Voor de aanleg van een meerwoningen-project aan de Passionistenstraat 31 te Kruishoutem werd een archeologisch vooronderzoek door middel van landschappelijke boringen en proefsleuven uitgevoerd. Hierbij werden enkele archeologisch relevante sporen aangetroffen. Dit maakte dat een opgraving geadviseerd werd in het zuidelijke deel van het terrein. In het noordelijke deel kon een in situ behoud vooropgesteld worden gezien hier geen of nauwelijks bodemingrepen gepland waren. Tijdens het onderzoek werden 13 sporen vastgesteld: 5 greppels, 7 kuilen en 1 bomkrater. Deze konden hoofdzakelijk gelinkt worden aan de voormalige hoeve die zich net ten noorden van de opgravingszone bevond. Verder werden binnen de opgravingszone diverse grote en kleinere verstoringen geregistreerd die te linken zijn aan 20ste-eeuwse activiteiten op het boerenerf.
De meeste sporen kunnen op basis van het aangetroffen aardewerk en hun uiterlijke kenmerken (vulling, textuur, aflijning, ...) in de nieuwste tijd geplaatst worden. De greppels zijn wellicht als erf- of perceelgreppels te interpreteren. Een inslagkrater met verscheidene schrapnelfragmenten is in verband te brengen met WO I of WO II.
Auteurs: Moens, Jan; Bracke, Maarten
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Acke & Bracke bvba