waarneming

Oude Gentweg

archeologisch element
ID
983605
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/983605

Beschrijving

Voorafgaand aan de ontwikkeling van een terrein werden verschillende fases van archeologisch vooronderzoek uitgevoerd: een landschappelijk bodemonderzoek, een verkennend archeologisch bodemonderzoek en een proefsleuvenonderzoek. 

De landschappelijke boringen wezen in de westelijke helft van het terrein op de aanwezigheid van een oude podzolsequentie onder de ploeglaag (Ap-E-Bh-C). In de oostelijke boringen was deze sequentie niet aanwezig (Ap-Ap2-C(g)). De antropogene verstoring in het westen bleef grotendeels beperkt tot de ploeglaag (ca. 0,30 m diepte). In het oosten wijst een tweede, oudere ploeglaag op het lange gebruik van het terrein als landbouwgrond.

Het verkennend archeologisch booronderzoek bevestigde de aanwezigheid van oude podzolsequentie (Ap-E-Bh-C) in het westnoordwesten van het plangebied. Het toonde echter ook aan dat deze bodemopbouw niet steeds even goed bewaard bleef. De podzolsequentie bleek het beste bewaard centraal in de onderzochte zone. De E-horizont werd lokaal verrommeld en (gedeeltelijk) opgenomen in een oudere ploeglaag. In de uitgezeefde stalen bleken geen relevante artefacten of ecofacten aanwezig te zijn.

Samengevat duidt het bodemonderzoek uitgevoerd tijdens het proefsleuvenonderzoek er op dat in het westen van het terrein een nattere, lagere zone aanwezig was, waarin de bodemopbouw beter bewaard bleef. Deze lagere zone werd later opgevuld en net als het volledige terrein opgehoogd met het pakket ploeglaag en genivelleerd.
Het archeologisch niveau bevindt zich op hoogtes gaande van 5,56 m TAW in het uiterste oosten tot 6,78 m TAW in het uiterste westen van het plangebied.

Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn in totaal 39 sporen geregistreerd waarvan één natuurlijk. De antropogene sporen omvatten gracht- en greppelsegmenten, kuilen en paalsporen. Qua datering is het sporenbestand op te delen in sporen uit de 20ste-21ste eeuw, sporen uit de nieuwe of nieuwste tijden, en oudere sporen die vermoedelijk dateren in de volle middeleeuwen. De volmiddeleeuwse sporen situeren zich in de noordoostelijke hoek van het terrein en omvatten een fragmentaire gebouwplattegrond en een kuil die mogelijk als waterput te interpreteren is. De postmiddeleeuwse en recente sporen liggen verspreid over het terrein en omvatten vooral greppel- en grachtsegmenten en kuilen. Deze sporen zijn scherper afgelijnd en hebben een donkerdere vulling. Een vijftal scherven waaronder drie in steengoed zijn ingezameld. Daarnaast is nog één silexfragment, een geretoucheerde afslag, geregistreerd als losse vondst. 


Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: De Logi & Hoorne bvba

Nieuwe tot nieuwste tijd

Datering: nieuwe tijd, nieuwste tijd
Typologie: grachten (infrastructuur), greppels, kuilen, vaatwerk
Materiaal: aardewerk
Gebeurtenis:

Onbepaalde datering

Typologie: losse vondsten
Materiaal: vuursteen
Gebeurtenis:

Volle middeleeuwen

Datering: volle middeleeuwen
Typologie: kuilen, paalkuilen, waterputten
Gebeurtenis:

Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Oude Gentweg [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/983605 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.