waarneming

Mol Achterbos

archeologisch element
ID
979419
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/979419

Beschrijving

Proefsleuvenonderzoek

Naar aanleiding van de geplande verkaveling van een weiland gelegen in het Molse gehucht Achterbos ter hoogte van de kruising tussen Achterbos en de Goorstraat, werd een archeologienota opgemaakt. Uit de studie van de bodem, het landschap en de historische waarden in de nabije en ruime omgeving is gebleken dat het onderzoeksgebied gunstig is gelegen voor bewoning en activiteiten in de nieuwe tijd en vroeger. Daarom werd verder onderzoek aanbevolen in de vorm van een proefsleuvenonderzoek. Het noordelijk deel van onderzoeksgebied is volgens de beschikbare bronnen minstens sinds de tweede helft van de 18de eeuw nooit bebouwd geweest en was al die tijd in gebruik als landbouwgrond of weiland. Dat wordt weerspiegeld in een bodemopbouw die volgens de bodemkaart gunstig is voor de bewaring van sporen van menselijke activiteit. Onmiddellijk ten zuiden van het terrein stond minstens van het midden van de 16de eeuw tot het einde van de 19de eeuw de Apolloniakapel. Volgens de bronnen bevond zich bij de kapel in de eerste helft van de 17de eeuw een boerenschans. In de turbulente periode van de Tachtigjarige Oorlog was de boerenbevolking vaak het slachtoffer van plundering door de strijdende partijen. De schans was een toevluchtsoord om zichzelf en het vee in veiligheid te brengen. Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek was de verwachting voor een site uit de nieuwe tijd hoog, maar er was nog onvoldoende informatie om een gemotiveerde uitspraak te kunnen doen over de effectieve aanwezigheid, aard en bewaringstoestand van resten uit de nieuwe tijd of een eventuele oudere periode. Op 20 februari 2020 werd het proefsleuvenonderzoek uitgevoerd. Er werd vastgesteld dat het gebied laat in cultuur werd gebracht, vermoedelijk in de loop van de 16de eeuw. Het onderzoek leverde sporen op van een hoeve uit die tijd en een waterput die op korte afstand ten oosten van de puinsporen van het gebouw lag. De informatiewaarde van de vele spitsporen en kuilen rond de gebouwen wordt als laag ingeschat. Aan de westzijde van het terrein bevond zich een omvangrijke uitgraving die over de ganse breedte van het perceel kon worden gevolgd. Vermoedelijk hebben deze grondwerken te maken met de schans die hier moet gelegen hebben.

Opgraving

Het gaat om een erf uit de vroege nieuwe tijd. Er werden een hoofdgebouw en een kleiner bijgebouw aangetroffen, in het westen begrensd door een baangracht. Ten oosten van de gebouwen werden drie waterputten aangetroffen. Het voorlopige tijdskader van deze waterputten ligt in grote lijnen tussen ca. 1400 en ca. 1700 n. Chr. Voor de gebouwen is de mogelijkheid tot dateren beperkt. Bij het aardewerk is het aantal dateerbare randen erg beperkt. Bovendien komt vrijwel al het aardewerk uit de afbraakfase. Daarmee kan hoogstens een beperkte uitspraak gedaan worden over de eindfase van de site.

Er werden geen macroresten aangetroffen die in aanmerking komen voor datering. Een bulkstaal van laag s279 zou een dateerbaar staal kunnen opleveren voor de oudst bewaarde fase van de potstal, maar daarvan zal nooit met zekerheid geweten zijn of het ook de
beginfase is.


Bron     : De Beenhouwer J., Arckens M., Geelen N., Beckers C. 2020: Nota Mol Achterbos. Resultaten van het uitgesteld archeologisch vooronderzoek, Wijnegem. , De Beenhouwer J., Arckens M., Geelen N. 2020: Opgraving Mol Achterbos - Hoek Goorstraat; Archeologierapport, Wijnegem.
Auteurs :  Fodio bvba, Meylemans, Erwin
Datum  :

Bijgebouwen

Typologie: bijgebouwen

Hoeve

Datering: nieuwe tijd
Typologie: hoeven, woonstalhuizen (archeologisch erfgoed)
Gebeurtenis:

Beschrijving:
De belangrijkste sporen maken deel uit van een erf, met twee puinzones die mogelijk samen deel uitmaken van een langgevelhoeve en een waterput op korte afstand van het gebouw.

Kuilen

Typologie: kuilen

Potstal

Schans

Datering: nieuwe tijd
Typologie: boerenschansen
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Een omvangrijke uitgraving aan de westzijde van het terrein heeft vermoedelijk te maken met de bouw van een schans in deze omgeving in het begin van de 17de eeuw.

Waterkuilen

Typologie: waterkuilen

Beschrijving:
In de noordelijke hoek van werkput 3 bevond zich een grote waterkuil met een brede komvormige bodem.
Omdat het complex gedeeltelijk buiten het projectgebied viel is het niet volledig onderzocht. Het complex
kende een opmerkelijke evolutie. Het geleidelijk inslibben vanaf de bodem tot bijna onder de ploeglaag duidt op
een lang gebruik als waterkuil. Er blijven echter vele vragen over de manier waarop de kuil dichtgeslibd raakte.
Het is duidelijk dat de gebruikers hierin de hand hadden en dat zij het proces hebben beïnvloed. Na een periode
van natuurlijke inslibbing in de aanvangsfase, werd het ritme abrupt versneld door brokken van een
podzolbodem in te werpen. Dit gebeurde schijnbaar herhaaldelijk in de loop van het proces. Opvallend is het
ontbreken van de A horizont in de brokken die uitzonderlijk tot 70 cm lang en 30 cm breed waren. Overigens
getuigt dit van een grote vaardigheid om dergelijke omvangrijke bodemdelen in één keer te ‘oogsten’ en in hun
oorspronkelijk verband te verplaatsen. De ongeschonden grote brokken doen vermoeden dat zij uit de
onmiddellijke omgeving komen. Op het projectgebied zelf is de volledige podzolbodem vandaag verdwenen,
maar bij het proefsleuvenonderzoek kon op korte afstand ten noorden worden aangetoond dat dit het
oorspronkelijk bodemprofiel is geweest. 5
Een functie als drenkpoel voor het vee is uit te sluiten omwille van de steilte van de wanden en het ontbreken
van hoefafdrukken in de sliblaagjes (trampling). Een mogelijke denkpiste is dat de kuil (gedeeltelijk) gedicht
werd bij het graven van één van de waterputten. In dat geval zou hij kunnen deel uitmaken van de evolutie van
niet-beschoeide waterkuilen tot gestandaardiseerde plaggenputten. In de dempingslaag bevonden zich 2
wandscherven grijs aardewerk, wat aansluit bij de vondsten in de oudste waterput zonder beschoeiing WA133.

Waterputten

Datering: late middeleeuwen, nieuwe tijd
Materiaal: aardewerk

Beschrijving:
Drie waterputten in totaal. De eerste waterput heeft geen beschoeiing en kan gedateerd worden in het midden van de 14de eeuw, de twee andere waterputten hebben een beschoeiing van plaggen en kunnen gedateerd worden op het einde 15de eeuw begin 16de eeuw.


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Mol Achterbos [online] https://id.erfgoed.net/waarnemingen/979419 (Geraadpleegd op )