdeel vanaf de dorpskern naar Oostrozebeke de "Oostrozebekestraat" genoemd, het overige deel in de richting van Sint-Baafs-Vijve de "Leiestraat". Deze oude deelbenamingen worden in 1980 onder één noemer samengevoegd met de bestaande "Rijksweg". De vroegere "Leiestraat", het zuidwest-noordoost georiënteerde straatdeel van de Rijksweg, paalt aan de kronkelende armen van de oude Leie. In de weides langsheen de Leie werden tot het midden van de 20ste eeuw vlaskapellen te drogen gezet.

In de bocht ter hoogte van het kruispunt met de 13de Liniestraat en de Stationstraat bevindt zich eertijds het dorpsplein, met huizen rondom een driehoekig plantsoen. Ten zuiden van het dorpsplein lag het gemeentehuis, een herberg met opschrift "stalling voor paarden", later vervangen door "vrije weegbrug, autovervoer". Op "de Plaats" lag o.m. de herberg "A la belle vue". In de volksmond werd het pleintje "de zwijnsmarkt" genoemd.

In 1352 wordt door ridder Michiel van Lembeke in zijn woonst een kapel opgericht ter ere van de Elfduizend Maagden. Het is niet duidelijk of l.g. het kasteel van Wielsbeke bewoonde of als het om de hoeve "Ter Lembeek" gaat.
Het leen en goed "ten Broucke" was een heerlijkheid met lage rechtspraak, onder bevoegdheid van het Kasteel van Kortrijk en het Leenhof van Tielt. Ze had recht op een baljuw, onderbaljuw, sergeant en zeven schepenen, l.g. enkel bevoegd voor lage rechtspraak. Er waren vier achterlenen. Leenhouder in 1359 is Wouter van Harelbeke, enkele jaren later (1366) is het bezit al overgegaan op Johanne van Harelbeke. Via huwelijk gaat de heerlijkheid begin 15de eeuw over op Tristam Uuten Zwane, heer van Wakken. In 1484 geeft Filips Uuten Zwane het leen ten Broucke in pand aan Joris van Crombrugghe. Laatstgenoemde koopt de heerlijkheid in 1485. Volgens literatuur is na een brand het oude kasteel volledig vernield geworden en wordt een nieuw kasteel opgetrokken. Diverse auteurs halen de datum van 1870 aan. Volgens een brief echter van Jules de Saint-Genois (die familiebanden had met de kasteelvrouw) wordt het oude kasteel "Ten Broucke" al herbouwd omstreeks 1780.

In de periode 1852-1856 wordt de nieuwe steenweg aangelegd, om een directer verbinding met Oostrozebeke en Ingelmunster mogelijk te maken.
Rond 1860 laat kasteelheer Frederic-Charles van der Bruggen de zuidwestelijke uitbouw van het kasteel vernieuwen. Het huidige classicistisch/ neoclassicistisch uitziende kasteel dateert volgens sommige bronnen van 1870, door de familie van der Bruggen heropgebouwd op grondvesten van de oude zomerresidentie. Mogelijk wordt rond deze periode wel het dak vernieuwd en delen herbouwd, de aanwezigheid van het alliantieschild van der Bruggen - van de Woestyne (eigenaars van 1766 tot 1801) in het fronton sluiten echter een volledige heropbouw uit.

In 1902 wordt in bestaande eind-19de-eeuwse landgebouwen een stoommelkerij ingericht op initiatief van baron Maurice van der Bruggen. Er stond ook een maalderijgebouw, bij kadaster aangeduid als "graanmolen". Het geheel bestond uit bakstenen bedrijfsgebouwen met rondbogige muuropeningen en hoge schoorsteen, cf. foto KIK (begin 20ste eeuw). In 1906 wordt voor deze "Laiterie coopératieve de Wielsbeke" of "Samenwerkend Melkery" een pittoresk gebouwtje langs straatzijde gebouwd, in de stijl van de naastgelegen portierswoning, gelegen achter een gietijzeren hek. Dit huisje was voorzien van overkragende zadeldaken, gesteund door schoorbalkjes op consoles, met windveren en vorstkam. De graanmolen wordt tot huis omgevormd. In 1910 wordt de melkerij nogmaals uitgebreid, er wordt aan de zuidzijde een nieuwe maalderij aangebouwd.

Op 3 augustus 1907 wordt het nieuwe Gildhof ingehuldigd (nr. 240), als feestzaal, vergaderzaal of zaal voor voordrachten, toneel en ontspanning.
Naast de huidige woning nr. 454 wordt volgens literatuur door Eline Coopman ca. 1925 een O.-L.-Vrouwekapel opgetrokken, aanpalend aan het woonhuis (verdwenen in het begin van de 21ste eeuw).

Vanaf de jaren 1930 worden de gronden langsheen de Rijksweg ten noorden van het dorpscentrum verkaveld, voorheen in eigendom van de baron Peers de Nieuwburgh, erfgenaam van kasteelheer Maurice van der Bruggen. Vanaf 1935 tot 1965 wordt het kasteel "Ten Broucke" gebruikt als provinciaal K.S.A.-hoofdkwartier. In 1937-1938 wordt het ontmoetingscentrum "Vogelsang" gebouwd als kampheem. Het pas opgerichte gebouw wordt in 1940 door Duitse troepen in brand gestoken.

Het dorpscentrum van Wielsbeke heeft tijdens de meidagen van 1940 zwaar te lijden onder de gevechten bij de verdediging van de Leie. Vele langs de Rijksweg gelegen woningen nabij het dorpsplein worden vernield of beschadigd, o.m. het café "De Klokke" en naastliggende huizen, gelegen aan de oostzijde van de weg. Ook het "Gildhof" lijdt zware schade en wordt snel hersteld om als noodkerk in gebruik genomen te worden.

De bredere bekenstructuur rond het kasteelpark en langs de dreven wordt gedempt in 1966, o.m. langs het neerhof en ten noorden van het kasteel. Het gebied ten noorden van het kasteel wordt verkaveld (cf. Hernieuwenstraat), vanaf 1970 worden nieuwe woningen opgetrokken. In 1972 wordt op de plaats van de broeikassen ten noordoosten van het kasteel de laatste restanten verwijderd en een nieuwe sporthal met bijhorende gebouwen gerealiseerd. Rond 1976 worden de laatste resten van het koetshuis verwijderd en op dezelfde plaats een cultureel ontmoetingscentrum gebouwd. In 1979 wordt aan het nieuw gebouwde Ontmoetingscentrum Hernieuwenburg een gedenkteken voor Juliaan Claerhout (1859-1929) opgericht, op de plaats waar vroeger de ruïnes van de kasteelstallen lagen.

Drukke steenweg met dichte bebouwing, voornamelijk met verbinding- en woonfunctie. Gekenmerkt door restanten van vlasnijverheid, noordelijk straatdeel met industrie. Behouden open gedeeltes langsheen de oude Leiemeander en in het noordelijke gedeelte.

Tot voor de 19de eeuw is het gebied ten noordwesten van de oude dorpskern ter hoogte van de huidige Rijksweg weinig bebouwd, op kaarten bij het landboek van Wielsbeke (1720) komen enkele verspreide hoeves voor, o.m. nr. 442, de historische hoeve "Ter Lembeek", thans gelegen op het Beaulieu-bedrijf. De hoevesite klimt minstens op tot de 18de eeuw, cf. voorkomen op de kaart van het elfde kanton, de "Lembeckwijck", van het landboek van Wielsbeke (1720). Het landboek vermeldt: "eene erfve mette wallen en ommeloop 'Goet ter Lembecque'", eigendom van de graaf van Wakken en verpacht aan Jan Vanden Heede, in 1780 aan Frans Joseph Tack, in 1803 aan Joseph Ghellynck. Eertijds was de hoeve toegankelijk via dreven vanaf de Heirweg ten oosten en de weg naar Oostrozebeke (verdwenen Driesstraat) ten westen. Ca. 1830 (primitief plan) is de hoeve eigendom van de kasteelheren van der Bruggen. Het boerenhuis ligt aan de oostzijde vlakbij de toegang, ten westen binnen de omwalling liggen nog twee grote en twee kleine landgebouwen. Rond 1883 is het boerenhuis uitgebreid aan de zuidwestzijde en werd een nieuw landgebouw opgetrokken, rond 1900 wordt er een stoommachine geplaatst, het gebouw wordt bij kadaster vermeld als "stoomstokerij". Rond 1930 wordt een nieuwe vlasschuur opgetrokken. In 1936 wordt een oude schuur afgebroken, een stuk van een landgebouw wordt omgevormd tot "kunstmatige roterij". In 1946 wordt de roterij nog uitgebreid. Na de Tweede Wereldoorlog is de site eigendom van vlasboer R. De Clerck, die tijdens de crisis van het vlas in de jaren 1950 en 1960 is omgeschakeld op textiel- en tapijtenindustrie. De oude hoevesite vormt thans de kern waarrond de Beaulieu bedrijvengroep is ontstaan. Bij de uitbouw van het textielbedrijf blijven behoudens het poortgebouw, het woonhuis en een klein bijgebouw van de vroegere vlasfabrieksgebouwen weinig over. Het huidige bedrijf is gegroeid rondom de oude hoeve. De vlassite (roterij, schuren en zwingelarijen) intussen verdwenen. Hoefijzervormige walgracht beboomd met populieren, toegankelijk aan de zuidzijde via een bewaard poortgebouw. Boerenhuis ingrijpend verbouwd en omgevormd tot bedrijfsrestaurant en vergaderzalen. Bewaard klokkentorentje met gekartelde bebording. In het interieur zijn nog oude opgeklampte deurtjes met smeedijzeren geheng bewaard, balkenroosteringen met moer- en kinderbalken en gebintes met pen-en-gatconstructie. Poort bestaande uit twee pijlers waartussen een hek en aan weerszijden verlengd met muurtjes waarin een korfbogig poortje, eveneens afgesloten met een hek. In witgeschilderde baksteen op verdikte grijsgeschilderde basis. Linkerpijler met getraliede kapelnis met beeld O.-L.-Vrouw met Kind. Ten zuiden van de omwalling is een grote naoorlogse vlasschuur omgevormd tot "showroom", rondbogige kapelnis in de zijgeveltop. Thans neemt het bedrijf voor een groot stuk het gebied in dat tussen Rijksweg, Bossenstraat en Heirweg ligt.

Hoeve op adres nr. 456, voorkomend op de kaart van het elfde kanton, de "Lembeckwijck", van het landboek van Wielsbeke (1720). Het landboek vermeldt: "erfve bestaen met huys, scheure ende ovenbuer". Voorkomend op primitief plan (ca. 1830), even ten noorden van de weg naar Oostrozebeke. Rond het midden van de 19de eeuw eigendom van de familie della Faille - van der Gracht uit Gent, vermoedelijk wordt de hoeve rond 1860 herbouwd. De hoeve is thans toegankelijk via erfoprit langs Breestraat. Boerenhuis in witgekalkte baksteenbouw met gepekte plint, nieuwe muuropeningen en vernieuwde erfgevel. Bewaarde rondbogige gevelkapel in noordelijke zijgevel. Stal-schuur in witgekalkte baksteenbouw met voormalige rondboogopeningen, gedicht wagenhuis onder houten latei. Rechthoekige poort en asemgaten.
Hoevesite nr. 476 voorkomend op de kaart van het twaalfde kanton, de "Warandewijck", van het landboek van Wielsbeke (1720), gelegen vlak tegen de westzijde van een (verdwenen) omwalde hoeve. Het landboek vermeldt: "een stuck landt bestaen met een huys, scheure en ovenbuer", eigendom van G. Goemaere en verpacht aan Joannes Schotte. Hoeve met naoorlogs woonhuis, met resterende bakstenen hoevegebouwen onder zadeldaken, in L-vorm rond het erf. Beide volumes komen voor op het primitief kadasterplan (ca. 1830). Witgekalkte stal met gepekte plint, rechthoekige staldeuren, -vensters en -poort, o.m. omvorming van een vroeger boerenhuis. Schuur (nok haaks op straat) met getoogde deur- en vensteropeningen aan erfzijde en centrale poortdoorrit, waarin een bewaarde houten poort met klinket, aan de oostzijde met houten latei en ontlastingsboog. Asemgaten in de zijgeveltop. Erf toegankelijk via bakstenen erfpijlers met hek, beide met rondboognis in zwarte baksteentjes.

Tijdens de 19de eeuw worden diverse woningen bijgebouwd, voornamelijk in de nabijheid van de grote hoeves of nabij de dorpskern. O.m. nr. 165: eenlaagsbouw uit de tweede helft van de 19de eeuw. Voorzien van nieuw parement en nieuwe muuropeningen. Achtergelegen haaks gebouwtje.
Nr. 244, voormalig herberg, opgetrokken ca. 1870 voor herbergier Ivo Gysels, gelegen in de binnenbocht van de Rijksweg ter hoogte van het oude dorpsplein, op grond die gekocht werd van baron Maurice van der Bruggen. Vrijstaande hoge eenlaagswoning in verankerde donkerrode baksteenbouw van zes traveeën onder pannen zadeldak, met witgeschilderde straatgevel en grijsgeschilderde gecementeerde plint. Nieuwe gootlijst, rechthoekige muuropeningen met afgeronde hoeken, natuurstenen onderdorpels.
Nr. 293, bakstenen eenlaagsvolume onder pannen zadeldak; met later gecementeerde gevel en sierankers, geriemde omlijstingen rond vergrote vensters en getoogde deur, spits dakvenster met gekoppelde spitsboogjes vervangen door samengevoegd raam. Drie resterende spitsboogvenstertjes in de zijgevel.
Nr. 307, witgeschilderde baksteenbouw van anderhalve bouwlaag onder zadeldak in Vlaamse pannen (parallel met straat). Houten kroonlijst op klossen. Getoogde muuropeningen, gewijzigd op begane grond. Opgetrokken in 1880 door landbouwer Ivo Desmet. Ten zuiden daarvan werd tegelijkertijd een "suikerijdroogerij" en woning met achtergelegen zwingelkot gebouwd (verdwenen).
Nrs. 309-311, gelegen op de hoek met de Molenstraat. Gepleisterde baksteenbouw van anderhalve bouwlaag onder zadeldak in Vlaamse pannen, met afgeschuinde en ingesneden hoektravee. Gewijzigde gevelopeningen. In 1886 wordt door de familie Biebuyck een huis met stoomkorenmolen en magazijn opgericht. In 1931 wordt het magazijn als smidse ingericht, een stuk van de maalderij als wagenmakerij en huis.
Nrs. 462-466, achteruitgelegen huizenrij van drie eenlaagswoningen onder zadeldak, grotendeels vernieuwd, o.m. met mansardedak. Komen reeds voor op het primitief kadasterplan (ca. 1830), gelegen nabij de toegang tot een omwalde hoeve (landarbeiderswoningen?). In 1853 komt binnen deze omwalling al geen bebouwing meer voor (gereduceerd kadasterplan Dépôt de la Guerre).
Nrs. 486-488: samenstel van twee eenlaagswoningen onder pannen zadeldak, opgetrokken in 1877. Gecementeerde straatgevels met voegwerkimitatie, rechthoekige vernieuwde muuropeningen, enkele met bewaarde natuurstenen onderdorpels. Boven de deur van nr. 486, met letters in cementering: "SEBASTOPOL", thans nog in gebruik als herberg.

Voornamelijk tijdens het interbellum kent de bewoning langsheen de Rijksweg een explosieve stijging. De percelen ten noorden van het oude dorpscentrum worden door de kasteeleigenaars verkocht en verkaveld.
Nr. 159, thans "Moorea", gebouwd in de jaren 1930-1940. Grijsgeschilderde interbellumwoning onder schilddak in zwartgeglazuurde mechanische pannen. Halfronde erkers (bow-window) aan de voor- en zijgevel, boven de rondbogige voordeur een overhoekse beglaasde uitbouw.
Nr. 187, rode baksteenbouw met geelbakstenen banden, onder zadeldak in mechanische pannen. Twee bouwlagen en drie traveeën, linkse travee met poort. Vernieuwde kroonlijst. Natuurstenen plint. Rechthoekige muuropeningen met nieuw schrijnwerk, onder betonnen lateien versierd met florale motieven. Geregistreerd bij kadaster in 1932, opgetrokken voor slachter Richard Danneels uit Wielsbeke.
Nr. 189, tweelaagse rode baksteenbouw van drie/twee traveeën onder zadeldak in mechanische pannen. Rechtertravee met poort. Vernieuwde lijstgoot. Rechthoekige muuropeningen met afgesnoten hoeken, waarin bewaard houtwerk, op tweede bouwlaag met glas-in-loodramen met bloemenvazen. Samen met nr. 191 geregistreerd bij kadaster in 1930, opgetrokken voor schildergast Hubert Pauwels, 191 voor werkman Richard Hostyn (thans met nieuw parement). Volgens kadaster lag het gebouw in 1941 in puinen en werd het volledig heropgebouwd.
Nr. 195, opgetrokken in 1935. Modernistisch geïnspireerde woning, gekenmerkt door hoekige erker op tweede bouwlaag en betonlateien met granitoafwerking. Vernieuwd schrijnwerk.
Nr. 197, eenvoudig bakstenen enkelhuis van twee traveeën en twee bouwlagen uit 1935. Bewaard schrijnwerk, o.m. paneeldeur met floraal motief en beglaasd bovenlicht, ramen met bovenlicht in roedeverdeling en met gekleurde beglazing.
Nr. 238, interbellumwoning, enkelhuis van twee bouwlagen en twee traveeën in geelbruine baksteenbouw onder pannen zadeldak, opgetrokken in 1931 voor de Wielsbeekse kerkfabriek. Bewaard schrijnwerk met horizontale roedeverdeling.
Nr. 252, opgetrokken ca. 1937 voor kleermaker Guillemijn uit Wakken, enkelhuis in rode baksteenbouw onder zadeldak in mechanische pannen (nok parallel met straat), met voorgevel in gele baksteen met sierverband. Houten kroonlijst met platte consoles, rechthoekige muuropeningen, deels beglaasde voordeur met geometrisch hekwerk en betonnen luifel.
Nr. 283. Interbellumwoning, volgens kadaster opgetrokken in 1931 voor Willem Ottevaere. Typologie van een vlashandelaarswoning, enkelhuis in gele baksteen met rechthoekige vensteropeningen en rondbogige deuropening, met naastgelegen garage waarboven laaddeur, onder half schilddak met lagere nok.
Nr. 285, Interbellumwoning, geregistreerd bij kadaster in 1933, opgetrokken voor metser Jozef Decambray, in rode baksteenbouw van vier traveeën en twee bouwlagen onder pannen zadeldak. Verlevendigd door gebruik van gele baksteen voor banden en tandfries. Rechthoekige muuropeningen onder betonlateien met florale motieven. Nieuw schrijnwerk. Linkertravee met poort en daarboven een voormalige laaddeur, thans venster.
Nr. 336, hoek met Hernieuwenstraat, café "'t Park". Grijsgeschilderd interbellumpand met afgeschuinde hoektravee, rechthoekige muuropeningen.
Nr. 344, traditioneel enkelhuis uit 1937 twee bouwlagen en twee traveeën met korfboogvormige muuropeningen, bewaard schrijnwerk in tweede bouwlaag met verticale roedeverdeling met o.m. kathedraalglas in bovenlicht, beglaasde deur met fraai ijzeren hekwerk met afbeelding van o.m. zonnestralen.
Nrs. 352-358, gebouwd tweede helft jaren 1930, rechthoekige muuropeningen, vierkante erkers of uitsprongen, vernieuwd schrijnwerk. Nr. 358 met zwartgeglazuurde tegel op plint en luifel.
Nrs. 368-370, interbellum enkelhuizen met rechthoekige muuropeningen, betonnen lateien.
Nr. 403, kleine bakstenen eenlaagswoning onder zadeldak, vlaswerkerswoning uit 1931.
Nrs. 415, 419-421, identieke traditionele enkelhuizen van twee bouwlagen en twee traveeën onder zadeldak, opgetrokken volgens kadaster in 1928. Gevels in rode baksteen met gebruik van witte baksteen voor omlopende banden. Nieuw schrijnwerk.

Door beschietingen en bombardementen in de meidagen van 1940 is voor vele woningen langsheen de Rijksweg nood aan heropbouw en/of herstelling.
Nr. 179: Dubbelhuis van twee bouwlagen en drie traveeën onder zadeldak in Vlaamse pannen. Vermoedelijk opklimmend tot de 19de eeuw en na de Tweede Wereldoorlog van een nieuwe gevel voorzien. Zuidelijke zijgevel met rondbogige kapelnis in zwarte baksteen. Straatgevel met roodbakstenen parement en gebruik van natuursteen voor plint en deur- en vensteromlijstingen, o.m. gekoppelde rondboogvensters met getorst deelzuiltje en serliana met balkonnetje.
Nr. 277 opgetrokken in 1941 voor vlashandelaar Maurits Van Halst, n.o.v. architect Ch. De Poorter uit Ingelmunster, samen met naastgelegen vlasmagazijn (nr. 275), thans omgevormd tot woning. Enkelhuis van twee bouwlagen met art-deco-invloeden (pakketbootstijl). Tot boven de kroonlijst oplopend zijrisaliet met afgeronde hoek, uitgevend op een terras met borstwering waarin vijf patrijspoorten. Rondbogige voordeur. Nieuwe kroonlijst, vernieuwd schrijnwerk. Nr. 288, woning met garage (werkplaats) volgens kadaster opgetrokken voor Robertus Vernackt in 1948.
Groengeschilderde baksteenbouw onder tentdak met overluifelende kroonlijst, vooruitspringende afgeronde hoek, rechthoekige erker op de tweede bouwlaag; rechthoekige vensteropeningen, centrale segmentbogige vleugeldeur. Aangebouwde garage met grote rechthoekige poort onder stomp zadeldak (nok haaks op straat).
Nr. 316, ontmoetingscentrum "Vogelsang", gebouwd in 1937-1938 als kampheem bij het K.S.A.- hoofdkwartier. Omvatte een grote ontspanningszaal, een bar en een achttal slaapkamers met sanitair. In 1940 wordt het pas gebouwde kampheem "Vogelsang" door Duitse troepen in brand gestoken en daarna hersteld en heropgebouwd. Wordt in 1965 verkocht aan vzw "Parochiale Werken". Uitgebreid met laat-20ste-eeuwse aanbouw aan achterzijde en nog steeds in gebruik als ontmoetingscentrum/ kampplaats. Volume van twee bouwlagen en acht traveeën op rechthoekig grondplan onder pannen schilddak, achterzijde met twee rondboogdeuren op de tweede bouwlaag die toegang geven tot een overluifeld terras of loggia met buisleuning.

Langsheen de Rijksweg zijn vele restanten van de bloeiende vlasnijverheid uit het interbellum of kort na de Tweede Wereldoorlog bewaard. O.m. ten noorden van het zuidoostelijke straatdeel ligt een vlasfabriek (+198), bestaande uit grote bakstenen vlasschuur met getrapte kopgevels, met naastgelegen roterij/zwingelarij ten westen, opgebouwd in betonskeletbouw en baksteenbouw. Vier rootbakken, deuren verdwenen. In 1937-1938 koopt Arthur Lambrecht een groot deel van de landbouwgronden van het kasteel op om een vlasfabriek op te starten. In 1948 wordt de grote vlasschuur geregistreerd. In 1956 wordt voor Henri Lambrecht een nieuwe woning opgericht (nr. 198). Daarnaast een klein bouwsel aan noordzijde van de weg in donkerrode baksteenbouw onder platte bedaking. Gedichte muuropeningen, o.m. lage rondboog met omlijsting in zwarte baksteen.
Vlasschuur bij nr. 264, vrijstaande bakstenen loods onder stomp zadeldak (haaks op straat), brede toegangspoort in de kopgevel, waarboven vensters onder I-profiel en bekronende beglaasde mijtervormige kapelnis met beeld H. Hart. Vlasmagazijn bij nr. 271 opgetrokken in 1942 voor vlashandelaar A. Verbeke-Vanpoucke. Ingebouwde bakstenen loods met trapgevel en grote poort, centrale mijtervormige gevelnis met beeld H. Hart. Naastgelegen woning uit de jaren 1950. Nr. 348, woning (nok parallel) met naastliggende bakstenen vlasschuur (haakse nok, derde type) uit 1937. Later is daar nog een grote achterliggende hangar aan toegevoegd. Grote schuifpoort en later ingebrachte garagepoort. Mijtervormige kapelnis met beeld Christus H. Hart.
Nr. 393 (dichtbij rond punt), naoorlogse witgeschilderde bakstenen vlasschuur onder stomp zadeldak, uit het centrum geplaatste mijtervormige kapelnis in zwarte baksteenomlijsting.
Fabrieksgebouw nabij de hoek met de Heirweg, loods in baksteenbouw onder stomp zadeldak.
Nr. 410, bakstenen loods (vlasschuur?) onder stomp zadeldak (nok haaks op straat), gevelbrede poort in de kopse gevel, waarboven rechthoekige gevelkapel met beeld O.-L.-Vrouw.
Nr. 416, oude loods met nieuwe bekleding.

Een verdere opvulling van de straat vindt plaats in de jaren 1950, o.m. nr. 374, voorgevel met vooruitspringend middenrisaliet met puntgevel, rechthoekige muuropeningen binnen simili omlijstingen, houten schrijnwerk, o.m. met getorste zuiltjes.
Vanaf de Heirweg naar het noorden toe bevindt zicht aan de oostzijde van de weg halfopen of vrijstaande bebouwing, voornamelijk uit het derde kwart van de 20ste eeuw. Aan de westzijde van de weg vanaf de Ridder de Ghellinckstraat tot de Molenstraat: naoorlogse bebouwing, voornamelijk alleenstaande of halfopen bebouwing uit het derde kwart van de 20ste eeuw, in rode baksteenbouw. Vlakbij de Molenstraat: alleenstaande eengezinswoningen in tuin uit het laatste kwart van de 20ste eeuw. Vanaf de Baron van der Bruggenlaan tot de Molenstraat: naoorlogse bebouwing, zowel vrijstaande villa's in tuin als halfopen en gesloten bebouwing.

GEMEENTEARCHIEF WIELSBEKE, Wielsbeke, 874.1: Bouwmachtigingen, 1946 en vorige jaren.
KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN, 207: Mutatieschetsen, Wielsbeke, 1864/3, 1870/6, 1881/3, 1903/7, 1907/10, 1911/8, 1930/43, 1931/13, 1931/14, 1931/4, 1931/16, 1932/10, 1933/11, 1935/10, 1937/12, 1937/14, 1941/10, 1942/7, 1947/20.
KONINKLIJK INSTITUUT VOOR HET KUNSTPATRIMONIUM, Fototheek, opname A131711.
RIJKSARCHIEF BRUGGE, Provinciekaarten, nr. 210: Kaart staatsbaan Ingelmunster - Sint-Eloois-Vijve (1852).
Buitentekstillustratie, in Leiesprokkels 1991, jaarboek 3, 1991, p. 124-125.
Buitentekstillustratie, in Leiesprokkels 1999-2001, jaarboek 7, 2002, p. 34.
Buitentekstillustratie, in Leiesprokkels 2002-2004, jaarboek 8, 2004, p. 267.
DEGRANDE V., Inventaris van de kapellen in West-Vlaanderen, Gemeente Wielsbeke, s.l., s.d., nr. 9.
DELANGE M., Wielsbeke, in HOLLEVOET F., Als straten gaan praten..., Tielt, 2005, p. 274.
MARTENS M.-C., Leven op en rond Hernieuwenburg, in Leiesprokkels 1994-1995, jaarboek 5, 1995, p. 7-69.
NOORSON P., Baron van der Bruggen 1852-1919, in Leiesprokkels 1989, jaarboek 1, 1989, p. 7-32.
VERBRUGGHE C., De toestand te Wielsbeke in het jaar 1720 en relaties met vroegere en latere tijden (deel 1), in Leiesprokkels 2005-2006, jaarboek 9, 2006, p. 252.


Bron     : Santy P. & Devooght K. 2008: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Wielsbeke, Deelgemeenten Ooigem en Sint-Baafs-Vijve, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL36, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Agentschap Onroerend Erfgoed


Relaties

  • Omvat
    Bornkapel

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis van het interbellum

  • Omvat
    Burgerhuis van het interbellum

  • Omvat
    Herdenkingsbeeld ter ere van priester-dichter Juliaan Claerhout

  • Omvat
    Hoeve

  • Omvat
    Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstand

  • Omvat
    Kasteel Hernieuwenburg, Gemeentehuis van Wielsbeke

  • Omvat
    Neerhof en kasteelhoeve kasteel Ten Broucke

  • Omvat
    Neoclassicistisch burgerhuis

  • Omvat
    Neoclassicistische burgerhuis

  • Omvat
    Neoclassicistische burgerwoning

  • Omvat
    Neoclassicistische dorpswoning met atelier

  • Omvat
    Neoclassicistische herenhuis met achterliggende vlasfabriek

  • Omvat
    Onze-Lieve-Vrouwekapel

  • Omvat
    Parochiezaal Gildhof

  • Omvat
    Portiers- of conciërgewoning van het kasteel Ten Broucke

  • Omvat
    Portierswoning kasteel Ten Broucke

  • Omvat
    Tramstatie

  • Omvat
    Villa

  • Omvat
    Vlasfabriek Arthur Lambrecht

  • Omvat
    Vlashandelaarswoning

  • Is deel van
    Wielsbeke

  • Is gerelateerd aan
    Rijksweg (Sint-Baafs-Vijve)

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Rijksweg (Wielsbeke) [online] https://id.erfgoed.net/themas/12434 (Geraadpleegd op 17-01-2021)