Voor het eerst vermeld in 1063 als Thienbeche, in 1092 Tidebecke, ook Tiebecke (Germaans "Teudan Baki", beek van Teudo).
Gelegen aan Albertkanaal (noordgrens) en Demer (grens tussen Kempen en Vochtig-Haspengouw). Ten noorden van de Demer: heidevlakte met natte zandgrond, ten zuiden: hoger gelegen grondgebied met lichtgolvende, natte lemige zandgronden tot kleiachtige grond.
Vrijheerlijkheid, in het bezit van het geslacht van Diepenbeek (afstammend van de Heren van Steyn). In het eerste kwart van de 13de eeuw betwisting van soevereiniteit tussen Luik en Brabant; uiteindelijk Luiks leen, maar tijdelijke Brabantse afhankelijkheid sinds 1266.
Na de dood van de laatste vrijheer Hendrik van Diepenbeek (1359), worden de bezittingen geërfd door Willem van Sombreffe (leenverheffing in 1393), vervolgens Boudewijn van Montjardin en Jan van Schoonvorst in 1412. In 1433 verdeling der vrijheerlijkheid tussen de families van Schoonvorst en van Gaver en de families de Horne en de Merode. Na aankopen in 1663 en 1679 in bezit van de Commanderie van Alden Biesen en als baronie overgedragen aan de rentmeester. Eigen schepenbank met Luikse rechtspraak.
Midden 11de eeuw oprichting van romaanse kerk en toren onder Albertus van Thienbecke, waarvan begevings- en tiendrecht in 1235 werd toegekend aan de abdij van Villers; vanaf 1382 begevings- en tiendrecht overgedragen aan Sint-Lambertuskapittel.
Tot 1589 dekenaat Tongeren, daarna dekenaat Hasselt. Oudste woonkern gelegen in het zuidwesten tussen de Jeugdstraat - Bouquetstraat (baan Diepenbeek - Wimmertingen) en de Dooistraat - Crijtstraat (baan Diepenbeek - Kortessem). In dat gebied (op het gehucht Keizel) tot vorige eeuw twee imposante megalietvelden: het Tombeveld en het Kapelveld (begrensd door Bouquetstraat, Tomstraat, Keizel en Keizelvoetweg). Op het Kapelveld: grote platte middensteen (2 m diameter) met daarrond lange gelijklopende rijen zware stenen. Vele stenen ingegraven of weggesleept bij het rooien van het eikebos in 1860; grootste stenen in 1904 overgebracht naar de tuin van het Koninklijk Atheneum te Hasselt; andere stenen dienden in 1928 voor de aanleg van het Veldekemonument (Hasselt).
Op het Tombeveld: stenen in regelmatige rechthoek van 60 bij 70 m. Thans worden beide velden door de autsnelweg Antwerpen-Luik doorsneden.
In de oudste kern lag tevens de eerste burcht der vrijheren: op het Nanofveld aan de Nanofstraat (Oudenhofstraat); cirkelvormige omgrachting thans gedempt en tot midden 19de eeuw grondvesten der slottoren nog zichtbaar. Vrijwel alle laathoven lagen in dat gebied; daarvan resteren nog: het hof van Buchout (de Bouquetwinning), oudste leenhof daterend uit eerste jaren der vrijheerlijkheid, een middelpunt vormend van alle wegen die uit omgeving er heen leiden, en het Hof van Merel (Merlemont) nabij de Merelberg. Buiten deze oudste kern, op het gehucht Grendel, het laathof van Desseneeren of Catershof, de zogenaamd "Mot" (verdwenen bij aanleg van de weg Genk-Diepenbeek). De dorpskom ontstond later op het kruispunt van de banen Hasselt-Maastricht (in 1755 rechtgetrokken en verhard) en Genk- Borgloon (Heidestraat - Nieuwstraat - Statiestraat - Varkensmarkt -Dooistraat - Crijtstraat). Bij dit centrum (Statiestraat) werd circa 1400 een tweede waterburcht opgetrokken, het huidige "Kasteel van Diepenbeek". De heide, ten noorden van de Demer bleef tot deze eeuw dun bevolkt en was een kaal, waterrijk gebied tot bij de bebossing (dennen) in vorige eeuw. Tijdens de 19de eeuw, ontginning van ijzererts tot 1879. Thans heeft de heide mede door de inplanting van het Limburgs universitair centrum het karakter gekregen van een stadsrandgemeente. Oppervlakte: 4.117 ha. Aantal inwoners(1976): 14.303.
Bron: SCHLUSMANS F. met medewerking van GYSELINCK J., LINTERS A., WISSELS R., BUYLE M. & DE GRAEVE M.-C. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6n1 (A-Ha), Brussel - Gent.
Auteurs: Schlusmans, Frieda
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
In 2017 is door Guido Creemers en R. Dreesen een artikel geschreven dat een volledig ander beeld schept over de stenen op het Tombeveld en het Kapelveld.