waarneming

Elfde-Novemberwal

archeologisch element
ID
994910
URI
https://id.erfgoed.net/waarnemingen/994910

Beschrijving

Algemeen

Naar aanleiding van de nieuwbouw van een appartementsgebouw werd door ARON bv een archeologische opgraving uitgevoerd tussen de Sacramentstraat en de Elfde Novemberwal te Tongeren (prov. Limburg).

De opgraving (2023H161) werd uitgevoerd tussen 27 september en 23 oktober 2023 in zeven werkputten tot 30 cm onder de toekomstige verstoringsdiepte. Het grootste deel van de ondergrond bleef echter nog in situ bewaard. Ondanks dat maar 690 m2 van het totale onderzoeksgebied kon onderzocht worden - waarvan slechts 177 m2 tot op de natuurlijke bodem -, werden zeer diverse sporen en vondsten aangetroffen, hoofdzakelijk uit de Romeinse periode.

Het onderzoeksgebied lag net buiten de middeleeuwse en de 4de-eeuwse stad maar viel wel binnen de 2de-eeuwse Romeinse stadsomwalling. Er werden dan ook voornamelijk sporen aangetroffen die betrekking hadden op de eerste drie eeuwen van Romeinse bewoning binnen één van de woonblokken in de Romeinse stad.

Vroeg-Romeinse periode

De oudste sporen waren een vier meter brede NNW-ZZO georiënteerde gracht en twee kuilen. Deze sporen sneden doorheen het secundair verplaatste tertiaire zand en dateerden uit de vroeg-Romeinse periode (vóór 70 n. Chr). Bij één van de kuilen kan een concentratie van botfragmenten en een zo goed als volledige beker in terra rubra op de bodem van het spoor mogelijk geïnterpreteerd worden als een rituele depositie.

Midden-Romeinse periode 70-150

Uit de Flavische periode of het begin van de 2de eeuw n. Chr. dateerden verschillende kleinere paalkuilen, een plaatselijke verharding met kiezel en verschillende kuilen en lagen. De beperkte oppervlaktes en dieptes van de werkputten maakten een verdere interpretatie moeilijk. Wel waren er duidelijk sporen van een oudere houtbouwfase aanwezig die afgedekt werden door een donkergrijze laag te dateren tussen 80 en 120 n. Chr.

Midden Romeinse periode 150-275 na Chr.

Alle voorgaande sporen werden vervolgens afgedekt door restanten van een eerste steenbouwwoning uit de 2de eeuw n. Chr. Het betrof een deels uitgebroken mortelvloer met een lemen muurtje en een uitbraakspoor van een stenen fundering. Een puinlaag met veel brokken kalkmortel, dakpan- en frescofragmenten gaf duidelijk aan dat deze woning vervolgens ook weer werd afgebroken in de 2de eeuw n. Chr. Mogelijk is de woning afgebrand bij de stadsbrand in het midden van de 2de eeuw, maar de onderzochte oppervlakte was te beperkt om dit met zekerheid te kunnen zeggen, en er werd geen duidelijke brandlaag aangetroffen. De frescofragmenten waren restanten van één of meerdere wanden die met het andere afbraakpuin zijn vermengd geraakt. De stijl van de fresco’s lijkt deze ook in de 2de eeuw n.Chr. te dateren. De puinlagen bevatten verder ook stukjes Maastrichtersteen en fragmenten van tegels en tubuli. De woning moet dus naast frescoversieringen ook over een vloerverwarming beschikt hebben.

Doorheen de verschillende puinlagen van de eerste steenbouwwoning sneden verschillende uitbraaksporen van funderingen van een jongere steenbouwwoning, zeker gebouwd na 150 n. Chr. Het einde van deze tweede steenbouwfase zeker pas te dateren na het einde van de 2de eeuw, vermoedelijk pas in de 3de eeuw n. Chr.

Zowel in de eerste als in de tweede steenbouwfase was er duidelijk sprake van een luxueuze stadswoning (domus). Mogelijk maken de aangetroffen restanten deel uit van de woning die werd aangetroffen bij de ‘Anicius’-opgraving die net ten oosten van het huidige onderzoeksgebied gesitueerd was. Ook hier werden verschillende (ver)bouwfases aangetroffen van een stenen woning met frescoversiering die enkele keren hersteld of vernieuwd werd en gelegen was langs de Romeinse straat. Op basis van de centrale ligging kunnen deze bewoningsporen ook horen bij een domus grenzend aan één van de andere straten rond de insula.

In alle werkputten werd bovenop de 2de-eeuwse sporen de typische roodbruine laag aangetroffen, te dateren vanaf de tweede helft van de 3de eeuw. De 3de-eeuwse brandlaag en de laat-Romeinse zwarte laag werden niet vastgesteld.

Nieuwe en nieuwste tijd

Naast de subrecente sporen die betrekking hebben op de bouw en afbraak van de voormalige bebouwing op het terrein werd het terrein afgedekt door een donkerbruin puinpakket (S2) dat verspitte Romeinse vondsten bevatte, maar ook munten en aardewerk uit de postmiddeleeuwse periode.

Auteurs: Reygel, Patrick
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: ARON bvba

midden-Romeinse sporen

Datering: Midden-Romeinse tijd
Typologie: cultuurlagen, funeraire, rituele en religieuze objecten, gebouwplattegronden, kuilen, muurresten, muurschilderingen, ophogingslagen, paalkuilen, puinlagen, vloeren
Context: archeologische depots, funeraire, rituele en religieuze objecten
Materiaal: aardewerk, bot (dierlijk), glas, metaal, pleister, slak
Gebeurtenis:

puin nieuwe en niewste tijd

Datering: nieuwe tijd, nieuwste tijd
Typologie: puinlagen
Gebeurtenis:

vroeg-Romeinse sporen

Datering: Vroeg-Romeinse tijd
Typologie: funeraire, rituele en religieuze objecten, grachten (verdedigingselementen), kuilen
Context: archeologische depots, funeraire, rituele en religieuze objecten
Materiaal: aardewerk, bot (dierlijk), metaal
Gebeurtenis:

Relaties

  • Is deel van
    Historische stadskern van Tongeren


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2026: Elfde-Novemberwal [online], https://id.erfgoed.net/waarnemingen/994910 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.