Er werd een landschappelijk bodemonderzoek, verkennend archeologisch booronderzoek en een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd.
Bij het verkennend archeologisch booronderzoek werden verschillende archeologische indicatoren aangetroffen waaronder aardewerk, silex, houtskool, natuur- en baksteen. De aangetroffen silex bleek na verdere analyse geen antropogene bewerkingssporen te vertonen.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn in totaal zo’n 12 grondsporen geregistreerd. Het gaat vooral over greppels, maar er zijn ook uitgravingen, een windval en depressie gevonden. Het dateren van de sporen is moeilijk doordat er geen vondstmateriaal gevonden is. De uitgravingen hebben gezien hun scherpe aflijning een recente datering.
Auteurs: Cornelis, Lina
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)