Binnen het projectgebied zal een verkaveling gerealiseerd worden. Nagenoeg het volledige projectgebied werd geselecteerd voor opgraving. De oostelijke grens van het projectgebied werd wegens slechte bewaringsomstandigheden vrijgegeven. Tijdens de opgraving werd een begraafplaats aangesneden, met twee gebruiksfasen. De eerste (best bewaarde) fase wordt in de vroege ijzertijd gedateerd. Een tweede gebruiksfase wordt in de vroeg-Romeinse periode gedateerd. Verder konden enkele kuilen en paalkuilen bij gebrek aan vondstmateriaal niet gedateerd worden.
De graven behoren tot een groter grafveld, aan de overzijde van de Herentalsebaan (aan de Eugeen Verelstlei, net ten zuiden van het huidige projectgebied) werden ook al graven aangetroffen.
In deze periode dateren drie graven uit de urnenveldcultuur, waarvoor op basis van een C14-datering op gecremeerd bot een fijnere datering werd bekomen. De resten uit een van de urnen worden toegewezen aan een man (?) tussen 24 en 35 jaar. Een ander urngraf kon enkel gedetermineerd worden als van een volwassen persoon. Het derde urngraf bevat een vrouw of juveniel. In alle graven was slechts één persoon begraven.
Verder kunnen nog een kuil met zeven kleine scherfjes handgevormd aardewerk, en een bijkomende paalkuil algemeen in de periode van de ijzertijd geplaatst worden.
Eén crematiegraf kon omwille van beperkte hoeveelheid verbrand bot en houtskool niet gedateerd worden. Na vergelijking met de sporen van de opgraving aan de Eugeen Verelstlei (2011) zou het spoor voorzichtig geïnterpreteerd kunnen worden als een crematiegraf uit de late Bronstijd – vroege ijzertijd. De zeer slechte bewaring van het spoor laat niet toe een sluitende interpretatie naar voor te schuiven, mogelijk gaat het om een zeer slecht bewaard voorbeeld van een crematiegraf type G (typologie De Mulder), of gaat het om een afvalkuiltje.
Aan deze fase wordt één graf toegewezen. Omwille van de afwezigheid van verbrand bot en vondstmateriaal (behalve enkele kleine scherfjes handgevormd aardewerk) kan niets meer verteld worden over de aard van het graf. Het houtskool wijst op de locatie aan de rand van het bos.
Auteurs: Cornelis, Lina; De Raymaeker, Annelies
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Studiebureau Archeologie