De opgraving aan de Muntstraat-Boekhandelstraat bracht een archeologisch archief aan het licht dat teruggaat tot de volle middeleeuwen. De oudste sporen bestaan uit verschillende kuilen en paalkuilen die op basis van Maaslands wit aardewerk, roodbeschilderd aardewerk, Rijnlands aardewerk en handgevormd aardewerk in de 12de-13de eeuw worden geplaatst. Hoewel geen duidelijke structuren konden worden herkend, wijzen deze sporen vermoedelijk op een vroege bewoningsfase met houtbouw.
Voor de late middeleeuwen (13de-15de eeuw) werden bijkomende kuilen, bewoningslagen en bakstenen funderingen aangetroffen. De funderingen behoren waarschijnlijk tot de vroegste stenen bebouwing op het perceel. Het vondstmateriaal omvat onder meer protosteengoed, Maaslands wit aardewerk met radstempelversiering en grijs aardewerk. De aangetroffen muurresten zijn vermoedelijk resten van laatmiddeleeuwse woonhuizen die aansloten bij de gekende stedelijke bebouwing in deze buurt van Leuven.
Uit de nieuwe tijd (16de-18de eeuw) dateren meerdere afval- en opvullingskuilen met rijk vondstmateriaal, waaronder rood geglazuurd aardewerk, witbakkend aardewerk, Raeren- en Westerwaldsteengoed, glaswerk en dierlijk bot. Op de hoek van de Muntstraat en Boekhandelstraat werden twee vondstrijke kuilen geregistreerd met onder meer een 16de-eeuwse biljoenmunt van Everaard van der Marck en een muntgewicht voor een halve gouden reaal van Karel V. Daarnaast werd een diepe bakstenen waterput aangesneden die vermoedelijk eveneens in de nieuwe tijd kan worden geplaatst.
De nieuwste tijd wordt vertegenwoordigd door kelders, funderingen, vloeren, een regenbak en andere bouwstructuren die verband houden met de historische bebouwing van het bouwblok en de latere Volksbank. Het merendeel van deze constructies dateert uit de 19de en 20ste eeuw. De aanleg van deze kelders heeft plaatselijk oudere archeologische niveaus verstoord.
Het onderzoek toont een vrijwel continue bewoningsgeschiedenis vanaf de volle middeleeuwen, met een evolutie van vermoedelijke houtbouw in de 12de-13de eeuw naar stenen bebouwing vanaf de 14de-15de eeuw, gevolgd door intensief stedelijk gebruik tijdens de nieuwe en nieuwste tijd.
Auteurs: Jansen, Isabelle
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Beschrijving:
gebouwrestanten
opvullingslagen
kelders
19de eeuw-20ste eeuw
Beschrijving:
kuilen zonder enige structuur
Maaslands wit
roodbeschilderd/Rijnlands
Maaslands wit met radstempelversiering
grijs aardewerk met reliëfband en groeflijnen
protosteengoed
enkele muurrestanten die geen idee geven van de bebouwing want grotendeels verstoord door recente kelders
13de eeuw-14de eeuw
Beschrijving:
kuilen rijk aan materiaal: aardewerk, glas, dierlijk botmateriaal, majolica
2 metalen vondsten: Munt en muntgewicht
sleutelgatvormige bakstenen fundering
16de eeuw-19de eeuw
Beschrijving:
een aantal kuilen waarin geen structuur kon herkend worden.
In de meeste kuilen werd aardewerk aangetroffen dat in de volle middeleeuwen thuis hoort: Maaslands wit aardewerk, roodbeschilderd aardewerk/Rijnlands, handgevormd aardewerk, grijs aardewerk
waarschijnlijk een fase in houtbouw