Het archeologisch booronderzoek, uitgevoerd in een hoge resolutie, leverde (slechts) één eenduidige indicatie voor de aanwezigheid van (prehistorische) lithische vondstspreidingen binnen het projectgebied. De bodembewaring binnen de afgeboorde gebieden is variabel, maar eerder beperkt gaaf (vooral C-horizonten, met discontinu resten van B-horizonten). Het opgeboorde artefact is afkomstig uit een zone met enkel C-horizontbewaring.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek werden negen spoornummers uitgeschreven, allen aan greppels en grachten. Er werden geen vondsten aangetroffen in de sporen, waardoor deze niet gedateerd kunnen worden. De greppels houden vermoedelijk verband met het in cultuur brengen van het terrein.
Auteurs: Van Caenegem, Rune; Noens, Gunther; Van Poucke, Wolle
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Beschrijving:
Het gaat om een proximaal/mediaal afhakingsfragment uit vuursteen, vermoedelijk een (micro-)klingfragment. Het artefact laat geen nadere datering toe.