Het onderzoek bracht sporen aan het licht uit verschillende periodes, met een duidelijke nadruk op de metaaltijden en de middeleeuwen. Uit de metaaltijden werden meerdere kuilen, paalkuilen, een spieker en mogelijk een gracht geregistreerd. Daarnaast werden enkele mogelijk Romeinse sporen aangetroffen. De meeste archeologische resten dateren uit de middeleeuwen en omvatten onder meer kuilen, paalkuilen, grachten, greppels en mogelijk rootkuilen. Ten slotte werden ook enkele postmiddeleeuwse kuilen vastgesteld en bleef een aantal sporen zonder betrouwbare datering.
Metaaltijden
Binnen het onderzoeksgebied werden verschillende sporen uit de metaaltijden vastgesteld. Twee ronde kuilen konden op basis van een randfragment van een knikwandschaal in de ijzertijd, meer bepaald de vroege La Tène-periode (ca. 450-400 v.Chr.), worden gedateerd. Daarnaast werd een ovale kuil aangesneden waarin een fragment van een grote voorraadpot werd aangetroffen, wat wijst op een datering in de late bronstijd tot vroege ijzertijd. Een andere kuil bevatte veel verbrande huttenleem en wordt mogelijk in verband gebracht met een rituele depositie of een verlatingsritueel. Onder de huidige parking werd bovendien een achtvormige kuil met verbrande leem gevonden. Op basis van vergelijkbare voorbeelden wordt deze structuur eveneens in de metaaltijden, vermoedelijk de late bronstijd, gesitueerd. In dezelfde zone werden ook twee paalkuilen aangetroffen die vermoedelijk tot deze bewoningsfase behoren. Verder kwam een spieker of opslaggebouw aan het licht dat op basis van het vondstmateriaal eveneens in de metaaltijden kan worden geplaatst. Ten slotte werd in de centrale zone van het terrein een brede gracht geregistreerd waarvan een datering in de metaaltijden mogelijk is op basis van een klein fragment handgevormd aardewerk.
Romeinse periode
Enkele sporen leverden uitsluitend Romeins vondstmateriaal op. Het gaat om een greppel met een fragment van een imbrex en enkele scherven kruikwaar, een kuil met een scherf gewone waar en een nabijgelegen greppel waarin eveneens een fragment van een imbrex werd aangetroffen. Omdat het vondstmateriaal beperkt is en mogelijk secundair verplaatst werd, blijft de Romeinse datering van deze sporen echter onzeker.
Middeleeuwen
De meeste archeologische resten op het terrein dateren uit de middeleeuwen. Zo werd een cluster van paalkuilen aangetroffen waarin grijs aardewerk werd gevonden, terwijl nog enkele bijkomende paalkuilen vermoedelijk eveneens tot deze periode behoren. Daarnaast werden meerdere kuilen geregistreerd. Twee rechthoekige kuilen met afgeronde hoeken leverden aardewerk op dat in de 14de tot 15de eeuw kan worden geplaatst. Drie grote kuilen bevatten grijs aardewerk, steengoed en hergebruikt Romeins materiaal en dateren uit de eerste helft van de 14de eeuw. Verschillende greppels en grachten worden eveneens als middeleeuws geïnterpreteerd. Sommige bevatten scherven van middeleeuws grijs aardewerk, terwijl een andere gracht steengoed uit de 14de tot 16de eeuw opleverde. Verder werden meerdere grote, langgerekte uitgravingen aangetroffen die voorlopig als mogelijke rootkuilen of als onderdeel van een waterbeheersysteem worden geïnterpreteerd. Het aardewerk uit deze structuren wijst voornamelijk op een datering in de 14de eeuw.
Nieuwe/Nieuwste tijd
Nabij de Bergstraat werden verschillende kuilen geregistreerd die waarschijnlijk verband houden met postmiddeleeuwse bewoning langs deze historische weg. Eén van deze kuilen bevatte postmiddeleeuws rood aardewerk. Daarnaast werd elders op het terrein een afzonderlijke kuil met baksteenfragmenten aangetroffen die eveneens in de postmiddeleeuwse periode wordt geplaatst.
Onbekende datering
Ten slotte konden verschillende sporen niet met zekerheid worden gedateerd. Het gaat onder meer om enkele oversnijdende kuilen, een houtskoolrijke kuil zonder vondstmateriaal en diverse grachten en greppels waarvoor geen archeologische of historische aanwijzingen beschikbaar waren om een betrouwbare datering voor te stellen.