Uit het proefputtenonderzoek (2025L159)blijkt dat de bodemopbouw binnen het projectgebied in sterke mate werd beïnvloed door recente antropogene ingrepen. De bovenliggende bodemlagen zijn grotendeels verstoord door ophogingen, afgravingen en infrastructuurwerken, waardoor
archeologische niveaus slechts fragmentarisch bewaard zijn gebleven. De aangetroffen sporen, bestaande uit beperkte muurfunderingen en een geïsoleerde kuil, verkeren in een slechte bewaringstoestand en vertonen geen duidelijke ruimtelijke samenhang.
Auteurs: Libert, Maud
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)