Tijdens het onderzoek werden in totaal 44 sporen geregistreerd (tabel 8). Na eliminatie van natuurlijke en recente verstoringen resteren er 6 archeologisch relevante sporen. Het merendeel van deze sporen zijn paalsporen die te linken zijn aan bewoning. Daarnaast is er een greppel aangesneden in werkputten 1, 2 en 3. Bij het proefsleuvenonderzoek werden in totaal 1 vondstcontext geregistreerd. Het betreft aardewerk aangetroffen in de vulling van een van de paalsporen.
1 spoor wordt geïnterpreteerd als greppel of gracht. In totaal werd de greppel in drie verschillende segmenten aangesneden in werkputten 1, 2 en 3. De greppel is tussen 80 cm en 120 cm breed en heeft een heterogene lichtbruine tot lichtgrijze vulling met enkele houtskoolspikkels.
Geconcentreerd in de oostelijke zone van het terrein, ter hoogte van de zone voor grondverbetering, zijn verschillende paalsporen waargenomen. In totaal zijn 5 spoornummers uitgedeeld aan sporen die geïnterpreteerd worden als paalsporen. Ze maken vermoedelijk deel uit van een houtbouwstructuur. De sporen liggen in lijn met elkaar en hebben een vrij gelijkaardige vulling. Er werd slechts 1 vondst gerecupereerd uit de sporen om deze te dateren. Het betreft handgevormd aardewerk momenteel niet nauwkeuriger te dateren dan metaaltijden – vroeg-Romeins.
Binnen het aardwerk zijn enkel fragmenten van handgevormd aardewerk aanwezig uit de metaaltijden – vroeg-Romeinse periode. Deze werden allen aangetroffen in de vulling van een van de paalsporen.
Auteurs: Philipsen, Floris; Derweduwen, Natascha
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)