In totaal werden vijftien spoornummers uitgedeeld waarvan er uiteindelijke negen archeologisch relevant bleken te zijn. Deze negen sporen bevonden zich in een cluster centraal binnen WP4 tegen de zuidoostelijke perceelsgrens. Van deze sporencluster kunnen vier sporen wellicht geïnterpreteerd worden als spieker. Buiten deze sporencluster werden binnen het plangebied geen relevante archeologische sporen aangetroffen. De aangetroffen sporen kunnen dan ook teruggebracht worden tot de uiterste periferie van een eventuele archeologische site. Indien een archeologische site aanwezig zou zijn is deze op basis van de bekomen informatie meer ten zuidoosten op de nabijgelegen, iets hogere, percelen te verwachten. Bij de aanleg van het vlak als het couperen van de sporen werden geen vondsten aangetroffen. Samen met het ontbreken van archeologische gegevens in de directe omgeving, is het niet mogelijk de sporen te dateren.
Auteurs: Debontridder, Tom
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)