waarneming

Kliniekstraat

archeologisch element
ID
995826
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/995826

Beschrijving

Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden er negen relevante archeologische sporen vastgesteld, waaronder één natuurlijk bodemspoor, enkele oudere sporen, en twee recente sporen (recentere perceelgreppel). Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden een aantal vondsten ingezameld.

IJzertijd / Romeinse tijd

Op de top van de C-horizont werden op ca. 62,4 m TAW centraal in Proefsleuf 4 twee sporen aangetroffen. Het eerste spoor betreft een circulair spoor met een heterogeen grijsbruine vulling die zich duidelijk aflijnt in het vlak. Opvallend aan het spoor is de aanwezigheid van een natuurstenen
zandsteenblok in de vulling die tijdens de aanleg van het vlak uit het spoor tevoorschijn kwam. Verder richting het zuiden tekende zich een rechtlijnig spoor af met een grijze vulling die als een greppel geïnterpreteerd wordt en een zuidwest-noordoost-oriëntatie kent. Het tweede spoor kon op dezelfde hoogte waargenomen worden in Proefsleuf 5.

Ter hoogte van het tweede spoor in Proefsleuf 5 bevonden zich nog eens twee circulaire sporen waardoor hier sprake is van een kleine sporencluster. Het betreft twee sporen waarbij een van de twee zich aftekent als een circulair spoor met een grijs gevlekte vulling die gelijkenissen vertoont met de vulling van het eerste spoor in Werkput 4. Het spoor werd gecoupeerd en werd als kuil geïnterpreteerd met een komvormig
profiel dat tot ca. 23 cm bewaard gebleven is onder het archeologisch aanlegvlak. Het ander spoor vertoont gelijkenissen met dit spoor op vlak van vulling en aflijning. Mogelijks horen beide sporen tot één geheel op basis van hun homogeniteit en onderlinge afstand van ca. 4,5 m.

Vervolgens werd er ter hoogte van Proefsleuf 7 een tweede sporencluster aangetroffen met vier sporen waarbij twee zich als circulaire kuilen aftekenen in het vlak met een homogeen grijze vulling. Bij de aanleg van het vlak kwam uit de spoorvulling van een van deze twee, twee scherven steengoed alsook een dikwandige grijs gebakken fragment aardewerk. Het ander spoor werd gecoupeerd en werd geïnterpreteerd als paalkuil waarbij een onderscheid te maken was tussen de paalinsteek en de paalkern. De paalkuil met kern was tot een diepte van ca. 56 cm onder het archeologisch vlak bewaard gebleven. Het laatste spoor van de sporencluster tekent zich duidelijk in het vlak af als een rechthoekig spoor die mogelijks in verband te brengen is met het tweede spoor op vlak van gelijkenissen in vulling en onderlinge distributie van de sporen.

Ten slotte kon de contour van een greppel waargenomen worden in zowel Proefsleuf 7 als 8 die een zuidwest-noordoost-oriëntatie aanneemt. Het is echter niet duidelijk in de huidige fase van het onderzoek of de greppel in verband kan gebracht worden met de overige sporen in Proefsleuf 7.

Uit een van de sporen uit de eerste sporencluster werden twee scherven steengoed aangetroffen die tot één object toe te schrijven zijn. Het
steengoed is grijs gebakken en kent langs de buitenzijde een paars laag glazuur. Daarnaast werd een bodemfragment van een dikwandig scherf waarbij grove kwartsinclusies konden waargenomen worden in de magering. Deze scherven werden op het vlak aangetroffen. Het is niet duidelijk of deze al dan niet intrusief van aard zijn.

Uit een ander spoor uit dezelfde sporencluster werden drie kleine fragmenten van wielgedraaid, gereduceerd gebakken aardewerk met een witte kern die in de Romeinse periode gedateerd kunnen worden.

Romeinse tijd / Middeleeuwen

Als laatste werd ter hoogte van Proefsleuven 5 en 6 een donker houtskoolrijke laag aangetroffen die zich bovenop het archeologisch vlak bevond (cultuurlaag). Deze laag werd bij de aanleg van de proefsleuven en het kijkvenster laagsgewijs afgegraven. De laag bevatte een hoge concentratie aan bouwkeramiek waarvan het merendeel bestond uit Romeinse tegulae en imbrices. Daarnaast kwamen hier ook fragmenten aardewerk uit die een mogelijke datering kennen in de Romeinse periode, maar een datering in de Vroege Middeleeuwen wordt niet uitgesloten. In de huidige fase van het onderzoek is het niet geheel duidelijk wat deze donkere laag kan zijn. Mogelijks gaat het om een cultuurlaag die zich bovenop het archeologisch niveau gevormd heeft na het verlaten van een (nabij gelegen) Romeinse nederzetting.

Ten slotte werd uit de cultuurlaag zoals reeds aangehaald een hoge concentratie aan Romeinse dakpannen waargenomen. Deze dakpannen kennen grove inclusies in de magering wat typerend is voor Romeinse dakpannen. Daarnaast werd een intacte bodem van een witgebakken kan/kruik ingezameld alsook een wandfragment van een wielgedraaid recipiënt dat oxiderend gebakken geweest is. Beide fragmenten worden gedateerd in de Romeinse periode.

Auteurs: Decramer, Ward; Doucet, Alexander
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)

IJzertijd / Romeinse tijd

Datering: ijzertijd, Romeinse tijd
Typologie: greppels, kuilen, paalkuilen
Materiaal: aardewerk, grijs aardewerk, natuursteen, steengoed, zandsteen
Gebeurtenis:

Romeinse tijd / Middeleeuwen

Datering: middeleeuwen, Romeinse tijd
Typologie: cultuurlagen, dakpannen, kannen, kruiken
Materiaal: aardewerk, keramisch bouwmateriaal, rood aardewerk
Gebeurtenis:

Je kan deze pagina citeren als: INVENTARIS ONROEREND ERFGOED 2026: Kliniekstraat [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/995826 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.