Het archeologisch onderzoek in de Kerselaar te Ieper bracht hoofdzakelijk sporen uit de Eerste Wereldoorlog aan het licht.
De belangrijkste archeologische fase dateert uit de Eerste Wereldoorlog en omvat 10 granaattrechters, 2 loopgraven, een kabelgeul en een geïsoleerd meervoudig graf. In totaal werden veertien sporen uit deze periode geregistreerd, die samen wijzen op een intensief gebruikt slagveldlandschap. Het vondstmateriaal bestaat uit munitie, militaire uitrusting en talrijke persoonlijke objecten die inzicht geven in het leven van de soldaten. Fysisch-antropologisch onderzoek toonde aan dat het graf drie jonge mannen bevatte die vermoedelijk gelijktijdig werden begraven. De aanwezigheid van peri-mortem trauma bevestigt een gewelddadige dood in oorlogsomstandigheden. Het gaat om 3 Britse soldaten die volgens de historische context vermoedelijk behoorden tot de Royal Field Artillery en waarschijnlijk omkwamen tijdens de Slag bij Bellewaerde in mei 1915.
De recente sporen bestaan voornamelijk uit twee bakstenen structuren die kunnen worden gekoppeld aan de 20ste‐eeuwse inrichting van het terrein.
Verder zijn er ook diverse verstoringen door de aanleg en sloop van de woonwijk. Deze ingrepen hebben het bodemarchief sterk aangetast en oudere archeologische sporen gedeeltelijk vernietigd. Het vondstmateriaal uit deze periode beperkt zich tot bouwmateriaal zoals baksteen en mortel.
Auteurs: De Brant, Raphaël; Demerre, Ine
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: BAAC Vlaanderen bvba