Geografisch thema

Boeschepestraat

ID: 4000   URI: https://id.erfgoed.net/themas/4000

Beschrijving

Tussen Burgemeester Bertenplein en Valkenberg. Oude benaming "Overdam" wijzend op de rigging aan de overkant - i.e. de r. oever van de trier deels overwelfde Vleterbeek achter de O.-straatzijde. Hier lag ook de vermoedelijk in begin XIX gedempte O.-L.Vrouwevijver, aangelegd als waterreservoir in het kader van de in 1367 ingezette kanalisatie van de Vleterbeek. Vestigingsplaats sinds 1672 van de kloosterschool der benedictinessen (nr. 12-14-16); sedert 1805 van de school der zusters "Paulienen", in 1961 ingenomen door het Vrij Technisch Instituut (nr. 44-46). Vanaf 1769 tot aan W.O. II, lokalisatie van het St.Vincentiusgesticht - een bejaarden- én wezentehuis - aan de de W.-straatzijde op de hoek bij de Peperstraat; vernield op 27 mei 1940 en niet wederopgebouwd; heden parking (Oudstrijdersplein). In 1845, bouw van de z.g. "Congrie" of de Jongelingenkring in neogotische stijl op de hoek r. bij de Trommelaarstraat; zwaar beschadigd tijdens W.O. II en gesloopt.

I.l.v. XVIII en XIX aanwezigheid van enkele potten- en pijpenbakkerijen. Gr.m. recht straattracé. Benadering van het stadscentrum bepaald door het perspectief op de W.-toren van de St.Bertinuskerk ten N.

Naast vermelde onderwijsinstellingen aan de O.-straatzijde, sociaal gevarieerde woonfunctie echter met toenemende concentratie van arbeiderswoningen naar de Valkenberg toe; voorts ook een kleine hoeve (nr. 88) en enkele handelspanden o.m. buurtwinkels en een bakkerij. Voorheen ook een brouwerij gelegen achter de voormalige herenwoning nr. 2 op de hoek bij de Deken De Bolaan, thans het N.C.M.V.-centrum.

Nog vrij karakteristiek straatbeeld ondanks verschillende transformaties o.m. tengevolge van na W.O. II wederopgebouwde panden nabij de kruispunten met de Benedictijnen- en de Trommelaarstraat; nog braakliggend perceel ter hoogte van nr. 45. To e n eme nde verb ouwingen en ve rnieuwbouw van lage XIX- arbeiderswoningen (cf. o.m. nr. 99) i.l.v. het jongste decennium.

Basisbebouwing: breedhuizen met variërende gevelbreedte en één à twee bouwl. onder pannen zadeldaken, o.m. geknikte, uit XVIII, vnl. XIX en XX.

Wisselend baksteengebruik en doorgaans licht verdiepte houten kozijnconstructies worden nog courant aangetroffen bij de bewaarde XVIII- en XIXbebouwing; oudste voorbeeld gevormd door de reftervleugel van ca. 1672 van het benedictinessenklooster met o.m. fraaie houten kruiskozijnen.

Bewaard XVIII-patrimonium met classicistische stijlinvloeden. Vnl. herenhuizen, het meest markant vertegenwoordigd door nr. 15 met vereenvoudigde pilastergevel onder frontonbekroning. Voorts ook nr. 44-46 (thans gedeelte van het V.T.I.) met brede lijstgevel geordonneerd door kolossale pilasters; anderzijds, nr. 4-6 met horizontaal belijnde gevel van ca. 1800. Nr. 67: laag burgerhuis met vage reminiscenties naar de rococostijl cf. doorgetrokken druiplijst en geprofileerde kroonlijst, beide van baksteen. Nr. 20, 56: XVIII d-herenwoningen echter met neoclassicistische gevelcementering mogelijk uit XX a. Straatvleugel der benedictinessen (nr. 12-1416), deels met oudere XVIII-kern, doch vernieuwd bakstenen gevelparement (straatzijde) van 1933.

XIX-bebouwing: vnl. burger- en arbeiderswoningen met eenvoudige bakstenen lijstgevel, soms beschilderd en in mindere mate gecementeerd (o.m. nr. 31). Nr. 125 met beraapte gevel verrijkt met witbepleisterde kroonlijst en vensteromlijstingen.

Typische XIX-dakkapellen (hout + zink) met rondbogige belijning en vork- of radverdeling, nog bewaard bij nr. 20, 58, 77, 114, 125. Sporadische XIXpuien van buurtwinkeltjes, doorgaans bestaande uit een tweeledige kozijnconstructie met deur gekoppeld aan uitstalraam cf. nr. 119, 127; meer uitgewerkt bij nr. 125 d.m.v. houten omlijsting met neoclassicistische inslag en gestileerd gietijzeren traliewerk met rundskop voor het deurbovenlicht. Nr. 31: omlijst XXa-uitstalraam in de lijn van de XIX-winkelpuitraditie.

Wederopbouwarchitectuur van na W.O. II zonder noemenswaardige architecturale kenmerken.

LEEUWERCK E., 't Is nu een parking !(Aan de Schreve, VI, 3, 1976, p.2-7). ID., Verwoesting tijdens de Meidagen 1940 te Poperinge (Aan de Schreve, XII, 2, 1982, p. 3-22).

TILLIE W., De Poperingevaart (Aan de Schreve, XVI, 1, 1986). ID., Potten- en pijpenbakkers in Poperinge (16e-20e eeuw) (Aan de Schreve, XIII, 1, 1983).


Bron     : Delepiere A.-M. & Huys M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kanton Poperinge, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N2, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Agentschap Onroerend Erfgoed


Relaties

  • Omvat
    Arbeiderswoning

  • Omvat
    Arbeiderswoning

  • Omvat
    Arbeiderswoningen

  • Omvat
    Breedhuis, slagerij

  • Omvat
    Brouwerswoning en onderwijsgebouw Vrij Technisch Instituut

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Burgerhuis in neorococostijl

  • Omvat
    Classicistisch herenhuis met koetsgebouw

  • Omvat
    Dorpswoning

  • Omvat
    Eclectisch burgerhuis

  • Omvat
    Eclectisch burgerhuis

  • Omvat
    Eenheidsbebouwing arbeiderswoningen

  • Omvat
    Eenheidsbebouwing twee burgerhuizen

  • Omvat
    Herenhuis

  • Omvat
    Herenhuis

  • Omvat
    Herenhuis

  • Omvat
    Herenhuis met koetsgebouwtje

  • Omvat
    Hoekcomplex

  • Omvat
    Hoekhuis

  • Omvat
    Hoeve

  • Omvat
    Instituut Heilig Hart en klooster van de benedictinessen

  • Omvat
    Lage arbeiderswoning

  • Omvat
    Stadswoning

  • Omvat
    Twee enkelhuizen in eenheidsbebouwing

  • Is deel van
    Poperinge