Teksten van Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery

Britse militaire begraafplaats Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery ()

Britse militaire begraafplaats, gelegen langs de Nachtegaalstraat, op ongeveer 400 meter ten zuidwesten van de kerk van het gehucht Haringe (Roesbrugge). 

Historische beschrijving

Deze begraafplaats is in 1917 ontstaan bij ‘casualty clearing stations’ (C.C.S. of veldhospitaal). Naar aanleiding van de Derde Slag bij Ieper besliste het Britse Vijfde Leger om het aantal C.C.S.’s op te voeren. Dit om snelle opvang en verzorging van de vele duizenden gewonden mogelijk te maken. Bandaghem bestond in de zomer van 1917 uit twee C.C.S.’s, namelijk het 63ste en 62ste, die allebei doden te begraven hadden. Bijzettingen van deze en andere veldhospitalen (o.a. het 36ste C.C.S. in 1918) gingen door tot oktober 1918. De meeste doden kwamen om tijdens de Derde Slag bij Ieper (najaar 1917) en het Duitse Lente-Offensief (voorjaar 1918). De naam ‘Bandaghem’ is het gevolg van de creativiteit van enkele militairen, als een samenvoeging van ‘to bandage’ (verbinden) met een Vlaams klinkend achtervoegsel. Het 63ste C.C.S. nam in principe enkel zieken op en het 62ste C.C.S. behandelde vooral zenuwgevallen. Vandaag heet dit verschijnsel 'shell shock', 'shock', 'battle fatigue', 'post-traumatisch stress-syndroom' enz. 

Oorspronkelijk lagen hier meer doden begraven. Na de oorlog werden vier Franse perken ontruimd. Volgens het huidige register liggen er nu in het totaal 816 doden, waaronder 5 Britse doden uit de Tweede Wereldoorlog. Wat de Eerste Wereldoorlog betreft, gaat het om 746 doden uit het Verenigd Koninkrijk (waarvan 5 ongeïdentificeerd), 2 Australiërs, 6 Canadezen, 11 Nieuw-Zeelanders, 7 Zuid-Afrikanen, 38 Duitsers (waarvan 3 ongeïdentificeerd) en 1 Franse burger. Bij de Britse doden zijn ook 4 mannen van het ‘Chinese Labour Corps’ meegerekend. Furlonger, Johnson en Farren (perk III rij D graven 31, 32 en 33) behoorden tot de ‘Royal Engineers’. Ze verkregen postuum de eerder zeldzame ‘Albert Medal’ (AM). Op 30 april 1918 was een wagon met munitie ontploft. Doordat 5 mannen erin slaagden de locomotief tijdig terug aan de brandende wagon te koppelen en die weg van het munitiedepot te manoeuvreren, werd erger voorkomen. Drie van de vijf mannen overleden bij de ontploffing en alle vijf kregen ze de Albert Medal. Deze onderscheiding werd vanaf 1866 ingesteld en was bedoeld om daden van uitzonderlijke dapperheid te belonen.

De aanleg van Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery is van de hand van R. Blomfield (hoofdarchitect) en W.C. Von Berg (uitvoerend architect).

Kenmerken

Begraafplaats met onregelmatig grondplan en een oppervlakte van 2.264m². Het terrein is licht golvend en wordt omgeven door een haag uit meidoorn. Toegang aan de noordwestzijde via een smeedijzeren hekken, bevestigd aan twee pijlers uit witte natuursteen met het registerkastje en het opschrift ‘Haringhe Bandaghem Military Cemetery 1917-1918’. Vanaf de toegang vertrekt een laan naar het ‘Cross of Sacrifice’ (type A1) er recht tegenover, waarachter een muurtje uit witte natuursteen is opgetrokken met de teksten van de landplaten. Vlakbij ligt de metalen informatieplaat en staat een schuilgebouw: een bakstenen gebouw, met zadeldak, gebroken fronton, rondbogige doorgang en een zitbank uit witte natuursteen. In het gebouw zijn de landplaten nogmaals terug te vinden onder een bepleisterd tongewelf. Een deel van het gebouw is afgesloten (dienstgebouw). De ‘Stone of Remembrance’ staat tegen de oostelijke zijde. De graven liggen verspreid over vier perken. Het geheel wordt getooid met bloemperken, struiken en een honingboom.

  • Bezoekersinformatie Commonwealth War Graves Commission (nieuwe en oude registers).
  • BENAUWT R. 1987: Het Brits militair kerkhof Bandaghem te Roesbrugge-Haringe, West-Vlaamse Gidsenkring Westhoek XXIV.4, 9-10.
  • CHIELENS P. s.d.: De POP Route. Fietsen achter het front, Poperinge, IPS.
  • CUSHING H. 1936: From a surgeon's journal 1915-1918, London.
  • HOLT T. & V. 2003: Major & Mrs Holt's Battlefield Guide to the Ypres Salient, London.
  • LOUAGIE J. & NOLF K. 1998: Talbot House Poperinge. De Eerste Halte na de Hel, Poperinge.
  • SCOTT M. 1992: The Ypres Salient. A guide to the cemeteries and memorials of the Salient, Norwich-Norfolk.

Bron: Beschermingsdossier: DW002416
Auteurs:  Decoodt, Hannelore
Datum:


Je kan deze pagina citeren als: Decoodt, Hannelore: Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery [online], https://id.erfgoed.net/teksten/125650 (geraadpleegd op )


Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery (Haringe - WOI-WOII) ()

Locatie

Toponiem: Haringe.

Gelegen langs de Nachtegaalstraat, op circa 400m ten zuidwesten van de kerk van het gehucht Haringe (Roesbrugge), in een landelijke en licht glooiende omgeving.

Historische achtergrond

Britse begraafplaats in 1917 ontstaan bij ‘casualty clearing stations’ (C.C.S. of veldhospitaal). Naar aanleiding van de Derde Slag bij Ieper besliste het Britse Vijfde Leger om het aantal C.C.S.’s op te voeren. Dit om snelle opvang en verzorging van de vele duizenden gewonden mogelijk te maken. Bandaghem bestond in de zomer van 1917 uit 2 C.C.S.’s, namelijk het 63ste en 62ste, die allebei doden te begraven hadden. Bijzettingen van deze en andere veldhospitalen (onder meer het 36ste C.C.S. in 1918) gingen door tot oktober 1918. De meeste doden kwamen om tijdens de Derde Slag bij Ieper (najaar 1917) en het Duitse Lente-Offensief (voorjaar 1918). De naam ‘Bandaghem’ is het gevolg van de creativiteit van enkele militairen, als een samenvoeging van ‘to bandage’ (verbinden) met een Vlaams klinkend achtervoegsel.

Het 63ste C.C.S. nam in principe enkel zieken op en het 62ste C.C.S. behandelde vooral zenuwgevallen. Vandaag heet dit verschijnsel 'shell shock', 'shock', 'battle fatigue', 'post-traumatisch stress-syndroom' enz. De psychiatrie stond bij het begin van de oorlog nog in zijn kinderschoenen. Voor neurosen zocht men een fysieke oorzaak of werden de verschijnselen toegedicht aan lafheid. De ‘regimental aid posts’ (R.A.P.), de medische posten direct achter het front, moesten de diagnose stellen en de zenuwgevallen naar de basishospitalen evacueren. Ze hadden daar echter tijd noch kennis voor. Tegen dat de patiënten in Engeland arriveerden, hadden de symptomen zich gefixeerd. Vanaf 1917 begon men toch meer in te zien dat traumata ook een psychische oorzaak konden hebben, maar nog werd het verschijnsel niet ernstig aangepakt. Voortaan kregen de patiënten in de R.A.P.’s enkel de aanduiding N.Y.D.-N. (Not Yet Diagnosed - Nervous cases) en werden doorverwezen naar specifieke hospitalen, onder andere naar nummer 62 te Haringe. Hier werden ze 1 maand gehouden om de 'echte' gevallen te onderscheiden van de zogenaamde veinzers. Enkel de hoofdgeneesheer mocht een diagnose stellen. De patiënten werden ofwel direct naar het front teruggestuurd, ofwel na een therapie (rust of boerderijwerk), ofwel werden ze naar basishospitalen in Rouen of Etaples geëvacueerd. Er werden waarschijnlijk ook nog patiënten geëxecuteerd. Het 62ste C.C.S. te Bandaghem kreeg in totaal zo’n 5000 gevallen binnen, waarvan uiteindelijk slechts 16% naar basishospitalen geëvacueerd werd.

Oorspronkelijk lagen hier meer doden begraven. Na de oorlog werden 4 Franse perken ontruimd. Volgens het huidige register liggen er nu in totaal 816 doden, waaronder 5 Britse doden uit de Tweede Wereldoorlog. Wat de Eerste Wereldoorlog betreft, gaat het om 746 doden uit het Verenigd Koninkrijk (waarvan 5 ongeïdentificeerd), 2 Australiërs, 6 Canadezen, 11 Nieuw-Zeelanders, 7 Zuid-Afrikanen, 38 Duitsers (waarvan 3 ongeïdentificeerd) en 1 Franse burger. Bij de Britse doden zijn ook 4 mannen van het ‘Chinese Labour Corps’ meegerekend.

Furlonger, Johnson en Farren (perk III rij D graven 31, 32 en 33) behoorden tot de ‘Royal Engineers’. Ze verkregen postuum de eerder zeldzame ‘Albert Medal’ (AM). Op 30 april 1918 was een wagon met munitie ontploft. Doordat 5 mannen erin slaagden de locomotief tijdig terug aan de brandende wagon te koppelen en die weg van het munitiedepot te manoeuvreren, werd erger voorkomen. 3 van de 5 mannen overleden bij de ontploffing en alle 5 kregen ze de Albert Medal. Deze medaille werd vanaf 1866 ingesteld en was bedoeld om daden van uitzonderlijke dapperheid te belonen.

De aanleg van Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery is van de hand van R. Blomfield (hoofdarchitect) en W.C. Von Berg (uitvoerend architect).

Beschrijving

Begraafplaats met onregelmatig grondplan en een oppervlakte van 2264m². Het terrein is licht golvend en wordt omgeven door een haag uit meidoorn. Toegang aan de noordwestzijde via een smeedijzeren hekken, bevestigd aan 2 pijlers uit witte natuursteen met het registerkastje en het opschrift ‘Haringhe Bandaghem Military Cemetery 1917-1918’.

Vanaf de toegang vertrekt een laan naar het ‘Cross of Sacrifice’ (type A1) er recht tegenover, waarachter een muurtje uit witte natuursteen is opgetrokken met de teksten van de landplaten. Vlakbij ligt de metalen informatieplaat en staat een schuilgebouw: een bakstenen gebouw, met zadeldak, gebroken fronton, rondbogige doorgang en een zitbank uit witte natuursteen. In het gebouw zijn de landplaten nogmaals terug te vinden onder een bepleisterd tongewelf. Een deel van het gebouw is afgesloten (dienstgebouw). De ‘Stone of Remembrance’ staat tegen de oostelijke zijde.

De graven liggen verspreid over 4 perken. In vele rijen zijn de grafstenen heel dicht tegen elkaar opgesteld. De Chinese en meeste Duitse graven zijn in de noordelijke hoek terug te vinden, evenals de 5 graven van Britten, die tijdens de Tweede Wereldoorlog omgekomen zijn. In perk II liggen er tussen de Commonwealthdoden ook nog enkele Duitse doden en 1 Fransman begraven. Het geheel wordt getooid met bloemperken, struiken en een honingboom.

  • Bezoekersinformatie Commonwealth War Graves Commission (nieuwe en oude registers).
  • BENAUWT R. 1987: Het Brits militair kerkhof Bandaghem te Roesbrugge-Haringe, West-Vlaamse Gidsenkring Westhoek XXIV.4, 9-10.
  • CHIELENS P. s.d.: De POP Route. Fietsen achter het front, Poperinge, IPS.
  • CUSHING H. 1936: From a surgeon's journal 1915-1918, London.
  • HOLT T. & V. 2003: Major & Mrs Holt's Battlefield Guide to the Ypres Salient, London.
  • LOUAGIE J. & NOLF K. 1998: Talbot House Poperinge. De Eerste Halte na de Hel, Poperinge.
  • SCOTT M. 1992: The Ypres Salient. A guide to the cemeteries and memorials of the Salient, Norwich-Norfolk.

Bron: DECOODT H. & BOGAERT N. 2002-2005: Inventarisatie van het Wereldoorlogerfgoed in de Westhoek, project in opdracht van de provincie West-Vlaanderen, “Oorlog en Vrede in de Westhoek”, en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen.
Auteurs:  Bogaert, Nele, Decoodt, Hannelore
Datum:


Je kan deze pagina citeren als: Bogaert, Nele; Decoodt, Hannelore: Haringhe (Bandaghem) Military Cemetery [online], https://id.erfgoed.net/teksten/195915 (geraadpleegd op )