Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden zeven sporen geregistreerd, waaronder een mogelijke greppel, een uitbraakspoor, vermoedelijke grachtvullingen, een mogelijke kuil en een verhardingslaag. De meest opvallende archeologische resten zijn de vermoedelijke vullingen van de 13de-eeuwse stadsgracht en een diep gelegen verhard niveau dat mogelijk uit kasseien bestaat. Daarnaast werden slechts beperkte vondsten aangetroffen, namelijk één fragment aardewerk van vermoedelijk Rijnlandse oorsprong en enkele houtresten, waarvan sommige sporen van hergebruik vertonen.
Middeleeuwen
De belangrijkste archeologische resten uit het onderzoek zijn de vermoedelijke vullingen van de 13de-eeuwse stadsgracht. Een eerste omvangrijk grachtpakket werd aangetroffen in sleuf 1 en wordt op basis van de ligging en kenmerken in verband gebracht met de stadsgracht die eerder op het aanpalende perceel werd onderzocht. Het spoor bestond uit een donkere, humeuze vulling met beperkte aanwezigheid van baksteen- en kalkmortelfragmenten. Ook in sleuf 2 werd een omvangrijk vullingspakket vastgesteld dat mogelijk deel uitmaakt van dezelfde grachtstructuur, al kon dit niet met zekerheid worden aangetoond. Verder werd een fragment reducerend gebakken aardewerk van vermoedelijk Rijnlandse oorsprong (Paffrath-aardewerk) aangetroffen, wat wijst op een middeleeuwse aanwezigheid. Daarnaast werden verschillende houtresten ingezameld, waarvan enkele duidelijke bewerkingssporen vertoonden. Eén fragment kon worden geïnterpreteerd als gerecupereerd bouwhout, mogelijk afkomstig van een schip, dat later als aangepunte paal werd hergebruikt.
Nieuwe tijd
Op ongeveer 1,7 m onder het huidige maaiveld werd een uitgestrekte verharding aangetroffen die zich over de volledige onderzochte lengte van de sleuf uitstrekte. Het lijkt niet om ballaststenen te gaan, maar eerder om een regelmatig aangelegd oppervlak met kasseien. Door technische beperkingen en veiligheidsredenen konden de structuur en kenmerken slechts beperkt worden onderzocht. De functie en exacte datering van deze verharding blijven voorlopig onduidelijk. Daarnaast werd een mogelijke greppel geregistreerd met een bruine, humeuze vulling. Ook voor dit spoor ontbreken voldoende gegevens om een nauwkeurige datering voor te stellen.
Nieuwste tijd
Een uitbraakspoor werd geïnterpreteerd als de rest van een recente muur die haaks op de Kerkstraat was gelegen. Dit spoor houdt vermoedelijk verband met een gesloopte woning die zich vroeger op het perceel bevond en behoort waarschijnlijk tot een recente bouwfase.
Onbekende datering
In sleuf 2 werd een mogelijk kuilspoor geregistreerd met een donkerbruine, licht humeuze en sterk gevlekte vulling. Omdat geen vondstmateriaal werd aangetroffen en de aflijning van het spoor erg vaag was, blijft onduidelijk of het daadwerkelijk om een antropogeen spoor gaat. Een natuurlijke oorsprong kan niet worden uitgesloten. Ook de precieze datering van de mogelijke greppel, de tweede grachtvulling en de aangetroffen verharding kon tijdens het onderzoek niet worden vastgesteld.