Bij het ontwortelen van bomen en het graven van een 1 meter brede sleuf aan de binnenzijde van de zuidelijke kerkhofmuur werd menselijk botmateriaal gevonden en als toevalsvondst gemeld.
Bij een terreinevaluatie van de sleuf bleek alleen in de bodem menselijk bot in anatomisch verband aanwezig: twee volledige benen, aansluitend op een bekken, dat vervolgens onder de sleufwand verdween. Een halve meter verderop was nog een fragment van een skelet aanwezig: een deel van een ruggengraat met bijhorende ribben. Verderop in de sleuf waren nog skeletresten in het vlak aanwezig, maar niet in anatomisch verband. Sporen of resten van kisten waren niet aanwezig, alleen bot. In het profiel van bovenliggende sediment zijn ook skeletresten aanwezig, maar in allerlei oriƫntaties en niet in anatomisch verband; deze lijken niet in situ. De bodem van de sleuf, op ongeveer 1,35 beneden maaiveld, lijkt hier dus overeen te komen met de overgang van geruimd kerkhof met onverstoorde graven.
De skeletresten op de bodem van de sleuf werden in situ bewaard.
Auteurs: Van Gils, Marijn
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)