Inhoudelijk thema

Kleine gedenktekens langs de rand van de weg

ID
17349
URI
https://id.erfgoed.net/themas/17349

Beschrijving

Langs straten en pleinen, vooral in bermen of op andere relatief onopvallende plaatsen, komen kleine, persoonlijke elementen van herdenking voor, zoals moordkruisen, ongevalskruisen, kapelletjes en bermmonumenten. Ze zijn opgericht als een onmiddellijk aanwezige, fysieke plek voor rouw, voor reflectie en verbinding voor de nabestaanden en voor de gemeenschap waarin de overledene leefde. Ze bevinden zich op een heel betekenisvolle plek, vaak op of dichtbij de plek waar het verlies of de tragedie heeft plaatsgevonden.

In de middeleeuwen, tot in de 17de eeuw, was het gebruikelijk dat de dader van een gewelddaad een wegkruis liet oprichten ter nagedachtenis van diens slachtoffer. Het maakte deel uit een verzoeningsregeling om wraak af te kopen. Zo’n kruis wordt een moordkruis, ook wel een boete- of zoenkruis genoemd. Het kruis herinnert aan een om het leven gebrachte persoon, wiens naam en jaar van overlijden op het kruis wordt vermeld. Moordkruisen markeren de plek waar het misdrijf plaatsvond; als het drama op een privaat domein plaats vond, staat het moordkruis langs een nabijgelegen openbare weg of kruispunt.

Er zijn ook recentere moordkruisen geregistreerd, uit de 18de, 19de en 20ste eeuw. Deze zijn niet door de dader geplaatst, maar door nabestaanden van de slachtoffers. Het aspect van boetedoening is bij deze recente voorbeelden niet meer aanwezig. De moordkruisen willen herinneren aan de slachtoffers en de plaats markeren waar het delict heeft plaatsgevonden.

Voorbeelden van moordkruisen zijn te vinden in Bilzen-Hoeselt, Merchtem, Oud-Heverlee, Sint-Pieters-Leeuw en Voeren. Voorbeelden uit 18de-19de eeuw zijn deze kruisen in Merchtem, Lanaken en Tongeren-Borgloon.

Een ongevalskruis of ongelukskruis is een klein gedenkteken dat langs de weg is opgericht ter nagedachtenis aan iemand die op die specifieke plek door een ongeluk om het leven is gekomen. In Vlaanderen zijn voorbeelden bekend uit de 16de tot de 19de eeuw en zelfs 20ste eeuw. De houten of natuurstenen wegkruisen vormen bid- of herdenkingsplaatsen voor de overledene. Tegelijk waarschuwen ze de voorbijgangers. Op de kruisen staan meestal de naam van het slachtoffer, de datum of het jaartal van het ongeluk. Ook wordt meestal kort omschreven wat er is gebeurd; zo weten we dat het vaak om een ongeluk gaat met een paard of met een kar.

Voorbeelden van ongelukskruisen zijn te vinden in Zutendaal, Heers, Tongeren-Borgloon, Sint-Genesius-Rode, Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht, Beersel en Tervuren.

Eenzelfde functie als die van de ongeluks- en moordkruisen vinden we ook terug in kapellen. Veel wegkapellen zijn opgericht om de plotse dood van iemand te herdenken. Net als de kruisen markeren deze kapellen de plek waar deze persoon het laatst in leven was. Voorbeelden zijn de Drielindenkapel in Rotselaar en de Donatuskapel in Vilvoorde.

Bermmonumenten zijn herdenkingsplekken die doorgaans spontaan ontstaan in het openbaar domein, op de plaats waar iemand een onvoorziene, plotse dood stierf. Bermmonumenten evolueren vaak maar niet steeds naar een permanent gedenkteken. Het meest talrijk zijn de bermmonumenten voor slachtoffers van verkeersongelukken. Ook voor mensen die omkwamen door een moord, een ramp, een fatale val of die zelfmoord pleegden, worden bermmonumenten opgericht. Bermmonumenten worden opgericht door nabestaanden op de plek waar de geliefde overleed. Ze markeren een betekenisvolle plek: daar waar de persoon voor het laatst in leven was. Vanuit die betekenis vormen ze een belangrijke, tastbare aanvulling op het grafteken waar de persoon is begraven.

Typerend is het bescheiden en zeer persoonlijk karakter van bermmonumenten, opgericht door nabestaanden zonder formeel inhuldigingsmoment, zonder vergunning voor de inname van de openbare ruimte. Onderzoeker Tony Oost beschrijft een evolutie in samenstelling en vormgeving, die vaak voorkomt bij bermmonumenten. Kort na het overlijden wordt de plek zichtbaar gemaakt door voorwerpen zoals foto’s, bloemen, kaarsen, knuffels, brieven die door familie, vrienden, de lokale gemeenschap worden neergelegd. Deze losse voorwerpen worden na verloop van tijd soms vervangen door permanente, op de plek verankerde elementen zoals een kruis, en gedenkplaat, een paal, een vaste plant. Door de zeer bescheiden vormgeving zijn ze nog niet vaak geregistreerd als (onroerend) erfgoed.

Een rijk uitgewerkt bermmonument uit 1914-1915 in Rumst is beschermd als monument. Vermoedelijk gaat het om het oudste bewaarde herdenkingsteken voor een auto-ongeval in Vlaanderen. Etienne van Zuylen van Nyevelt en Hélène van Zuylen van Nyevelt zochten het vooraanstaande grafmakersatelier Salu II uit Laken aan voor het ontwerp en de uitvoering van het herdenkingsteken in Rumst, waar hun zoon Héllin (1888-1912) overleed.

Behalve familie, vrienden en nabestaanden die het slachtoffer persoonlijk herdenken, zetten belangenverenigingen zich in voor het herdenken van slachtoffers van het verkeer of van zinloos geweld. Kenmerkend voor bermmonumenten opgericht door dergelijke verenigingen is het formelere karakter, zowel van de vormgeving als van de inhuldiging. Ze gebruiken internationaal herkenbare symbolen en organiseren vaak een plechtige inhuldiging. Voorbeelden zijn de witte fietsen voor overreden fietsers of de SAVE-borden van de vzw Ouders van Verongelukte Kinderen.

Bij grotere rampen of ongevallen met meerdere slachtoffers, kan het initiatief genomen worden door een overheid of officiële instelling. Dergelijke gedenktekens gaan voorbij aan de persoonlijke intentie en het kleinschalige karakter dat bermmonumenten kenmerkt. Het gedenkteken voor de slachtoffers van de Kettingbotsing in 1996 in Nazareth-De Pinte is hier een voorbeeld van.

  • GROOTE P. & KLAASSENS M. 2012: Bermmonumenten als persoonlijk erfgoed in de publieke ruimte, Focus competenties, Faro tijdschrift voor cultureel erfgoed 5.3, 93-98.
  • OOST T. 2009: Bermmonumenten in Antwerpen: een aanzet, Post Factum: Jaarboek voor geschiedenis en volkskunde 1, 33-70.
  • OOST T. 2012: Bermmonumenten in Vlaanderen, Focus competenties, Faro tijdschrift voor cultureel erfgoed 5.3, 87-92.

Auteurs: Hooft, Elise
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Relaties

Bekijk gerelateerde erfgoedobjecten


Je kan deze pagina citeren als: INVENTARIS ONROEREND ERFGOED 2026: Kleine gedenktekens langs de rand van de weg [online], https://id.erfgoed.net/themas/17349 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.