waarneming

Snikbergstraat 90-106

archeologisch element
ID
981714
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/981714

Beschrijving

Bij het landschappelijk booronderzoek werd een intacte bodemopbouw vastgesteld.

Tijdens het verkennend archeologisch booronderzoek zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen die op de aanwezigheid van een steentijd artefactenvindplaats in het plangebied wijzen. In het zeefresidu zijn regelmatig kleine vuursteensplinters opgemerkt, maar deze zijn vermoedelijk
allemaal van natuurlijke oorsprong. Het zeefresidu was namelijk zeer grindrijk met daarbij heel wat gefragmenteerd materiaal. Kenmerkende artefacten zoals chips of afslag(fragment)en zijn niet aanwezig.

Tijdens het proefsleuvenonderzoek werd in het noordwesten van het plangebied, in werkput 1, werd een baksteenoven aangetroffen.

Door de grote hellingsgraad van het terrein is het terrein zeer erosiegevoelig, wat de aftopping van de verschillende bodemlagen kan verklaren. Bovendien zorgde de helling er ook voor dat het terrein mogelijk minder aantrekkelijk was voor bewoning doorheen de eeuwen. Naast de baksteenoven werden nog enkele (sub)recente perceelsgreppels en een paalkuiltje aangetroffen.


Auteurs :  BAAC bvba Vlaanderen
Datum  :

Recente grondsporen

Datering: nieuwste tijd
Typologie: kuilen, perceelsgreppels
Gebeurtenis:

Veldoven

Datering: 14de eeuw, 15de eeuw, 16de eeuw
Typologie: bouwmaterialen, veldovens
Materiaal: aardewerk, houtskool, steengoed, steenkool
Gebeurtenis:

Beschrijving:
De oven meet 4,5 m op 6,6 m. Het gaat om een veldoven, waarschijnlijk voor tijdelijk gebruik. Aan de westelijke en oostelijke lange zijden waren de bakstenen nog in opstand bewaard tot ongeveer 50 cm. De aangetroffen oven had geen gemetselde muren, maar was wel ingegraven in het toenmalige loopvlak. Ook rondom de oven was de aarde afgegraven, in de putwand rondom was een opvullingslaag zichtbaar. Zodoende was er aan de noordzijde van de oven een stookruimte uitgegraven, die verder door liep onder de Snikbergstraat, buiten het plangebied.

De onderste laag van de oven bestond uit een combinatie van bakstenen afgewisseld met een mengeling van hout- en steenkool. In de sleufwand was te zien dat de onderste laag stenen op hun strekse kant was gelegd, dwars op de lengterichting van de oven. De lagen erboven waren eveneens op hun strekse kant geplaatst, volgens de lengterichting van de oven. Er waren aan de noordzijde drie monden van stookkanalen bewaard. De meest westelijke mond leek te zijn gevormd door geboetseerde leem, de twee andere stookkanalen waren gevormd door de bakstenen zelf die er rond waren geplaatst. Er werden twee formaten aangetroffen. 28 x 13 x 5 cm en 26 x 11 x 5 cm. Op basis van deze baksteenformaten zou men de oven kunnen dateren tussen de 14de en de 16de eeuw.

De oven was redelijk diep ingegraven, ongeveer 1,20 m tot 1,60 m onder het huidige maaiveld. De vulling die de oven afdekte bevatte twee scherven. Het gaat telkens om wandscherven van steengoed met zoutglazuur, naar alle waarschijnlijkheid uit Raeren. Deze vallen eveneens ruwweg te dateren in de 14de tot de 16de eeuw. De vulling bestond voorts uit een lemig pakket met verschillende brokken baksteen en houtskool.


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Snikbergstraat 90-106 [online] https://id.erfgoed.net/waarnemingen/981714 (Geraadpleegd op )