Deze pagina afdrukken

De Inventaris van het Wereldoorlogerfgoed

Belgische militaire begraafplaats (De Panne - WOI-WOII) (ID: 747)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Details

Beschrijving

Beschrijving Locatie

De gemeentelijke begraafplaats van De Panne is gelegen nabij Kerkstraat nr. 69, langs de weg De Panne – Adinkerke, ten Z van het natuurreservaat Oosthoek en het Calmeynbos, op ca. 1km ten ZO van de kerk van De Panne. Er is een perk met Britse doden uit WOII en een perk Belgische oud-strijders. Achter deze begraafplaats ligt de Belgische militaire begraafplaats van De Panne, waar eveneens enkele Fransen begraven liggen. Tenslotte liggen op de gemeentelijke begraafplaats enkele Britten uit WOI begraven (in blok F).

Beschrijving Relict

De Belgische militaire begraafplaats van De Panne heeft een rechthoekige plattegrond, met een oppervlakte van 270 are. Het terrein is hoger gelegen t.a.v. de burgerlijke begraafplaats en genivelleerd. De begraafplaats wordt langs 3 zijden omheind door struikgewas, vooraan bevindt ze zich achter het Britse perk en het perk voor Belgische oud-strijders. De rechthoekige perken zijn symmetrisch aangelegd en bestaan uit dubbele rijen grafstenen, die rug aan rug opgesteld staan en waartussen rozenstruiken aangeplant zijn. Er zijn 4 grote kwartieren perken, onderscheiden door een midden- en dwarspad. Deze kwartieren zijn nog eens verdeeld in 4 perken, die aangeduid worden met een letter. Centraal staat een vlaggenstok, waaraan de Belgische vlag wappert. Vooraan links staat een houten schuilgebouwtje met o.m. registerkastje en plattegrond van de begraafplaats. De grafstenen zijn de officiële Belgische grafstenen, behalve 1 privé-grafsteen, 5 Franse grafkruisjes, 13 Heldenhuldezerkjes en 2 rijen betonnen grafstenen. De grafstenen staan per 2, rug aan rug, met daartussen rozenstruiken. Tussen de dubbele rijen grafstenen is er gras. Er zijn 3739 grafstenen waaronder 3744 doden begraven liggen. Op 136 van deze zogenaamde grafstenen worden Belgische doden uit WOI herdacht (m.a.w. ze liggen hier niet begraven). In het totaal liggen er 3366 Belgische doden van WOI begraven, waarvan er 811 niet geïdentificeerd konden worden. Er liggen 36 Franse doden uit WOI, waarvan er 3 niet geïdentificeerd konden worden. Tenslotte liggen er ook nog 342 Belgische doden uit WOII begraven, waarvan er 42 niet meer geïdentificeerd konden worden.

Historische Achtergrond

Tijdens WOI werden in De Panne kantonnementen ingericht. Er bevonden zich oefenterreinen in de duinen. Er werden veldwerken uitgevoerd op verschillende lijnen, noord-zuid gericht vanaf de kust. Vanaf december 1914 was er een hospitaal van het Rode Kruis gevestigd in het hotel L'Océan (en barakken), o.l.v. Dr. Antoine Depage. Dit hospitaal zou blijven functioneren tot 15 oktober 1919. Vermoedelijk werd deze begraafplaats reeds in 1914 in de duinen aangelegd, in de nabijheid van een evacuatieweg voor gewonden en een triagepost. Op de wijk Duinhoek zou tevens een infirmerie geweest zijn. Een steekproef onder de begraven officieren leert dat deze begraafplaats niet exclusief ontstaan is ten gevolge van de doden van hospitaal L'Océan, zoals vaak wordt aangenomen. De grond waarop de begraafplaats begonnen was, was eigendom van de familie Calmeyn. In 1918 werd op bevel van de minister van Landsverdediging tot onteigening overgegaan. De regularisatie geschiedde achteraf, in 1927, bij vonnis van de rechtbank van Veurne. Rond 1920 telde de militaire begraafplaats van De Panne 1486 Belgische graven, waaronder veel van het 5de Regiment Jagers te Voet. In die vroege jaren '20 werden enkele doden ontgraven (heimelijk en toegestaan). Er kwamen echter vooral graven bij, en dit door de verzameling van Belgische militaire doden, o.m. uit Veurne, Booitshoeke, Kaaskerke, Oostkerke, St.-Jacobskapelle, St.-Rijkers, West-Vleteren (St.-Sixtus), Beveren. Het betreft hier dus een deels oorspronkelijke, maar vooral een verzamelbegraafplaats. Zoals elders werden ook hier in 1924-1925 officiële grafstenen geplaatst. Daartoe werd het amalgaam aan graftekens verwijderd, o.m. die heldenhuldezerkjes waarvoor de nabestaanden geen aanvraag tot behoud hadden ingediend (er stonden er 27, nu nog 13). De officiële Belgische grafsteen werd in 1920 ontworpen door de Brusselse architect Simons, in opdracht van het Ministerie van Landsverdediging. Het duurde tot 1924 eer de grafsteen officieel werd voorgesteld. Tijdens WOII werden rijen nieuwe graven aangelegd, vooral met doden van 1940. Vandaag zijn er 3739 grafstenen waaronder 3744 doden begraven liggen. Op 136 van deze zogenaamde grafstenen worden Belgische doden uit WOI herdacht (m.a.w. ze liggen hier niet begraven). In het totaal liggen er 3366 Belgische doden van WOI begraven, waarvan er 811 niet geïdentificeerd konden worden. Er liggen 36 Franse doden uit WOI, waarvan er 3 niet geïdentificeerd konden worden. Tenslotte liggen er ook nog 342 Belgische doden uit WOII begraven, waarvan er 42 niet meer geïdentificeerd konden worden. Voor wat de Belgen van WOI betreft, zijn er 272 doden van 1914 (meestal IJzerslag), 518 van 1915, 35 van 1916, 152 van 1917 en 1503 van 1918 (meestal Eindoffensief). 62 mensen zijn overleden en bijgezet in 1919 en nog 2 in 1920. De officieren maken 2,6% uit van de Belgische doden (87 op 3366). Er ligt 1 kolonel begraven, 1 luitenant-kolonel, 2 majoren, 13 commandanten, 14 kapiteins, 22 luitenanten en 31 onderluitenanten. Er is 1 militair auditeur, 1 officier van de Veiligheidsdienst en 1 aalmoezenier. Vooral de Infanterie is sterk vertegenwoordigd, daarna de Artillerie (260), de Genie (101), de Hulptroepen Genie (55) en de Cavalerie (52). Er zijn 51 doden van het Vervoerkorps, 21 van het Vliegwezen, 21 van de Gendarmerie, 20 van de Administratietroepen, 19 van de Opleidingscentra. Dan zijn er nog 5 van Transmissie, 1 verpleegster van de Gezondheidsdienst, 2 officieren van de Luchtvaart, 4 van de Marine, 5 van de Intendantie en 9 van de Etappetroepen. Er zijn ook enkele gemilitariseerde burgers (vb. bakker, spoorweg). Hier lag Lode de Boninge oorspronkelijk begraven. Na de oorlog, in 1921, werd zijn stoffelijk overschot overgebracht naar zijn familiegraf op het gemeentelijk kerkhof van Wevelgem. Tot slot ligt hier ook Edouard Snytsers (° Brugge, 1876) begraven. Deze oorlogsvrijwilliger en wachtmeester bij het 3de Artillerieregiment was adjunct van artilleriewaarnemer Edouard Lekeux (frater Martial) op de oude kerktoren van Oud-Stuivekenskerke. Hij stierf op 3 maart 1915 bij hevige beschietingen door de Duitsers. Aanvankelijk werd hij op het gemeentelijk kerkhof van Oostkerke begraven. Hij werd door Koning Albert tot Ridder in de Leopoldsorde geslagen.

Bronnen

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Bron: onbekend

Relaties