Geografisch thema

Theodoor Vermylenstraat

ID: 15203   URI: https://id.erfgoed.net/themas/15203

Beschrijving

Vanaf het einde van de 19de eeuw nam de industriële activiteit zeer sterk toe te Baasrode. Een aantal factoren begunstigden deze evolutie: de gunstige ligging aan de Schelde, de aanwezigheid van interessante spoorlijnverbindingen (de lijnen Dendermonde-Mechelen en Dendermonde-Antwerpen). Ook de in de 19de eeuw sterk uitgebouwde scheepsnijverheid te Baasrode en demografische groei binnen de gemeente, maakten dit mogelijk. Vooral de terreinen ten zuiden van het oude dorpscentrum vlakbij de Schelde boden ideaal gelegen vestigingsplaatsen voor nieuwe werkplaatsen en fabrieken. Naast scheepvaartvervoer was er tevens goederentransport mogelijk via het spoor van het station van Baasrode-noord.

Eén van de grootste ondernemingen die een belangrijk aandeel had in de industriële expansie te Baasrode was de "Société Anonyme Usines Vermylen". De basis voor dit bedrijf werd gelegd door Petrus Vermylen die al in 1886 een onderneming van zetmeel, stijfsel en kleurstoffen bezat bij de Schelde nabij de Drie Huizen. Het familiebedrijf werd bij de overname door de drie zonen Theodoor, Jozef en Honoré in 1896 gewijzigd in P. Vermylen et fils. In 1901 stichtten de Vermylens een nieuw bedrijf: de "Ateliers de construction de Baesrode". In 1907 werd naast het aanvankelijke werkhuis een nieuw bedrijfsgebouw in gebruik genomen aan de huidige Theodoor Vermylenstraat (vroegere Meirgatstraat) dat in 1909 en 1911 nog werd vergroot. In dit constructiewerkhuis werden onderdelen voor de scheepsbouw en metalen producten voor brouwerijen en andere metalen constructies vervaardigd. Aan de overzijde van de straat bezat het bedrijf Vermylen een suikerfabriek die volgens kadasterarchief in 1911 was omgevormd tot papierfabriek. Het zetmeelbedrijf aan de Fabriekstraat kende sinds de overname door de broers Vermylen een enorme uitbreiding en was één van de voortrekkers op het vlak van maïszetmeelproducten. De productie omvatte glucose, suiker, zetmeel, stroop, stijfsel, lijm, naast de basisproducten voor brouwerijen. De onderneming werd omgevormd in 1919 tot NV Vermylen. Het bedrijf aan de Schelde evolueerde al in het begin van de 20ste eeuw naar omvang en uitgestrektheid tot een indrukwekkend industriecomplex (zie archieffoto's en prentkaarten).

De oorlogsschade en opeising van het bedrijf door de Duitse bezetter tijdens de Eerste Wereldoorlog zetten een rem op de verdere uitbouw van het zetmeelbedrijf Vermylen dat in de jaren 1920 en 1930 een wisselend commercieel succes kende. Na de Tweede Wereldoorlog sloot het bedrijf met de oprichting van Vitamex aan bij de veevoederindustrie. Dit indrukwekkende industriecomplex is intussen grotendeels verdwenen. In de "Ateliers de construction de Baesrode" waren in 1910 150 arbeiders tewerkgesteld, in 1936 nog maar 17. In de jaren 1950 kende deze onderneming nog een kortstondige bloei. In 1970 stopte zij haar activiteiten. De grote fabriekshal aan de Theodoor Vermylenstraat bleef bestaan en biedt thans onderdak aan Vitamex.

De Société P. Vermylen & Fils stond ook in voor de huisvesting van hun personeel. Daartoe liet het bedrijf op de onbebouwde terreinen naast hun fabrieken aan het oostelijk deel van de Meirgatstraat enkele reeksen personeelswoningen bouwen. Dit ging tevens gepaard met de aanleg van een openbaar plein met concertzaal en villa voor fabrieksdirecteur Theodoor Vermylen. Diverse functies: wonen, werken en recreatie werden in één buurt verenigd. Het geheel verkreeg het karakter van een aparte wijk, merendeels opgericht omstreeks 1910 (volgens kadasterarchief in de periode 1906-1912). De aanvankelijke Meirgatstraat, die de Fabriekstraat verbindt met de Mandekensstraat verkreeg later de benaming Theodoor Vermylenstraat. De benaming van de NV "Schoone woonst baart geluk" die met het bedrijf Vermylen deels dit woonproject uitvoerde, geeft blijk van de bekommering om kwaliteitsvolle architectuur te creëren.

De huizen gebouwd in het begin van de straat en de omgeving van het plein met directeurswoning bezaten het karakter van burger- en herenhuizen en waren bedoeld voor het middenkader en de bedienden onder het personeel. Verderop in de straat werden kleinere en eenvoudiger rijhuizen opgericht voor de arbeiders. De rij van 17 huizen nr. 66-98 werd volgens het kadasterarchief gebouwd in 1908-1909. Het uitzicht en eenheidskarakter van deze gevels zijn echter door latere aanpassingen sterk verstoord.

De woningbouw gerealiseerd door de NV Vermylen was de aanzet voor de verdere ontwikkeling van sociale woningbouw en eenheidsbebouwing in de buurt, eerst in het aansluitend deel van de straat. In een jongere periode ontstond ten zuiden aansluitend een uitgestrekt kwartier met woningbouw in functie van ernaast gelegen industriezone bij de Schelde.

De totaliteit van reeksen rijhuizen en een villa met plein en concertzaal circa 1910 opgericht door het bedrijf Vermylen betreft een huisvestingsproject in eclectische stijl typerend voor het begin van de 20ste eeuw. Ensemble van verschillende huizenrijen die elk als een gegroepeerd geheel werden geconcipieerd en waarbij vele woningen toch een vrij geïndividualiseerd uitgewerkte voorgevel verkregen met diversiteit in gevelornamentiek. Het eenheidskarakter van de totaliteit resulteert vooral uit het opvallend pittoresk voorkomen van de gevelwanden als gevolg van het kleurrijke en gevarieerde materiaalgebruik. De rijhuizen zijn op enkele uitzonderingen na van het enkelhuistype, twee en soms drie traveeën breed met een bovenverdieping, veelal doorlopende kroonlijsthoogte en geknikte zadeldaken. Een ander belangrijk bindelement vormt de sokkel van hardsteen en grijze breuksteen. De bakstenen gevels zijn met hardsteen en verschillend gekleurde baksteen (gele, witte grijze en groene) verrijkt. Als typische elementen van eclectische gevelarchitectuur is er op gevarieerde wijze gewerkt met boogvelden, spaarvelden, lisenen, bogenfriezen, decoratief baksteen metselwerk, en werden de verschillende venster- en boogvormen geaccentueerd. Er zijn ook elementen ontleend aan de neogotiek, de art-nouveaustijl en kenmerken die al neigen naar de art-decostijl.

Een gedeelte van de fabriekswijk Vermylen is beschermd als monument bij ministerieel besluit van 5 januari 2004, namelijk nummer 15, voormalige villa van Theodoor Vermylen en bijhorende tuin met tuinmuur met hekwerk, nummers 4-18, acht personeelswoningen, rij 'villa's' met bijhorende tuinen met tuinmuren, nummers 3-13, zes personeelswoningen, nummers 24-36, zeven personeelswoningen, nummer 19, personeelswoning, nummer 17; voormalige concertzaal, bijhorend plein op de hoek met Hof ten Rode; nummer 20, gedeelte van de voormalige "Ateliers de construction de Baesrode" gevormd door de grote fabriekshal met rolbrug en de aansluitende straatgevel van het overig deel van het bedrijfsgebouw.

  • Vlaamse Overheid, Ruimte & Erfgoed, Afdeling Oost-Vlaanderen, Onroerend erfgoed, archief.
  • GIJSEN J. 1997: Baasroodse bedrijvigheid aan de Schelde, Dendermonde.
  • GIJSEN J. & SEGERS Y. 1997: Blik op Baasrode. Een eeuw dorpsgeschiedenis in woord en beeld 1850-1950, Dendermonde, 93-103.
  • STROOBANTS A. 2005: Gemalen en geplet. Molens en maalderijen te Dendermonde in de 19de en 20ste eeuw, Dendermonde, 63-65.

Bron     : Bogaert C. , Duchêne H. , Lanclus K. & Verbeeck M. s.d.: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Dendermonde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Duchêne, Helena, Verbeeck, Mieke
Datum  : 2001


Relaties

  • Omvat
    Boerenwoning

  • Omvat
    Concert- en feestzaal

  • Omvat
    Ensemble van arbeiderswoningen

  • Omvat
    Ensemble van burgerhuizen

  • Omvat
    Ensemble van personeelswoningen

  • Omvat
    Metaalfabriek Ateliers de constructions de Baesrode

  • Omvat
    Personeelswoning

  • Omvat
    Reeks personeelswoningen

  • Omvat
    Villa van Theodoor Vermylen met tuin

  • Is deel van
    Baasrode