Gebeurtenis

Herinventarisatie Tentoonstellingswijk Antwerpen

inventarisatie
ID: 1179   URI: https://id.erfgoed.net/gebeurtenissen/1179

Beschrijving

In twee fases werd het bouwkundig erfgoed in de bekende Antwerpse Tentoonstellingswijk geherinventariseerd. Gestart in 2015, was het project in december 2016 volledig klaar.

De Stad Antwerpen nam het initiatief om het internationaal vermaarde bouwkundig erfgoed in de Tentoonstellingswijk integraal te laten herinventariseren. In een eerste fase vulden ruim vijftig nieuwe fiches de hiaten op vlak van pure, modernistische interbellumarchitectuur aan. De tweede fase zette in op een grondige update van de oude inventarisfiches, op naoorlogse gebouwen in de wijk en op de conventionele architectuur die in deze modernistische wijk ook zijn plaats heeft gevonden. De onderzoekers maakten er daarenboven een erezaak van om zoveel mogelijk interieurs te documenteren.

Eerste fase: Van masterproef tot herinventarisatie

De hoge concentratie aan kwalitatieve modernistische architectuur in de Tentoonstellingswijk inspireerde Francisca Vandekerckhove in 2002 voor de keuze van het onderwerp van haar masterproef aan de Rijksuniversiteit Gent. De lijst die zij als basis voor haar studie "De tentoonstellingswijk te Antwerpen" maakte, telde een zestigtal modernistische panden meer dan de bestaande inventaris van het bouwkundig erfgoed, zoals opgemaakt in de reeks Bouwen door de Eeuwen heen in Vlaanderen in 1989. Het was een opportuniteit om vanuit deze masterproef te vertrekken voor een aanvulling van de oude dataset. De stad Antwerpen zorgde voor opstart, omkadering en voor het nodige budget om de panden te fotograferen, te onderzoeken, te beschrijven en te verwerken in de inventariswebsite van het agentschap Onroerend Erfgoed.

Elke Van Severen en Steven Van den Borne van GUMA NV voerden het project eind 2015 uit. De bijdrage die Charlotte Loosen in 2013 heeft geleverd met haar onderzoek naar de interieurs in de Tentoonstellingswijk, bleek een onontbeerlijke bron bij de opmaak van de inventarisfiches. Het agentschap Onroerend Erfgoed stond in voor de inhoudelijke en praktische begeleiding van de onderzoekers en voor de publicatie van de gegevens op de inventariswebsite.

Tweede fase: een update

Toen begin 2016 de nieuwe inventarisfiches van de Tentoonstellingswijk online verschenen, werd het pas echt duidelijk dat de oude inventarisfiches van de wijk dringend een update nodig hadden. GUMA zocht voor die fiches alle relevante archiefstukken en literatuur bijeen. De nieuwe teksten zijn uitermate gedetailleerd en behandelen de panden van voorontwerp tot detail.

Deze panden, al geselecteerd en naar waarde geschat tijdens het inventarisproject van de jaren 1980, registreren de highlights van de Tentoonstellingswijk. Ze beschrijven die architecturale toppers waaraan de wijk haar roem ontleent. Het kruim werd beschermd als monument: de school in de Pestalozzistraat natuurlijk, net als vier iconische, als monument beschermde woningen van toparchitecten in de wijk: Geo Brosens, Eduard Van Steenbergen, Leon Stynen en Huib Hoste.

Ondanks een reeks ontwerpen van topniveau, is het gros van de realisaties eerder gematigd modernistisch. Uit de grondige evaluatie van de indeling van de geselecteerde woningen op basis van de plattegronden in de bouwdossiers, blijkt dat de meeste modernistische architectuur in de Tentoonstellingswijk eigenlijk eerder conventioneel van opvatting is. De traditionele plattegronden staan soms in schril contrast met de eigentijdse gevelaanpak. Vernieuwende interieurconcepten zijn zelfs in deze wijk zeldzaam. De avant-garde-interieurs krijgen dan ook steeds uitgebreid aandacht in de fiches. Een goed voorbeeld is de eigen woning van Gustaaf Jacobs.

Naoorlogse architectuur

Een ander belangrijk streven bij de herinventarisatie van de Tentoonstellingswijk was het belichten van de kwalitatieve naoorlogse architectuur. Die was minder talrijk aanwezig dan gedacht, en leverde acht nieuwe fiches op.

Behalve de twee duidelijk herkenbare werken van Marc Appel en Jan Welslau, zijn er twee realisaties van Eduard Van Steenbergen bij, allemaal topvoorbeelden van het naoorlogse modernisme. Ook de minder bekende Robert Marevoet werkte in die traditie verder, in de geest van zijn leermeesters Paul Smekens en Léon Stynen.

De Deurnese architect Etienne Oppeel en Dolf Mouwen uit Borgerhout speelden met hun meer traditionalistische halfvrijstaande woningen in op de stedelijke richtlijnen voor Serigiersstraat en de Ryckmansstraat, waar voortuinen en schild- en pseudo-mansardedaken waren voorgeschreven. Hiermee wordt afgeweken van de overwegend aaneengesloten bebouwing onder platte bedaking in gematigd modernistische stijl die karakteristiek is voor de Tentoonstellingswijk.

Het appartementsgebouw dat Marc Remaut in 1959 realiseerde voor het Architectenbureau Style Building, onderscheidt zich kwalitatief van de conventionele, veeleer banale appartementsgebouwen die gangbaar zijn in de jaren 1950.

De halfronde stedelijke kleuterschool ten slotte, vormt een prachtig voorbeeld van de moderniteit die na de oorlog ook in de scholenbouw doorsijpelde.

Conventionele stijl

Tegenover het modernistische idioom staat de opvallende aanwezigheid van burgerhuizen in meer conventionele, traditionele stijlen. Deze trend uit zich duidelijk in de Vlaamsekunstlaan, met een reeks woningen die qua volume, vormgeving en materiaalgebruik voortbouwen op de architectuur van de stadsvilla’s en herenhuizen in conventionele art deco op de Jan van Rijswijcklaan.

In de pastorie van de Kristus-Koningkerk vond Jos Smolderen een compromis tussen de moderniteit en een aantal opmerkelijke, traditionele en art-deco-elementen zoals het opvallende hoge schilddak met dakkapellen en de fors uitgewerkte erkervolumes. Het is hoogst verwonderlijk dat deze samen met de kerk ontworpen pastorie niet bij de eerste inventarisatie van de wijk werd geselecteerd. Met de herinventarisatie is dit euvel gelukkig rechtgezet.

Interieurs

De pastorie is meteen ook een voorbeeld van de woningen waarvan de belangrijkste elementen van het interieur werden geregistreerd. Binnen het opzet van de inventarisatie van het agentschap Onroerend Erfgoed, in principe afgaand op de evaluatie van de gevels, zijn waardevolle interieurs onderbelicht. Op vraag van de stad werd bij de herinventarisatie van de Tentoonstellingswijk zoveel mogelijk aandacht besteed aan dit aspect van het bouwkundig erfgoed. Van 28 panden zijn de interieurs bezocht, gedocumenteerd en beschreven. Om privacyredenen moeten we de lezer het fraaie fotomateriaal onthouden, dat echter essentieel kan zijn bij de begeleiding van eventuele wijzigingen van de betrokken panden in de toekomst.

Bron     : -
Auteurs :  Hooft, Elise
Datum  : 2016


Bekijk gerelateerde erfgoedobjecten

Jan Baptist Verlooystraat 5 (Antwerpen)
Appartementsgebouw in naoorlogs modernisme naar ontwerp uit 1959 van Marc Remaut voor het Architectenbureau Style Building, mogelijk opgericht als tijdelijke vereniging, onder leiding van Remaut en bouwkundige J.A. Vanden Poel. Opdrachtgever was Corneel Aerts. Wellicht gaat het om appartementen voor een gegoed cliënteel.


Camille Huysmanslaan 75 (Antwerpen)
Appartementsgebouw in art-decostijl, in 1935-1936 gebouwd als opbrengsteigendom voor de Hobokense tandarts Cyriel Borghgraef naar een ontwerp van architect Frans Cools.


Vlaamsekunstlaan 12 (Antwerpen)
Appartementsgebouw in gematigd modernistische stijl, naar een ontwerp uit 1935 van architect Arie Landwaard in opdracht van de gezusters Ludovica en Amalia Coertjens.