Geografisch thema

Bottelare

ID: 14212   URI: https://id.erfgoed.net/themas/14212

Beschrijving

Landbouwgemeente ten zuidoosten van Gent met 1.756 inwoners (1981) en in oppervlakte (296 ha) de kleinste deelgemeente van Merelbeke. Gelegen in het overgangsgebied van de Vlaamse Zandstreek naar de Zandleemstreek.

Een overwegend open kouterlandschap met wet weiden en bossen op de beperkte vochtige plaatsen, zoals het Gentbos in het noorden van de gemeente dat zich verder uitstrekt op Merelbeke. Bij de zuidoostelijke grens met Moortsele, grosso modo gevormd door de vallei van de Molenbeek, lagen de zogenaamde "Bottelaarse vijvers" die vroeger hoorden bij het domein van "Kasteel Ter Burcht" (zie Moortsele, Gravelos). De Hundelgemsesteenweg in het westen scheidt Bottelare van Schelderode.

Oudst bekende vermelding van "Botelar" in een document van rond het jaar 1000. Bottelare was één van de parochies die in 1226 door de graaf van Vlaanderen in ruil voor bezittingen te Merelbeke en Niepkerke, werden geschonken aan Rodolf, heer van Rode. Van dan af tot het eind van het Ancien Régime maakte Bottelare deel uit van het Land van Rode in de kasselrij van het Land van Aalst. In 1565 werd het Land van Rode verheven tot baronie, in 1682 tot markizaat.

Het belangrijkste leen, afhangend van het Land van Rode, was de heerlijkheid "Ter Burcht" die zelf nog 19 achterlenen bezat in de omgevende parochies. De Gentse Sint-Pietersabdij inde de meeste tienden in de parochie en bezat ook het patronaat over de parochiekerk die aanvankelijk aan Sint-Martinus was toegewijd. Met behulp van giften van het groeiend aantal bedevaartgangers naar de Sint-Annakapel te Bottelare werd in de 18de eeuw een grote nieuwe parochiekerk opgericht die tevens als bedevaartskerk zou fungeren en de naam Sint-Annakerk ontving. Aan de kloosterlingen van het in 1667 gestichte karmelietenklooster in de grenshoek met Moortsele en Munte, werd opgedragen hulp te verlenen bij de parochiale diensten, dit vooral ten bate van de populaire Sint-Annaverering in de parochie. De industriële bedrijvigheid bleef in de gemeente beperkt tot enkele traditionele 19de-eeuwse landelijke nijverheden (brouwerij en stokerij). De centrale dorpskern rondom parochiekerk en het nabije rechthoekige dorpsplein profileerde zich sterker in de 19de eeuw. De scheiding tussen de bebouwde kern en de voorts in kleine gehuchten gegroepeerde bebouwing vervaagt thans door de aangroeiende woningbouw ten behoeve van pendelaars naar het Gentse.

  • DE POTTER F. - BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der Provincie Oost-Vlaanderen, reeks 1, deel 1, Gent, 1864-1870.

Bron     : Bogaert C. & Verbeeck M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Gent, Kantons Destelbergen - Oosterzele, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 12N2, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Bogaert, Chris, Verbeeck, Mieke
Datum  : 1989


Relaties

  • Omvat
    Boerenburgerhuis

  • Omvat
    Boerenhuis

  • Omvat
    Boerenhuis

  • Omvat
    Buitengoed De Volder

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Dorpsstraat

  • Omvat
    Dorpswoning

  • Omvat
    Gedeelte van een groot burgerhuis

  • Omvat
    Hoekhuis

  • Omvat
    Hoeve

  • Omvat
    Hoeve met losse bestanddelen

  • Omvat
    Hoeve met losse bestanddelen

  • Omvat
    Hoeve van het gesloten type

  • Omvat
    Hoeve van het semi-gesloten type

  • Omvat
    Karmelietenklooster

  • Omvat
    Kasteel van Bottelare

  • Omvat
    Kloosterhoeve van het karmelietenklooster van Bottelare

  • Omvat
    Koetshuis

  • Omvat
    Koning Albert I-Plein

  • Omvat
    Langgestrekte hoeve

  • Omvat
    Lindestraat

  • Omvat
    Merelbeekse bossen

  • Omvat
    Molenhoekstraat

  • Omvat
    Rid. A. Stas de Richellelaan

  • Omvat
    Rij arbeidershuizen in eenheidsbebouwing

  • Omvat
    Sint-Annastraat

  • Omvat
    Vijf arbeidershuizen

  • Omvat
    Villa Rodenbuck

  • Is deel van
    Merelbeke