waarneming

Industrielaan 4

archeologisch element
ID
221682
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/221682

Beschrijving

De opgraving waarbij eind 2018-begin 2019 een 3130 m² groot terrein op de hoek van de Industrielaan met de Rijksweg in Maasmechelen werd onderzocht, leverde elf archeologische sporen op uit de metaaltijden. Deze waren gelegen op een kronkelwaard die hoort bij het restgeulsysteem dat zich vandaag de dag op 150 m ten westen van het onderzoeksgebied – vlak langs de rand van het pleniglaciale terras – situeert. Een C14 analyse dateert één van de laatste opslibbingsfase van deze kronkelwaard met 95,4% waarschijnlijkheid tussen 2020 en 1770 v.Chr., de eindfase van het Subboreaal. Deze periode komt in archeologische termen overeen met de vroege bronstijd. Het is dan ook niet vreemd dat op deze kronkelwaard archeologische sporen aangetroffen werden die gedateerd kunnen worden vanaf de laatste fase van de midden bronstijd.

De aangetroffen sporen betreffen een paalkuil, een kuil en negen silo’s. Silo’s komen in Noord-Frankrijk en de Zuidelijke Nederlanden voor vanaf het eerste millennium v.Chr. Ze blijven in gebruik tot in de late ijzertijd waarna hun voorkomen snel afneemt. Een silo was primair bedoeld als opslag voor graan. Een deel van het graan ontkiemt kort na het sluiten van de silo zodat de nog aanwezige zuurstof in de kuil wordt opgebruikt en omgezet in CO2. Hierdoor wordt het ontkiemen van de rest van het graan verhinderd. De inhoud wordt tevens beschermd door het aankoeken van een laagje
graan aan de rand van de kuil. De typerende vorm van de kuilen is kegelvormig om zo een maximale inhoud te verkrijgen bij een relatief kleine opening, die makkelijk luchtdicht is af te sluiten. De vorm van een silo kan echter licht variëren van kegel- of klokvormig tot cilindrisch. De vorm is afhankelijk van de moederbodem waarin ze uitgegraven worden. Zandgrond laat een kegelvormige uitgraving niet toe waardoor alleen een cilindrische vorm mogelijk is.
Silo’s worden zowel binnen als buiten nederzettingen aangetroffen. Buiten de nederzetting komen ze vaak geclusterd voor in akkergebieden. In hoeverre we op de site aan de Industrieweg te maken hebben met off-site fenomenen dan wel met nederzettingssporen is moeilijk te zeggen en dit gezien de beperkte oppervlakte die onderzocht werd evenals het beperkt aantal sporen dat werd aangetroffen. De aanwezigheid van andere sporen
dan silo’s, namelijk een paalkuil en een kuil, doen echter wel vermoeden dat het terrein deel uitmaakte van een erf of woonplaats. Ook de hoeveelheid vondstmateriaal dat in de sporen werd aangetroffen (> 350 stuks in totaal), doet vermoeden dat de gebruikers van deze sporen op of vlakbij het opgegraven terrein hebben gewoond.
Gebouwplattegronden ontbreken evenwel. Hiervoor kunnen meerdere redenen aangehaald worden. Als eerste kan de bewoning buiten het onderzochte areaal hebben gelegen. De aangetroffen sporen kwamen immers verspreid over het onderzoeksgebied voor wat betekent dat de grens van de site niet bereikt werd. Een tweede reden kan zijn dat de sporen van bewoning door erosie zijn verdwenen. Uit recent Nederlands onderzoek is immers gebleken dat de huizen in het Maasdal tijdens de late bronstijd en ijzertijd meestal klein en licht gefundeerd waren met ondiep aangezette palen. Dit maakt dat de sporen ervan erg gevoelig zijn voor erosie. Dat erosie op de site heeft plaats gehad, blijkt uit de beperkte diepte van de aangetroffen sporen (variërend van 6 tot 80 cm). Ook de aanleg van de vroegere parking – het terrein was immers gelegen ter hoogte van een handelsland met parking – kan ervoor gezorgd hebben dat ondiep uitgegraven sporen verdwenen zijn.
Het is uiteraard ook mogelijk dat het terrein doorheen de tijd beide functies gehad heeft. Zowel het aardewerkonderzoek als de C14 dateringen tonen namelijk aan dat de kronkelwaard op twee verschillende momenten werd bezocht: een eerste occupatiefase situeerde zich in de tweede helft van de midden bronstijd, een tweede minstens vijf eeuwen later in de eerste helft van de midden ijzertijd. Uit archeologisch onderzoek in het Nederlandse Maasdal blijkt dat kronkelwaarden tot in de midden bronstijd opgezocht werden voor bewoning en beakkering. De voortdurende opslibbing op holocene kronkelwaarden zorgde immers voor een vruchtbaar substraat waarop men goed kon akkeren.

Vanaf de late bronstijd lijkt er als gevolg van een toenemende overstromingsfrequentie van de Maas en een geleidelijke vernatting van het gebied, een verschuiving in de bewoningslocaties plaats te vinden naar de hogere terrasdelen in de alluviale vlakte (i.e. terrasrestruggen). Vanaf de midden ijzertijd wordt voor bewoning eerder de voorkeur gegeven aan de hoogste terrasdelen buiten de alluviale vlakte terwijl de kronkelwaardruggen en de lagere terrasrestruggen in gebruik bleven als begravingslocatie en als akker- en weidegebied. Of dit ook opgaat voor de site aan de Industrielaan is momenteel helaas moeilijk te zeggen. Verder onderzoek van de kronkelwaard waarop de site gelegen is, zou dit kunnen uitwijzen. 

Het terrein werd na de midden-ijzertijd niet meer aangedaan. De sporen geraakten bedekt onder een siltrijke toplaag die over grote delen van de Maasvallei is vastgesteld bij meerdere archeologische onderzoeken o.a. op de Elerweerd te Elen en aan Nederlandse zijde. Aan Nederlandse zijde wordt de grofsiltige laag hoofdzakelijk geassocieerd met de grootschalige ontbossingen van het achterland vanaf de Romeinse tijd en in de middeleeuwen. Als gevolg van deze ontbossingen en toename van het akkerareaal nam de bodemerosie toe, kon minder regenwater in het achterland worden vastgehouden en nam zowel de overstromingsfrequentie als de hoogte van de piekafvoeren toe. Laat-middeleeuwse vondsten aan de basis van dit pakket zijn een aanwijzing dat het pakket deels ook pas vanaf de late middeleeuwen of daarna is afgezet. Dat wordt ondersteund door diverse OSL-dateringen. Het huidige onderzoek leverde helaas geen vondsten op om de datering voor de site fijn te stellen.


Bron: Augustin S., I. van de Staey & P. Driesen 2021: ARON rapport 1048 – Eindverslag Maasmechelen, Industrielaan. Opgraving naar aanleiding van de nieuwbouw van een handelsruimte met bijhorende parking., Tongeren.
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: ARON bvba

Opgraving sporen midden bronstijd

Datering: middenbronstijd
Typologie: silo's, vaatwerk
Context: kronkelwaardvlakten, agrarische nederzettingen, , akkerlanden
Materiaal: aardewerk, houtskool, lithisch materiaal
Gebeurtenis:

Opgraving sporen midden ijzertijd

Datering: middenijzertijd, vroege ijzertijd
Typologie: kuilen, paalkuilen, silo's, vaatwerk
Context: kronkelwaardvlakten, agrarische nederzettingen, , akkerlanden
Materiaal: aardewerk, natuursteen
Gebeurtenis:

Proefsleuven sporen metaaltijden

Datering: metaaltijden
Typologie: silo's, vaatwerk, waterkuilen
Context: kronkelwaardvlakten
Materiaal: aardewerk, kwartsiet, zandsteen
Gebeurtenis:

Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Industrielaan 4 [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/221682 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.