Geografisch thema

Kortrijksestraat

ID
15435
URI
https://id.erfgoed.net/themas/15435

Beschrijving

Drukke centrumstraat en invalsweg die de Oostlaan/ Roeselaarsestraat verbindt met het noordelijker gelegen Marktplein. Maakt vanouds deel uit van de verbindingsweg Roeselare-Tielt, die doorheen de dorpskern liep over het tracé Roeselaarsestraat-Kortrijksestraat-Marktplein-MonseigneurRoelensstraat-Brugstraat-Pittemsestraat. In de ommeloper van Ardooie uit 1688 wordt de "Cortrick straete" vermeld als "de straete van hardoye plaetse naer Isegem". Op de Ferrariskaart (1770-1778) wordt de weg op het huidige tracé weergegeven. In 1775-1776 wordt de straat vanaf het Marktplein tot aan herberg de "Drie Linden" (ongeveer ter hoogte van nummer 44) heraangelegd als steenweg en gekasseid, zie ontwerp voor de aanleg van de steenweg (1775). Gedurende de 19de eeuw afwisselend Kortrijkstraat of Roeselarestraat geheten. Op het primitief kadasterplan (1817) aangeduid als "Chemin d'Iseghem à Ardoye of Kortryk-Straet", op de Atlas der Buurtwegen (1846) weergegeven als onderdeel van de "Rousselaerestraete" en omschreven als "Chemin pavée d' Ardoye à Roulers". De straat wordt op een gemeentelijk kaartje in de publicatie "Dit is West-Vlaanderen" (1960) aangeduid als dicht bebouwde centrumstraat, onderdeel van de staatsbaan van Rijselende naar Roeselare.

Een steegje tussen nummers 11 en 13 maakt de doorsteek naar de Monseigneur Roelensstraat, op de Atlas der Buurtwegen aangeduid als "Het Gangsken" en omschreven als "Sentier du cabaret dit: de Zwaen au chemin dit: Rousselaerestraet".

Op de Ferrariskaart (1770-1778) wordt het eerste straatdeel (tot de huidige Prinsendreef) al met dichte bebouwing weergegeven, verder uitlopend aan de westzijde van het zuidelijk straatdeel en voor het overige meer verspreide bebouwing. Ter hoogte van de huidige Prinsendreef strekt zich het domein van de heren van Ardooie uit, binnen een ruime omwalling die deels langsheen de straat loopt (zie Prinsendreef). Binnen deze wallen bevinden zich losstaande gebouwen met omringende boomgaard, op de oostzijde van de site een apart omwald opperhof of mote met verdwenen bebouwing. Op het ontwerp voor de aanleg van de steenweg (1775) worden de huizenblokken tussen de Kortrijksestraat en de huidige Monseigneur Roelensstraat weergegeven met een formele tuinaanleg, onder meer met kruispad. In 1834 wordt door de zusters van Liefde het hospitaal en bijhuis Heilige Vincentius a Paulo gesticht (nummer 56). Volgens De Flou opgericht ter hoogte van de vroegere herberg "Drie Linden". Een eerste kapel wordt opgetrokken in 1841. Oudere bebouwing is thans volledig verdwenen. In 1851 wordt langs de Kortrijksestraat, tegenover het rustoord, een nieuwe gemeenteschool gebouwd op gronden die eigendom bleven van de familie de Jonghe d'Ardoye. In 1858 en 1861 werd deze school uitgebreid. Achteraan het oude schoolgebouw, de zogenaamde Academie (thans afgebroken) stak nog een steen met inscriptie "11 MARS 1861", een andere met "ME POSUIT A VERMEULEN", en met de namen van onderwijzer Diaz en vrouw en dochter. Omdat de school al snel veel te klein blijkt, wordt in 1877 een nieuwe school gebouwd op een stuk grond langs de Hemelstraat (huidige locatie). Tijdens de schoolstrijd wordt in 1880 de oude gemeenteschool ingericht als gemeentelijke meisjesschool, in 1884 terug afgeschaft. In 1918 waren de schoolgebouwen in de Hemelstraat erg beschadigd, tijdelijk verhuist de gemeenteschool opnieuw naar de Academie in de Kortrijksestraat.

Ter hoogte van het kruispunt met de Cardijnlaan bevindt zich eertijds aan de westzijde van de straat een vierkante omwalling zonder bebouwing, zie Atlas der Buurtwegen (1846).

Na de Eerste Wereldoorlog ligt de herberg "In Het Damberd" in puin. In het begin van de jaren 1920 wordt de herberg opnieuw opgetrokken als kleiner volume (nummers 2-4) met trapgevel. Op de plaats van de herberg wordt in 1925-1926 een nieuw gemeentehuis opgetrokken naar ontwerp van architect Jerome Deboutte (Marktplein nummers 1-3).

Na de bevrijding in 1944 wordt bij het huis van onderpastoor Parmentier (nummer 27) een kapelletje opgericht, geïntegreerd in de tuinmuur. Op de hoek met de Prinsendreef bevindt zich eertijds een oudere bakstenen kapel, zie postkaart uit het interbellum.

Op de hoek met het Marktplein is in het begin van de 20ste eeuw een beeldbepalende en statige woning met hoektorentje opgericht. Het volume is gesloopt in de jaren 1980, voor de bouw van een nieuw bankgebouw (nummer 1).

Dicht bebouwde centrumstraat met voornamelijk woonfunctie. Tevens semi-industriële functie (Declercq-Declercq) en handelsfunctie. De dichte bebouwing is in het eerste straatdeel reeds in de tweede helft van de 18de eeuw aanwezig en bevatte als vrijwel belangrijkste straat van het dorp vermoedelijk reeds tweelaagse bebouwing. Huidige bebouwing mogelijk in kern daarop teruggaand, doch met recenter voorkomen. In de loop van de 19de eeuw worden tal van woningen verbouwd of vernieuwd. Nummer 18, thans met herpleisterde gevel, dubbelhuis van vijf traveeën en twee bouwlagen onder pannen zadeldak, voorzien van rechte en getoogde muuropeningen met vernieuwd schrijnwerk. Het pand wordt in het begin van de jaren 1960 uitgebaat als "Café Het Sas". Nummer 23, gerenoveerd en gewijzigd 19de-eeuws volume, grijsgeschilderde bakstenen lijstgevel. Rond het midden van de 19de eeuw is de bebouwing aangegroeid. In het zuidelijke straatdeel thans nog behouden eenlaagsbebouwing uit de 19de eeuw. Nummer 103, gebouwd in 1879, gevel aangepast in het eerste kwart van de 20ste eeuw. Voormalig café "In 1900", zie opschrift boven deur. Eenlaagsvolume onder zadeldak in mechanische pannen; straatgevel van eertijds zeven traveeën in siercementering met voegimitatie, boven de muuropeningen versierd met guirlandes. Plint met breuksteenimitatie. Thans verbouwd met inbreng van grotere raamopeningen. Nummer 93, Café Nouvelty, ingrijpend verbouwd met nieuwe muuropeningen. Eenlaagsbouw onder pannen zadeldak.

In het begin van de 20ste eeuw worden tal van huizen vernieuwd. Onder meer nummers 61 en 63, opgetrokken in 1904, nummer 63 ter vervanging van een eenlaagsvolume. Nummer 61 met nieuw parement en vernieuwde muuropeningen, nummer 63 grijsgeschilderd volume van twee bouwlagen onder half schilddak, met overhoeks tandfries op de borstwering en dubbel baksteenfries onder de goot; op de verdieping getoogde muuropeningen, verbouwde begane grond, vernieuwd schrijnwerk.

Ook tijdens het interbellum zet de vernieuwing zich door. Nummer 38 wordt bij kadaster in 1924 geregistreerd als "gedeeltelijke heropbouw", toen eigendom van de N.V. Banque de Courtrai. In 1928 vindt een uitbreiding van de achterbouw plaats. Een foto uit het interbellum toont een witgeschilderde gepleisterde lijstgevel met op de begane grond rechthoekige muuropeningen voorzien van traliewerk, op de verdieping getoogd. Op de borstwering het opschrift "BANK DER SOCIÉTÉ GÉNÉRALE DE BELGIQUE". Thans met vernieuwd parement en nieuw schrijnwerk, volume van vijf traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak in zwartgeglazuurde mechanische pannen.

Nummers 24-26, verbouwing uit 1931-1933 van de oudere brouwerij Delbaere/ Camerlynck uit 1887: twee bouwlagen in rode baksteenbouw onder schilddak in rode Vlaamse pannen; T- en schuiframen, sierankers, natuurstenen plint, eertijds met getoogde muuropeningen, later bij nummer 24 gewijzigd en met gecementeerde omlijstingen. Nummer 24 met tweezijdige erker en laaddeur; boogvelden met baksteeninvulling. Nummer 26 op de begane grond met vergroot raam onder ijzeren latei.

De bebouwing op nummers 2-4, maakt oorspronkelijk deel uit van "In Het Damberd", zie primitief plan (1817). Deze herberg was in de 19de eeuw eigendom van de brouwersfamilie Vanden Bussche. Beeldbepalend volume gelegen op de hoek van de Kortrijksestraat en het Marktplein. In 1857 wordt de woning nummers 2-4 van de herberg afgesplitst. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vallen "In Het Damberd" en de aanpalende woning door een beschieting in puin. In 1928 registreert het kadaster de bouw van een nieuwe woning (huidige trapgevel), in opdracht van Cyriel Vanden Bussche, opnieuw uitgebaat als herberg "Het Damberd". In 1965 wordt de woning verkocht aan Jaak Sercu, die de naastgelegen drukkerij uitbaat (nummer 8). Haaks volume van twee bouwlagen onder zadeldak in mechanische pannen, aan straatzijde met grote trapgevel van vier traveeën met vernieuwde rechthoekige muuropeningen en arduinen onderdorpels. Geveltop met centraal afgelijnd schouwkanaal (zie ook nummers 6-6A). Nummer 30, thans zakenkantoor Claeys/ Rekord Bank. Hoekpand van twee bouwlagen onder platte bedaking met overkragende kroonlijst. Lichtrood bakstenen parement met rechthoekige muuropeningen, op de verdieping met behouden schrijnwerk, onder meer met horizontale roedeverdeling. Kwartronde hoek met toegangsdeur.

Het zuidelijke straatdeel bestaat voornamelijk uit doorsnee interbellumbebouwing, met als voorbeelden onder meer nummer 89, bakstenen dubbelhuis van drie traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak in mechanische pannen. Voorgevel in rood sierparement, licht verdiepte muurvelden. Boven de voordeur een beglaasde mijtervormige kapelnis met Heilig Hartbeeld. Rechthoekige muuropeningen met vernieuwd schrijnwerk, arduinen kordonlijsten en plint. Nummers 82-84: bakstenen woningen van twee bouwlagen onder zadeldaken, nummer 82 met doorgetrokken betonlateien, rechthoekige muuropeningen met vernieuwd schrijnwerk en plint in siercementering; nummer 84 witgeschilderd met muizentandfries, verbouwde begane grond. Nummers 86, volume van twee bouwlagen, roodbakstenen gevel, zadeldak, rechte muuropeningen met nieuw schrijnwerk, poort in rechtertravee. Voorts ook nummers 115-117 en 121.

Verdere invulling met woningen uit het derde kwart van de 20ste eeuw, vaak in traditionalistische/ regionalistische stijl. Nummers 12-14, roodbakstenen parement, terugspringende rooilijn. Tegen de zijgevel van nummer 10 een beeld van Onze-Lieve-Vrouw met Kind. Nummer 50, gebouwd in 1951 voor dokter Georges Baert-D'hoore. Ter vervanging van een rij van vier kleine woningen, waarvan twee in puin lagen. Imposant volume met bruinbakstenen straatgevel, haakse puntgevel. Nummer 22 aan de hoek met Hemelstraat, hoekpand gebouwd in 1953 voor dokter Frits David-Depicker. Nummer 27, voormalige onderpastorie, thans dierenartspraktijk. Christusmonogram boven de voordeur. Twee bouwlagen in bruine baksteenbouw onder wolfsdak in zwarte mechanische pannen. Rechthoekige muuropeningen, arduinen deuromlijsting. Muurkapel op de hoek met de Prinsendreef. Nummer 19, vernieuwd derde kwart van de 20ste eeuw. Het rusthuis en klooster van de zusters van Liefde bestaat uit 20ste-eeuwse bebouwing. Nummer 56, kloostergebouwen zusters van Liefde, met tuin. Roodbakstenen volume van drie bouwlagen onder platte bedaking, gekenmerkt door witte banden. Nummer 58, rust- en verzorgingstehuis Sint-Vincentius zusters van Liefde. Nieuw gebouwenbestand van drie bouwlagen, in zwarte en bruine baksteen. Woon- en Zorgcentrum. Dagverzorgingscentrum De Kim.

Recente architectuur met onder meer nummer 88, woning met praktijk uit de jaren 1980, opgebouwd uit betonstenen, bestaande uit een éénlaags volume onder opeenvolgende zadeldaken. Nummer 17, recent volume, oud gabariet met nieuwe invulling. Terugspringende gevel achter gepleisterde pijlers die het zadeldak ondersteunen.

Aan de zuidzijde aangevuld met diverse vrijstaande woonhuizen uit tweede helft 20ste eeuw.

  • Kadasterarchief West-Vlaanderen, 207: Mutatieschetsen, Ardooie, 1857/2, 1888/74, 1924/11, 1928/2, 1928/72, 1951/48, 1953/94.
  • Rijksarchief Brugge, Verzameling kaarten en plannen, nr. 322: Plan van de steenweg die Ardooie verbindt met de steenweg Kortrijk naar Brugge tot aan Herberg Ruyselende, 1775.
  • ALLOSSERY P., Ardooie, meest onder kerkelijk oogpunt, in Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis te Brugge, jg. 82, 1939, p. 205-239.
  • DECLERCK G., Boldershistoriek van Ardooie, in Jaarboek van de heemkundige kring Ardooie-Koolskamp, jg. 1, 2005, p. 45-48.
  • DE FLOU K., Woordenboek der toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het land van den Hoek, de graafschappen Guines en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu, Deel III, Brugge, 1923, kolom 570; Deel VIII, Brugge, 1928, kolommen 410-411.
  • DENDOOVEN L., Dit is West-Vlaanderen. Steden, gemeenten, bevolking, 1960, p. 74.
  • VAN ACKER L., De geschiedenis van het gemeentelijk onderwijs te Ardooie, Ardooie, 1973.
  • VAN ACKER L., Oud Ardooie, Ardooie, 1977, p. 21.

Bron     : Santy P. & Boone B., met medewerking van Callaert G. 2010: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Ardooie met deelgemeente Koolskamp, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL44, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Boone, Benjamin, Santy, Pieter
Datum  :


Relaties

  • Omvat
    Boerenarbeiderswoningen

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis uit het interbellum

  • Omvat
    Burgerhuizen

  • Omvat
    Café De Veekoopman

  • Omvat
    Dorpswoning

  • Omvat
    Dorpswoning

  • Omvat
    Dorpswoning

  • Omvat
    Dorpswoning met leerlooierij

  • Omvat
    Dorpswoningen

  • Omvat
    Dorpswoningen van 1909

  • Omvat
    Drukkerij Sercudruk

  • Omvat
    Neoclassicistische burgerhuizen en bedrijfsgebouwen

  • Omvat
    Onze-Lieve-Vrouwekapel

  • Omvat
    Onze-Lieve-Vrouwekapel

  • Omvat
    Woonwinkelpand

  • Omvat
    Woonwinkelpand

  • Omvat
    Woonwinkelpand

  • Omvat
    Woonwinkelpand

  • Omvat
    Woonwinkelpand

  • Is deel van
    Ardooie


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Kortrijksestraat [online] https://id.erfgoed.net/themas/15435 (Geraadpleegd op )