Teksten van Handelspand in neobarokstijl

Handelspand in neobarokstijl (2017)

Historiek en context

Monumentaal handelspand in neobarokstijl op de zuidelijke hoek van Leysstraat en Kipdorpvest, naar een ontwerp door de architect Ernest Dieltiëns. Naast één of meerdere winkels, omvatte het programma vermoedelijk woningen, appartementen of kantoorsuites. Het pand vormt het pendant van het Grand Hôtel Métropole op de noordelijke hoek van Leysstraat en Kipdorpvest, waarvan het ontwerp door de architect Frans Van Dijk uit 1899 dateert. De monumentale, symmetrische hoekgebouwen werden als ensemble ontworpen en gelijktijdig opgetrokken in opdracht van de Stad Antwerpen. Zij markeren de toegang tot de nieuw aangelegde Leysstraat vanaf de Teniersplaats, de verbindingsas tussen De Keyserlei en Centraal Station enerzijds, Meir en Groenplaats anderzijds. Voor dit prestigieuze bouwproject met beeldbepalend karakter, engageerde het stadsbestuur twee ervaren architecten, die zich al eerder hadden onderscheiden met grootse openbare bouwwerken. Beide panden hebben hun volume, opbouwschema, profiel en silhouet gemeen, maar vertonen subtiele verschillen in de detailuitvoering.

Het gebouw behoort tot het rijpe oeuvre van Ernest Dieltiëns, winnaar van de Prijs van Rome in 1871. Omstreeks 1880, vroeg in zijn loopbaan, liet hij zich opmerken met belangrijke realisaties in opdracht van het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen en de stad Antwerpen, zoals het Meisjesweeshuis aan het Professor Claraplein, het verdwenen Ouderlingenhuis in de Lange Lozanastraat en het Zuiderpershuis aan de Waalsekaai. Van de late jaren 1880 tot begin jaren 1900 drukte de architect zijn stempel op de ontwikkeling van de wijk Zurenborg, met de Sint-Norbertuskerk aan de Dageraadplaats, en een groot aantal groepsbebouwingen in sobere neoclassicistische of exuberante neo-Vlaamserenaissance-stijl. Het meest beeldbepalende van deze woningensembles, die voor het merendeel ontstonden in opdracht van de Naamlooze Maatschappij voor het Bouwen van Burgershuizen, is de eenheidsbebouwing op de rotonde van de Cogels-Osylei.

Architectuur

Met een gevelbreedte van vijf bij drie bij vijf traveeën, omvat het afgeschuinde hoekgebouw vier bouwlagen en een terugwijkende attiekverdieping onder leien koepel- en schilddaken. Het rijk geornamenteerde gevelfront onderscheidt zich door een parement uit witte natuursteen, met gebruik van blauwe hardsteen voor de brede puilijst en accenten uit rood graniet voor de pilasters van de pui en de zuilen van de bovenbouw. Weelderig van opzet met een overvloed aan ornamenten, cartouches, voluten en lijstwerk, ontleent het gevelfront zijn dynamisch karakter en plastisch reliëf met expressieve licht- en schaduwcontrasten, aan het levendige spel van vensterregisters, balkons, loggia’s en erkers, en het zwierige profiel van de topgevels. Geleed door entablementen en doorgetrokken borstweringen, en geritmeerd door pilasters, beantwoordt de opstand aan een klassieke driedeling opgebouwd uit de pui, de twee hoofdverdiepingen in kolossale orde en de als attiek uitgewerkte topgeleding. De opengewerkte winkelpui, die op de hoek als rotonde uitspringt, wordt geritmeerd door pilasters uit rood en zwart graniet met bronzen lijstwerk. Een klassiek entablement met architraaf, kroonlijst op voluutconsoles en een met marmer beklede fries vormt de overgang naar de bovenbouw, die wordt gemarkeerd door een doorgetrokken, geajoureerde borstwering. Composiete gietijzeren colonnetten ondersteunen het drieledige hoekportaal, dat oorspronkelijk werd geflankeerd door vandaag verdwenen zijportalen met entablement.

Volkomen symmetrisch van opzet, bestaat de bovenbouw uit een sterk geaccentueerde hoekpartij waarvan het afgeschuinde middenrisaliet wordt bekroond door een peervormige koepel met lantaarntoren, en twee gespiegelde zijflanken met een verhoogde halsgevel in de middenas. Een kolossale colonnade van Corinthische zuilen, de buitenste met schacht uit rood graniet, markeert de twee hoofdverdiepingen van het risaliet. In de middenas is een een aediculavenster met Ionische zuilen uit rood graniet en een gebroken gebogen fronton geïntegreerd, de borstweringen dragen een cartouche met zeemeermin. Dit geheel wordt geflankeerd door twee monumentale beeldnissen met een cartouche op de sokkel en een torenvormig baldakijn als bekroning, waarin allegorische vrouwenfiguren. Het linker beeld door Jules Anthone verbeeldt de Herfst met een vruchtenkorf en hert als attributen, het rechter beeld door Alphonse Van Beurden verbeeldt de Winter met een spinrokken en spinnewiel als attribuut. De rondboogloggia van de derde verdieping, geflankeerd door siervazen op de geajoureerde borstwering, is in de middenas uitgewerkt als rijk bewerkte, halfronde erker met ingesnoerde basis, balusterzuilen en een balkon als bekroning. Hierbij sluit de tweeledige geveltop aan, een verhoogde halsgevel met voluten en siervazen, die wordt geflankeerd door cartouches met putti van Josuë Dupon en bewerkte schoorstenen. Rechthoekige loggia met composiete zuilen in de eerste geleding, reliëf met het gekroonde stadswapen van Antwerpen tussen de wildeman en -vrouw door Georges Geefs in de tweede geleding. Een gebroken gebogen fronton, en een cartouche met driehoekig fronton vormen het topstuk, bekroond door een vergulde adelaar van Jules Weyns. Boven de koepel met vergulde guirlandekrans rijst de lantaarntoren uit, omringd door een loopgang met vier flankeertorentjes en bekroond door een ingesnoerde, meerledige spits.

De licht gewelfde traveeën die het hoekrisaliet flankeren en de overgang vormen naar de zijflanken, onderscheiden zich op de eerste verdieping door eenzelfde aediculavenster, respectievelijk met de dierenriemtekens Weegschaal (herfst) en Steenbok (winter) op de cartouche, en een balkon. Geflankeerd door siervazen, wordt het dakvenster met gebroken fronton en oculus bekroond door een koepel met topstuk. Beide zijflanken zijn opgebouwd uit registers van rechthoekige vensters en een rondboogloggia. Twee erkerloggia’s met geajoureerde borstwering, uitgelengde consoles en een koepelbaldakijn op composiete zuilen, flankeren op de tweede verdieping het middenrisaliet. Daarvan is de borstwering is versierd met een rood granieten paneel tussen cornucopia, en wordt de derde verdieping geaccentueerd door een balkon op consoles met wortelmotief, een cartouche en een geblokte waterlijst met voluutsleutel en siervaas. De tweeledige geveltop, een verhoogde halsgevel met cartouches, voluten en siervazen, bestaat uit een loggia met kraagstenen en een topstuk met guirlandemedaillon en driehoekig fronton. Het houten schrijnwerk van de bovenvensters is bewaard.

  • S.N. 1904: Maison au coin sud de la rue Leys, à Anvers, L'Emulation 29, plaat 47-48.

Bron: -
Auteurs:  Braeken, Jo
Datum: 2017


Je kan deze pagina citeren als: Braeken, Jo: Handelspand in neobarokstijl [online], https://id.erfgoed.net/teksten/203699 (geraadpleegd op 20-06-2021)


Hoekgebouw in neobarok (1979)

Monumentaal hoekgebouw in neobarokstijl naar ontwerp van architect Ernest Dieltiens van 1901, symmetrisch opgebouwd met Noordelijk hoekgebouw, nummer 27-29. Hoog oplopende centrale afgeschuinde hoektravee, echter gedeeltelijk verscholen achter reclamepanelen met indrukwekkende bekronende peervormige koepel met een monumentale lantaarn, waarond loopgang en vier flankerende kleinere koepels. Centrale muurpartijen gevat tussen monumentale granieten composiete zuilen en grootse vrijstaande beelden in hoeknissen geplaatst: links de Herfst (Jules Anthone) met hertekop en rechts de Winter met spinnewiel (Alphonse Van Beurden). Rechthoekige vensters op vierde bouwlaag, erkervormige uitbouw. Bijzonder weelderige en plastisch uitgewerkte in- en uitgezwenkte top met open gaanderij op composiete zuilen; centrale gevelsteen met gekroond stadswapen (Georges Geefs) en twee schilddragers, flankerende voluten, siervazen en bekronend gebroken gebogen fronton, driehoekig fronton en vergulde adelaar met gespreide vleugels (Jules Weyns). Naast de top twee putti (Josué Dupon).

Aansluitende puntgevels, Leysstraat 28 en Kipdorpvest 32-34, vertonen een gelijke opbouw in een eclectische mengstijl met vijf bouwlagen en vier traveeën onder leien schilddaken. Plastische gevelritmering door middel van erkervorming uitgewerkte balkons met koepelvorminge bekroning op derde bouwlaag, achteruitspringende rondboogvensters op vierde bouwlaag en centrale balkons op tweede en vierde bouwlaag Centrale partij (loggia) bekroond door een rondboog met gebogen waterlijst. Vijfde bouwlaag rechthoekige vensters, twee centrale vensters achteruitspringend, vormen aanzet voor de top met voluten, siervazen, centrale medaillons en driehoekig fronton. Achteruitspringende sierschouwen.

  • Stad Antwerpen Dienst voor Werken, Bouwaanvraag 1901.
  • L'Emulation, 1904, pl. 47-48.

Bron: De Munck-Manderyck M., Deconinck-Steyaert R. & Plomteux G. met medewerking van Linters A. 1979: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Bouwen door de eeuwen heen 3NB, Brussel - Gent.
Auteurs:  Manderyck, Madeleine, Plomteux, Greet, Steyaert, Rita
Datum: 1979


Je kan deze pagina citeren als: Manderyck, Madeleine; Plomteux, Greet; Steyaert, Rita: Handelspand in neobarokstijl [online], https://id.erfgoed.net/teksten/5451 (geraadpleegd op 20-06-2021)