Het landschappelijk bodemonderzoek toonde een matig droge lichte zandleembodem zonder profielontwikkeling aan (Ap-C profielen met lokaal meerlagig teelaardepakket op de C-horizont op 35–75 cm -mv). Er werden geen oude bodemhorizonten of steentijdartefacten aangetroffen.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden in totaal 8 grachtsegmenten geregistreerd. Deze maken deel uit van drie parallelle noordwest-zuidoost georiënteerde grachten: één gracht (breedte 0,90-1,40 m) volgt exact de historische perceelsgrens zoals weergegeven op de Atlas der Buurtwegen (ca. 1840). Twee grachten liggen in dezelfde oriëntatie en behoren tot hetzelfde postmiddeleeuwse tot recente landinrichtings- en ontwateringssysteem. Er werden bij het metaaldetectoronderzoek en de aanleg van de sleuven geen mobiele vondsten aangetroffen noch stalen genomen.
Auteurs: Wyns, Gwendy; Fonteyn, Paulien; Acke, Bert
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)