Het landschappelijk bodemonderzoek toonde een opdeling in twee zones aan: een westelijk/centraal deel met een intact A-colluvium-C profiel op zandleem (Lbp1) en een oostelijk deel dat tot ruim 1,70 tot 2,30 m diepte verstoord en opgehoogd is door vroegere campuswerken.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden onder het colluviumpakket op 35 tot 60 cm -mv acht sporen (waarvan één natuurlijk) geregistreerd. Vier groengrijze organische/fosfaatrijke (paal)kuilen. Drie brandvlekken/veldovens of meilers met verbrande leem, houtskool en verbrand bot. Uit het colluviumpakket werden 16 scherven Romeins aardewerk (waaronder 12 doliafragmenten, roodbakkend en grijsbakkend ruwwandig aardewerk) en 5 tegulae-fragmenten ingezameld. In één spoor werden twee ijzeren nagels aangetroffen. De sporen wijzen op ambachtelijke en landbouwactiviteiten uit de Romeinse tijd, mogelijk in de periferie van de nabijgelegen Romeinse villa 'Stenen Kruis'.
Auteurs: Decramer, Ward; Doucet, Alexander; Skrabanja, Sid
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)