waarneming

Rokersdreef I

archeologisch element
ID
995095
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/995095

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als gebied geen archeologie, gewestelijk Gebied 17908
    Deze aanduiding wordt geldig vanaf

Beschrijving

Algemeen

Het projectgebied bevindt zich in een licht golvend dekzandlandschap dat zich ontwikkelde tijdens het Laat-Pleistoceen. De aanwezigheid van vorstwiggen getuigt van periglaciale omstandigheden tijdens koude fasen. In het Holoceen werd het gebied bedekt door vegetatie en vormde zich een stabieler landschap, dat eeuwenlang als veldgebied in gebruik bleef. Met de komst van kunstmest vanaf de 19e eeuw werd het geleidelijk landbouwkundig geëxploiteerd.

De bodem is echter sterk verstoord door natuurlijke processen: bioturbatie, windvallen, een mogelijke dassenburcht etc. De meeste waargenomen sporen zijn daarom niet van menselijke oorsprong. De combinatie van archeologische, bodemkundige en historische gegevens maakt van deze site een voorbeeld van de complexe landschappelijke situatie ten zuiden van Brugge. Het is een eerder arm landschap dat slechts extensief in gebruik genomen wordt. Er is geen continuïteit van menselijke aanwezigheid ontdekt. Het gaat hier over drie chronologisch sterk verspreide sites. Elk van deze drie sites – uit de prehistorie, Romeinse periode en Tweede Wereldoorlog – betekenen nieuwe kennis over deze periodes. Bovendien wijzen de vondsten op het belang van de registratie van sterk verspreide, niet-dense archeologische vindplaatsen.

Prehistorie

De oudste sporen van menselijke activiteit werden aangetroffen in een windval. Zeefstalen van de vulling leveren een kleine concentratie vuursteenfragmenten op, waaronder afslagen en klingfragmenten. Het gaat om een secundaire positie waarbij de stukken sterk verweerd zijn door vorst en wind door langdurige blootstelling aan periglaciale omstandigheden. De vondsten wijzen echter wel op een tijdelijke aanwezigheid van een mobiele gemeenschap jager- verzamelaars in een open koud dekzandlandschap (toendralandschap), wellicht tijdens het Laat-Paleolithicum. Een meer precieze typochronologische identificatie is niet mogelijk door het ontbreken van diagnostische stukken of werktuigen.

Romeinse Periode

Enkele vondsten – verzameld tijdens de opgraving (en het voorgaand proefsleuvenonderzoek) dateren uit de Romeinse periode: een fragment van een vuurbok, scherven van een mortarium en een dolium.

De aard en spreiding van de vondsten geven aan dat het onderzochte terrein deel uitmaakte van een Romeins landbouwareaal. Wellicht was het ingericht met greppels voor afwatering of perceelsindeling. Hoewel de aangetroffen greppels niet kunnen gedateerd worden, zijn ze ouder dan de gekende kaartbronnen. Het vondstmateriaal wijst in elk geval op de aanwezigheid van een nabijgelegen gerelateerde Romeinse bewoningssite (buiten het projectgebied), vermoedelijk te situeren op hogere delen van de cuesta in het noordwesten.

volle middeleeuwen – Nieuwe Tijd

Uit de volle en late middeleeuwen zijn enkele scherven aangetroffen in secundaire positie (bvb. uit een krater, mogelijke dassenburcht en windval). Het gaat om erg weinig vondsten en sporen ontbreken. Dit geeft een indicatie dat er geen middeleeuwse of latere bewoning aanwezig was in de onmiddellijke omgeving. Het terrein bevond zich eeuwenlang in veldgebied.

Wereldoorlog II

De jongste archeologische sporen dateren uit de Tweede Wereldoorlog. Een grote, scherp afgelijnde structuur die oorspronkelijk was geïnterpreteerd als waterkuil kan op basis van vorm, diepte en bodemvervorming in combinatie met metaalvondsten uit een voorafgaande metaaldetectiecampagne geïdentificeerd worden als een bomkrater. In de omgeving van de bomkrater zijn talrijke fragmenten van munitie, kogelpunten en ontstekers ontdekt, wat deze interpretatie bevestigt. De krater kan in verband worden gebracht met de Slag bij Moerbrugge (8–12 september 1944), toen Canadese troepen het kanaal Brugge-Gent overstaken onder hevig Duits vuur.

Auteurs: Demerre, Ine; Verwerft, Dieter
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Raakvlak; Verwerft, Dieter

Middeleeuwse vondsten

Datering: late middeleeuwen, nieuwe tijd, volle middeleeuwen
Typologie: losse vondsten
Materiaal: grijs aardewerk, rood aardewerk
Gebeurtenis:

Romeinse vondsten

Datering: Romeinse tijd
Typologie: greppels, losse vondsten, vaatwerk
Materiaal: gewoon rood aardewerk, grijs aardewerk, Maaslands aardwerk, natuursteen
Gebeurtenis:

bomkrater WO II

Datering: WO II
Typologie: bomkraters, kleding en -accessoires, losse vondsten, munitie
Materiaal: metaal
Gebeurtenis:

lithische artefacten

Datering: laatpaleolithicum
Typologie: periglaciale processen, vondstenconcentraties
Materiaal: vuursteen
Gebeurtenis:

Je kan deze pagina citeren als: INVENTARIS ONROEREND ERFGOED 2026: Rokersdreef I [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/995095 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.