waarneming

Schansstraat II

archeologisch element
ID
982460
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/982460

Beschrijving

Naar aanleiding van de geplande realisatie van 17 woningen en 26 appartementen aan de Schansstraat in Mol werd een archeologisch onderzoek uitgevoerd, volgend op een proefsleuvenonderzoek dat uitgevoerd werd in 2017. De opgraving situeerde zich in de noordelijke zone van het projectgebied. De zuidelijke zone van het projectgebied bleek uit het bodemkundige en landschappelijke onderzoek vermoedelijk een depressie of beekvallei te zijn. Het terrein met een totale oppervlakte van 3.950 m² is vlakdekkend onderzocht door middel van vier werkputten.

Sporen uit de midden-late ijzertijd, vroege middeleeuwen, volle middeleeuwen, late middeleeuwen en nieuwe/nieuwste tijd werden aangetroffen. In totaal werden 682 archeologische sporen genummerd. Hiervan konden, na het couperen, 583 een antropogene oorsprong worden toegeschreven. Er zijn grachten en greppels, kuilen en paalkuilen, waterputten en muur- en uitbraaksporen gevonden. 

Voor de ijzertijd kon er één paalstructuur herkend worden als een vierpalige spieker. In het oostelijke deel lag nog een andere palencluster. Er werden aardewerkfragmenten, houtskool en elzenhout aangetroffen, die gedateerd konden worden. De vermoedelijke datering van de oostelijke palencluster in de vroege ijzertijd en van de spieker in de late ijzertijd suggereren dat er twee occupatiefasen vertegenwoordigd zijn in de metaaltijden.

Voor de vroege middeleeuwen kon er met zekerheid één spoor gedateerd worden: een waterput. Er zijn enkele aardewerkscherven gevonden die te plaatsen zijn in de 8e of 9e eeuw. Deze datering kon bevestigd worden door middel van 14C-datering van de beschoeiing van de waterput. Deze wees op een datering tussen 778 en 995. In de ruime omgeving van de waterput konden geen plattegronden herkend worden, ook al maakte de put ongetwijfeld deel uit van een vroegmiddeleeuws erf. Een tweede mogelijke spoor uit de vroege middeleeuwen is een greppel. 

Op basis van aardewerkvondsten kon slechts één kuil in de volle middeleeuwen worden gedateerd. Twee greppels bevatten uitsluitend vondstmateriaal uit de volle middeleeuwen. Een waterput kon ook aan de volle middeleeuwen worden toegeschreven op basis van zijn ligging in een volmiddeleeuws erf. Hoewel verschillende plattegronden herkend werden bij de verwerking van de allesporenkaart, konden deze helaas niet gedateerd worden op basis van het aardewerk. Het aardewerk uit de diverse paalkuilen van deze structuren bestond uitsluitend uit intrusief, postmiddeleeuws aardewerk. Er werden nauwelijks volmiddeleeuwse scherven herkend tussen deze ensembles. Vermoedelijk moet de aanwezigheid van verschillende stukken postmiddeleeuws aardewerk gelinkt worden aan de sterke bioturbatie en de recente sporen die zich in de omgeving van de plattegronden bevinden. Tussen het aardewerk op siteniveau bevinden zich evenwel enkele fragmenten volmiddeleeuws aardewerk, waardoor er toch indirecte indicaties zijn voor een volmiddeleeuwse nederzetting. Ondanks de afwezigheid van dateerbaar vondstmateriaal in de meeste sporen konden tijdens de uitwerking op basis van typochronologie vier vermoedelijke plattegronden worden afgebakend. In het noorden van het onderzoeksterrein zijn één of twee hoofdgebouwen te herkennen, één of twee bijgebouwen en een waterput. Mogelijk kan een woonerf worden afgebakend.

Het aantal sporen dat exclusief aan de late middeleeuwen kan worden toegeschreven, is bijzonder klein. Er zijn een aantal greppels die dateren uit de volle of de late middeleeuwen, maar op basis van het beperkte vondstmateriaal is een nauwkeurige datering niet mogelijk. Verspreid over het terrein bevinden zich een aantal kuilen met aardewerk uit de late middeleeuwen. De schaarste aan sporen sluit aan bij de vaststelling op andere sites in de Kempen dat vanaf het begin van de 13de eeuw volmiddeleeuwse erven verlaten worden en dat families gaan samenwonen in gehuchten op de rand van goede akkergebieden. 

Het lijkt er op dat de terreininvulling van de late middeleeuwen tot aan het begin van de 19de eeuw niet veranderd is. Meer dan waarschijnlijk bevonden zich hier akkerlanden, omringd door bomenrijen en eventueel afgebakend door greppels. Aan de kant van de Collegestraat, in het uiterste westen van het onderzoeksgebied, bevonden zich muurresten van de huizen die zich daar tot in de jaren 1960 bevonden. Deze muren, voornamelijk enkele restanten van kelders, waren grotendeels afgebroken en bevonden zich in zeer slechte staat waardoor er geen grondplan kon worden gereconstrueerd. Over het hele terrein verspreid bevinden zich (hoofdzakelijk) kuilen en greppels die dateren van de 16de tot en met de 20ste eeuw. Omdat de meeste slechts één of enkele scherven bevatten is er dus maar weinig informatie  over functie of datering. De kuilen zijn waarschijnlijk te interpreteren als afvalkuilen, ontginningskuilen… Centraal gelegen in het onderzoeksgebied is een paalkuil gevonden. Op de hele site is deze uniek en het zal dan ook meer dan waarschijnlijk om een kuil met bijzondere functie gaan. Gezien de diepte van het spoor werd het meer dan waarschijnlijk gegraven voor een soort mast. Twee waterputten werden ook aangetroffen. 

Bij metaaldetectie na het afgraven van de teelaarde werden enkele vondsten gedaan die uit de Eerste en/of Tweede Wereldoorlog kunnen dateren. Het gaat dan om kartetskogels afkomstig uit granaten, een patroon voor een geweer (Brits, 1942) en een huls afkomstig van munitie met een groot kaliber (40 mm)(6.5 Metaal). Zowel deze elementen, als ook getuigenissen van verschillende buurtbewoners, tonen aan dat zich tijdens de tweede wereldoorlog militaire activiteiten voltrokken binnen het onderzoeksgebied en daarrond.

In totaal werden 230 vondstnummers uitgeschreven. Het aangetroffen vondstmateriaal bestaat uit aardewerk, bouwmateriaal, dierlijk bot, metaal, glas, natuursteen en slakken.

Er werden ook een palynologisch, macrobotanisch, dendrochronologisch en 14C-onderzoek uitgevoerd.


Auteurs: Demeulenaere, Eline
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: BAAC Vlaanderen bvba

Bewoningsporen ijzertijd

Datering: late ijzertijd (oosten), vroege ijzertijd
Typologie: paalkuilen, paalsporen, spijkers
Materiaal: aardewerk, hout, houtskool
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Voor de ijzertijd kon er één paalstructuur herkend worden als een vierpalige spieker. In het oostelijke deel lag nog een andere palencluster. Er werden aardewerkfragmenten, houtskool en elzenhout aangetroffen, die gedateerd konden worden. De vermoedelijke datering van de oostelijke palencluster in de vroege ijzertijd en van de spieker in de late ijzertijd suggereren dat er twee occupatiefasen vertegenwoordigd zijn in de metaaltijden.

Bewoningsporen volle middeleeuwen

Datering: volle middeleeuwen
Typologie: gebouwplattegronden, paalkuilen, waterputten
Materiaal: aardewerk, hout
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Ondanks de afwezigheid van dateerbaar vondstmateriaal in de meeste sporen konden tijdens de uitwerking op basis van typochronologie vier vermoedelijke plattegronden uit de volle middeleeuwen worden afgebakend. In het noorden van het onderzoeksterrein zijn één of twee hoofdgebouwen te herkennen, één of twee bijgebouwen en een waterput. Enkele scherven aardewerk zijn ook aangetroffen.

Metaaldetectievonsten

Datering: eerste helft 20ste eeuw, nieuwe tijd
Typologie: vaatwerk
Materiaal: metaal
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Voor de metaalvondsten zijn er enkele munten (oudste 16de eeuw), knopen (oudste 17de eeuw) en een kookpot gevonden. De kookpot kan in de late middeleeuwen tot nieuwe tijd gedateerd worden. Bij metaaldetectie na het afgraven van de teelaarde werden enkele vondsten gedaan die uit de Eerste en/of Tweede Wereldoorlog kunnen dateren. Het gaat dan om kartetskogels afkomstig uit granaten, een patroon voor een geweer (Brits, 1942) en een huls afkomstig van munitie met een groot kaliber (40 mm)(6.5 Metaal). Zowel deze elementen, als ook getuigenissen van verschillende buurtbewoners, tonen aan dat zich tijdens de tweede wereldoorlog militaire activiteiten voltrokken binnen het onderzoeksgebied en daarrond.
Ijzer en metaalslakken zijn ook aangetroffen.

Sporen late middeleeuwen

Datering: late middeleeuwen
Typologie: greppels, kuilen
Materiaal: aardewerk
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Het aantal sporen dat exclusief aan de late middeleeuwen kan worden toegeschreven, is bijzonder klein. Er zijn een aantal greppels die dateren uit de volle of de late middeleeuwen, maar op basis van het beperkte vondstmateriaal is een nauwkeurige datering niet mogelijk. Verspreid over het terrein bevinden zich een aantal kuilen met aardewerk uit de late middeleeuwen.

Sporen nieuwe/nieuwste tijd

Datering: nieuwe tijd, nieuwste tijd
Typologie: grachten (infrastructuur), kelders, kuilen, muurresten, paalkuilen, waterputten
Materiaal: aardewerk, bot (dierlijk), metaal
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Het lijkt er op dat de terreininvulling van de late middeleeuwen tot aan het begin van de 19de eeuw niet veranderd is. Meer dan waarschijnlijk bevonden zich hier akkerlanden, omringd door bomenrijen en eventueel afgebakend door greppels. Aan de kant van de Collegestraat, in het uiterste westen van het onderzoeksgebied, bevonden zich muurresten van de huizen die zich daar tot in de jaren 1960 bevonden. Deze muren, voornamelijk enkele restanten van kelders, waren grotendeels afgebroken en bevonden zich in zeer slechte staat waardoor er geen grondplan kon worden gereconstrueerd. Over het hele terrein verspreid bevinden zich (hoofdzakelijk) kuilen en greppels die dateren van de 16de tot en met de 20ste eeuw. Omdat de meeste slechts één of enkele scherven bevatten is er dus maar weinig informatie over functie of datering. De kuilen zijn waarschijnlijk te interpreteren als afvalkuilen, ontginningskuilen… Centraal gelegen in het onderzoeksgebied is een paalkuil gevonden. Op de hele site is deze uniek en het zal dan ook meer dan waarschijnlijk om een kuil met bijzondere functie gaan. Gezien de diepte van het spoor werd het meer dan waarschijnlijk gegraven voor een soort mast. Twee waterputten werden ook aangetroffen. In enkele 19de eeuwse kuilen werd dierlijk bot teruggevonden. Enkele glas- en metaalvondsten zijn ook aangetroffen.

Sporen vroege middeleeuwen

Datering: vroege middeleeuwen
Typologie: greppels, waterputten
Materiaal: aardewerk
Gebeurtenis:

Beschrijving:
Voor de vroege middeleeuwen kon er met zekerheid één spoor gedateerd worden: een waterput. Er zijn enkele aardewerkscherven gevonden die te plaatsen zijn in de 8ste of 9de eeuw. Deze datering kon bevestigd worden door middel van 14C-datering van de beschoeiing van de waterput. Deze wees op een datering tussen 778 en 995. In de ruime omgeving van de waterput konden geen plattegronden herkend worden, ook al maakte de put ongetwijfeld deel uit van een vroegmiddeleeuws erf. Een tweede mogelijke spoor uit de vroege middeleeuwen is een greppel. 


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Schansstraat II [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/982460 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.