waarneming

Zele Rotstraat

archeologisch element
ID
980576
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/980576

Beschrijving

Tijdens het onderzoek werden in totaal 109 sporen aangetroffen. Het betreft enkel grondsporen en geen muurresten. Gezien slechts weinig vondsten zijn aangetroffen, worden de sporen voornamelijk gedateerd op basis van hun vulling en aflijning. Het gaat om 52 paalsporen, 28 kuilen, 5 grachtonderdelen, 4 greppels, 1 waterput en 19 natuurlijke sporen.

Een groot aantal van de aangetroffen sporen dateren uit de late ijzertijd. Vooral in de noordoostelijke hoek van het projectgebied werden paalsporen aangetroffen. Sommige paalsporen zijn te koppelen aan duidelijke structuren, andere aan eerder vage configuraties. Naast deze structuren werden ook losse paalsporen en palenclusters aangetroffen waarin geen structuren herkend konden worden. In totaal werden 4 vier-postige spiekers en een negen-postige spieker herkend, daarnaast was er een mogelijke erfafsluiting en een waterput.

De vulling van de waterput werd bemonsterd voor verder onderzoek voor onderzoek van macroresten. Deze monstername bevatte zowel verkoolde als onverkoolde resten. Er werd een enkele korrel van gerst en een enkele korrel van emmer-/spelttarwe herkend, alsook verkoolde en onverkoolde kafbases van emmertarwe. Naast de granen zijn enkele onverkoolde zaden gevonden van lijnzaad, vlier en braam. De aangetroffen zaden van wilde planten zijn alle onverkoold. Gekroesde melkdistel, kleine brandnetel, perzikkruid en vogelmuur zijn onkruiden van voedselrijke akkers of tuinen. Akkerandoorn, Europese hanenpoot, gewone spurrie en knopherik zijn soorten van kalkarme akkers. Gewoon varkensgras, grote weegbree, herderstasje en straatgras zijn zogenaamde tredplanten. Zij groeien op veel betreden plaatsen, zoals op wegen en paden, maar kunnen ook op het erf of rond de waterput hebben gestaan. Beklierde duizendknoop, melganzenvoet en uitstaande-/ spiesmelde zijn planten van voedselrijke ruigten. Ook planten van storingsmilieus zijn goed vertegenwoordigd. Hiertoe behoren geknikte vossenstaart, gewone waternavel, hazenzegge, ruige zegge en zilverschoon. Deze planten groeien in graslanden met verdichte of verslempte bodem die weinig zuurstof bevatten, bijvoorbeeld door een wisselende waterstand en/of begrazing. Mogelijk groeiden deze planten ook rond de waterput. De zaden kunnen echter ook uit mest afkomstig zijn. Zij wijzen dan op relatief intensieve begrazing van vochtige graslanden.

Op een verkoolde gerstkorrel uit de waterput is een radiokoolstofdatering uitgevoerd. Deze leverde een datering op van 2123±26BP (RICH-27211). Dit komt overeen met een gekalibreerde datering van 68,2% kans op een datering tussen 200 en 110BC en een gekalibreerde datering van 92,3% kans op een datering tussen 210 en 50BC. Er werd slechts een klein aantal fragmenten ijzertijd aardewerk aangetroffen, maar deze stemmen overeen met deze datering in de late ijzertijd. 

In de waterput was hout van de bekisting bewaard gebleven. Een van de houten constructie-elementen die als recuperatiehout in de waterputbekisting werden aangewend betrof een onderdeel van een eiken houten karrenwiel. 

Op basis van de scherpere aflijning van de vulling van enkele grachtsegmenten ten opzichte van sporen uit de late ijzertijd, kunnen enkele grachten langs de noordelijke en oostelijke grens van het projectgebied gedateerd worden in de nieuwe of nieuwste tijd. Deze grachten vallen bovendien samen met de perceelsgrenzen en zijn bijgevolg te interpreteren als perceelsstructuren.

Enkele sporen, voornamelijk in de noordwestelijke hoek van het projectgebied vertonen een eerder duidelijke aflijning en een bruine, bruingrijze tot donkergrijze zandige textuur. De meeste van deze sporen waren weinig tot licht gebioturbeerd, ongeveer 0% tot 10% en bevatten geen opmerkelijke inclusies. Voonamelijk op basis van de zeer scherpe aflijning kunnen deze sporen gedateerd worden in de recente periode. Het gaat hierbij vermoedelijk over enkele vergravingen of kuilen gekoppeld aan het onderhoud van het voomalige voetbalveld.


Auteurs :  De Logi & Hoorne bvba
Datum  : 01-11-2020

Erf late IJzertijd

Datering: late ijzertijd (westen)
Typologie: gebouwplattegronden, greppels, paalkuilen, spijkers, vierpostenspijkers, waterputten
Materiaal: aardewerk
Gebeurtenis:

Subrecente percellering

Datering: nieuwe tijd, nieuwste tijd
Typologie: perceelsgreppels
Gebeurtenis:

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Zele Rotstraat [online] https://id.erfgoed.net/waarnemingen/980576 (Geraadpleegd op 25-02-2021)